Senegalese zanger Youssou N’Dour wordt minister van Cultuur

Youssou N'Dour steunde tijdens de verkiezingscampagne Macky Sall, de nieuwe president van Senegal. Foto AFP / Seyllou

De Senegalese zanger Youssou N’Dour mocht niet meedoen aan de presidentsverkiezingen van zijn land, maar heeft nu wel een belangrijke positie in de wacht gesleept. De nieuwe president Macky Sall maakte bekend dat N’Dour is benoemd tot minister van Cultuur en Toerisme.

N’Dour, vooral bekend van zijn grote hit 7 Seconds met de Zweedse zangeres Neneh Cherry uit 1994, wilde het bij de verkiezingen opnemen tegen de 85-jarige president Wade. Het constitutionele hof van Senegal besloot eind januari dat hij niet mocht meedoen omdat hij niet aan de voorwaarden voldeed.

N’Dour steunde Macky Sall tijdens verkiezingscampagne

In de verkiezingscampagne steunde N’Dour vervolgens Macky Sall, die eerder deze week werd geïnaugureerd als de nieuwe president van Senegal. Hij volgde zijn voormalige mentor Abdoulaye Wade op. N’Dour zei tijdens de campagne dat hij alleen nog zou optreden bij het verlies van Wade.

Wade mocht eigenlijk niet meedoen omdat een derde termijn bij de grondwet verboden was. Maar deze werd aangepast voor de verkiezingen wat bij de eerste stemronde tot hevige rellen en doden leidde. Na de overwinning van Sall gingen duizenden inwoners van de hoofdstad Dakar de straat op om het vertrek van Wade te vieren.

Correspondent Pauline Bax noemde de verkiezingen in NRC Handelsblad eerder een “test voor de democratie” in Senegal.

“Twaalf jaar geleden werd Wade op het schild gehesen als de man die sukkelend Senegal nieuw leven zou inblazen. Hij was de favoriete kandidaat van de vele werkloze jongeren die het vertrouwen in de politieke elite hadden verloren. De verkiezingen van 2000 waren de eerste in postkoloniaal Afrika waarin een gekozen staatshoofd zonder tegensputteren zijn verlies nam en plaats maakte voor een rivaal. Dat maakt Senegal bijzonder: het is een ‘democratische uitzondering’ in een continent dat geteisterd wordt door staatsgrepen en verkiezingsgeweld.”