Een kleurrijke, vreselijk aardige man die net iets te ijdel was

John Leerdam, theatermaker en Kamerlid, is een uitbundig man. Een grap van een radioshow maakt een eind aan zijn politieke loopbaan.

Aan gevoel voor eigenwaarde heeft het John Leerdam nooit ontbroken. De Ridderorde die hij in 1999 van koningin Beatrix ontving „voor het met verve vervullen van de rol van culturele bruggenbouwer in theater en politiek” (zijn eigen woorden), prijkt bijzonder vaak op zijn revers.

Gisteren werd Leerdams ijdelheid hem fataal. Na een pijnlijke publicitaire uitglijder besloot hij zijn tijdelijk lidmaatschap van de Tweede Kamer per direct op te geven. Tegen een interviewer van het 3FM-radioprogramma Giel had Leerdam gezegd veel te weten over een niet-bestaande straatterrorist, Jael Jablabla.

„In dit interview heb ik mij laten verleiden tot uitspraken die niet alleen mijn geloofwaardigheid hebben geschaad, maar ook die van de Kamer als geheel en mijn partij”, zegt de PvdA’er in een verklaring.

Met Leerdams vertrek lijkt een definitief einde te zijn gekomen aan een politieke carrière die de laatste tijd al behoorlijk in het slop was geraakt.

John Leerdam (50) bracht zijn jeugdjaren door op het eiland Curaçao, waar hij is geboren. Begin jaren tachtig kwam hij naar Nederland om te studeren, eerst aan de theaterschool in Maastricht, later op de regieopleiding in Amsterdam. Na een verblijf in New York werd hij eind jaren negentig directeur van het multiculturele theater Cosmic in Amsterdam.

Zijn ambities om de politiek in te gaan, had Leerdam – inmiddels lid van de Partij van de Arbeid – toen al regelmatig kenbaar gemaakt. In 2003 ging zijn wens in vervulling: hij werd lid van de Tweede Kamer.

Zijn jaren als volksvertegenwoordiger waren niet altijd even succesvol. Leerdam voerde het woord over cultuur en over de Antillen; zaken die hem na aan het hart lagen, maar in het parlement niet altijd even hoog op de agenda stonden.

Meer opzien baarde Leerdam met zijn toneelstukken, die hij ondanks zijn drukke baan bleef regisseren. De handige netwerker Leerdam wist een lange stoet collega-politici zover te krijgen een rol te spelen in zijn producties.

Voormalige politieke collega’s typeren Leerdam als „kleurrijk” en „een vreselijk aardige, warme man”. Op het Binnenhof stond hij bekend om zijn uitbundige knuffelpartijen: verslaggevers, collega-politici en lobbyisten werden – zonder aanzien des persoons – aan de borst gedrukt.

Oud-Kamerlid en partijgenoot Frank Heemskerk herinnert zich hoe Leerdam in 2003, nadat de PvdA door het CDA uit de kabinetsformatie was gewerkt, tijdens de fractievergadering een Antilliaans troostlied aanhief. „We moesten elkaars hand vasthouden, John ging staan en begon te zingen.”

Bij de verkiezingen van 2010 belandde Leerdam op een lage plaats op de PvdA-kandidatenlijst, plek 33. Ondanks een campagne om 33.000 handen te schudden, kreeg hij niet het benodigde aantal voorkeursstemmen om in de Kamer te komen. Door de vele mutaties in de PvdA-fractie was hij er sinds februari weer terug. Maar niet voor lang.