'Ik moest toch een keer uit die ' comfort zone

Birgit Donker verlaat na 21 jaar de krant waar ze onder meer hoofdredacteur was. „Mijn vertrek komt voort uit een positieve keuze.”

Birgit DONKER (1965) Hoofdredacteur van NRC Handelsblad & NRC next van 2006 tot 2010. foto VINCENT MENTZEL. Nederland. Rotterdam, 3 augustus 2010
Birgit DONKER (1965) Hoofdredacteur van NRC Handelsblad & NRC next van 2006 tot 2010. foto VINCENT MENTZEL. Nederland. Rotterdam, 3 augustus 2010 ©Vincent Mentzel 2010

„Wat ik het meest ga missen?” Voor het eerst in het gesprek laat Birgit Donker een stilte vallen. „De dagelijkse opwinding”, zegt zij. „Dat is toch het bijzondere aan ons vak. Het gevoel: we hebben eigen nieuws! Spannend!”

Na 21 jaar verlaat Donker NRC Handelsblad. Per 1 juli wordt zij directeur van het Mondriaan Fonds, het landelijk stimuleringsfonds voor beeldende kunst en cultureel erfgoed dat eind vorig jaar ontstond uit een fusie van het Fonds BKVB en de Mondriaan Stichting. De 47-jarige Donker volgt Gitta Luiten (Mondriaan Stichting) en Lex ter Braak (Fonds BKVB) op.

Het is haar derde managementfunctie. In 1999 werd Donker, na een correspondentschap in Brussel, adjunct-hoofdredacteur van NRC Handelsblad. Zeven jaar later volgde het hoofdredacteurschap, ook van ochtendkrantnrc.next en nrc.nl.

Die functie legde Donker in de zomer van 2010 neer na een conflict binnen de directie over redactionele onafhankelijkheid. De afgelopen anderhalf jaar schreef zij voor de kunstredactie.

Je bent gevormd door deze krant. Waarom weggaan?

„Na elf jaar hoofdredactie voelde de kunstredactie als een nieuw begin. Ik bloeide er op, heb er veel geleerd. Tot mijn opluchting was ik het schrijven niet verleerd. In de kunstwereld ontmoette ik gepassioneerde mensen. Dat inspireerde, ik had dit werk nog wel jaren kunnen blijven doen.

„Maar eind 2011 vroeg een headhunter of ik wilde solliciteren bij het Mondriaan Fonds. Ik ging op gesprek en merkte dat ik er vrolijk van werd. Nadenken over strategie, langetermijnplannen maken, dat doe ik toch het liefst. Ik zal NRC missen, het voelt als een scheiding. Maar ik moest toch een keer uit die comfort zone.”

Veel collega’s dachten dat je de krant in 2010 zou verlaten, na het conflict binnen de directie.

„Ik ben blij dat ik dat niet heb gedaan. Destijds zou ik de deur met een chagrijnig gevoel achter mij hebben dichtgetrokken. Nu komt mijn vertrek voort uit een positieve keuze.”

Na elf jaar hoofdredactie was je weer ‘gewoon’ redacteur. Even wennen?

„In het begin was het wat vreemd. Als ik iemand belde omdat ik de eindredactie deed, werd er niet begrijpend gereageerd: wat wil ze precies? Maar het wende snel. Ik vond het heerlijk wat dichter tot collega’s te staan. Samen de slappe lach krijgen, lekker keten. Problemen maken in plaats van oplossen...”

In je nieuwe functie zal dat allemaal wat minder worden.

„Ja, maar ik vind het prettig aan het roer te staan. En het leuke van de kunstsector is dat er nog zo veel te doen valt. Er wordt veel mooie kunst gemaakt en we hebben prachtig cultureel erfgoed, maar burgers hebben onvoldoende het gevoel dat dat allemaal van hén is. Ik wil de betrokkenheid vergroten, niet alleen met exposities, maar ook met nieuwe media, zoals crowd funding. En ik juich het toe dat de kunstwereld nieuwe wegen inslaat. De samenwerking tussen Philips Research en het Van Abbemuseum in Eindhoven is daar een goed voorbeeld van.”

Door de fusie wacht het Mondriaan Fonds een forse bezuiniging. Een deel van het personeel zal verdwijnen, schreef je vorig jaar zelf.

„We gaan terug van 42 miljoen naar 25. De overheadkosten mogen maar 10 procent bedragen, de rest gaat naar kunstinstellingen en kunstenaars. Dat neemt niet weg dat er minder geld voor banen komt.”

Ben je zelf kunstzinnig?

„Ik ben geen vrijetijdsbeeldhouwer, als je dat bedoelt. Maar kunst kan mij wel ontroeren, het voelt vertrouwd. Tijdens de vele reizen die ik als correspondent maakte, schoot ik vaak een museum in.”

Deze week komt er ook een boek van je uit over kleine mannen. Wat heb je met dat onderwerp?

„Ik werd gevraagd door uitgeverij Contact. Omdat mijn jongste zoon een tijd lang de kleinste van de klas was – en daar moeite mee had – zei ik ja. Het is een intrigerend onderwerp. Kleine mannen zijn vaak geestig en invoelend. Youp van ’t Hek zei: ik had het niet zo ver geschopt als cabaretier als ik niet klein was geweest.”

Tot slot: wat voor krant laat je achter?

„Een internationaal georiënteerde krant met heel veel talentvolle journalisten waarin mooi geschreven wordt. Een krant die tegels licht, die toegankelijker en aantrekkelijker is dan toen ik er kwam werken. Maar het DNA is nog altijd hetzelfde.”

Het Grote Verhaal: pagina 12 en 13