Opinie

    • Peter Vandermeersch

Een journalistiek monument legt de pen neer

Vorige week bereikte mij een brief van Jérôme Heldring met een wel heel droevige inhoud. Onze oud-hoofdredacteur en een van onze meest gewaardeerde medewerkers kondigt aan dat hij stopt met zijn wekelijkse column. ‘Mij ontbreekt alle inspiratie tot schrijven’, meldt Heldring in zijn brief.  ‘Aangezien ik niet in herhaling van uitgekauwde thema’s wil vervallen, lijkt het mij beter een einde te maken aan mijn rubriek’.

Deze brief van 28 maart kwam al bij al onverwacht. Heldring mag dan intussen ruim 94 jaar oud zijn, in een brief van 9 maart had hij nog heel dankbaar gereageerd op een schrijven van de hoofdredactie, waarin we hem prezen voor zijn columns. ‘Bewoordingen die een laudatio nabij kwamen’, zei hij over de ‘morele opkikker die uw brief mij gaf’.

Heldring begon zijn carrière bij de NRC in 1945, was hoofdredacteur van de (fusie)-krant van 1968 tot 1972 en schreef sedert 1960 een column. Bij het aantreden van elke hoofdredacteur bood hij, ‘zoals een columnist dat hoort te doen’, zijn ontslag aan. Alle hoofdredacteuren vroegen hem, gelukkig maar, met klem zijn uitstekende column verder te zetten. Zelf schreef ik hem bij mijn aantreden in september 2010 dat ik zonder meer trots was dat ik hem tot onze columnisten mocht blijven rekenen.

Maar nu zet Heldring er tot mijn grote spijt dus een punt achter. Donderdag publiceren we de laatste column van de man die zonder meer een journalistiek monument is.  En ook zaterdag komen we nog eens terug op zijn afscheid.

Mijnheer Heldring, ik maak voor u een diepe buiging.