Wie 250 euro per uur vraagt, zit op de Ruttenorm en is geen graaier

Wie zich druk maakt over het zogenoemde graaien van zelfstandigen moet eens uitrekenen wat een vaste baan eigenlijk kost, vindt Arjan van den Born.

De SER pleit voor meer bewustwording onder zelfstandigen ten aanzien van hun tariefstelling. Maar recente kwesties over vergoedingen van zelfstandigen, van Martijn Sanders voor zijn artistiek leiderschap van Brabantstad 2018 en van René Boenders voor de Willem Arondéuslezing, laten zien dat het probleem niet bij de zelfstandige ligt. Het zijn de politieke partijen en de media die stelselmatig de kosten van zelfstandig ondernemerschap onderschatten. Gevolg is dat projectmanagers die 85 euro per uur vragen, worden uitgemaakt voor graaiers, terwijl deze mensen niet veel meer dan een modaal inkomen verdienen. Daarom is het goed de discussie over tarieven te verhelderen aan de hand van een concreet voorbeeld: minister-president Mark Rutte.

Ondernemerschap is voor steeds meer mensen een reëel alternatief. In 2011 starten meer dan 140.000 ondernemers een nieuw bedrijf. Een absoluut record. Toch wordt de terugkeer van de zelfstandige door enkele politieke partijen met veel meewarigheid bekeken. Zij keren liever terug naar de jaren zeventig waar grote werkgevers opereerden in stabiele omgevingen. Deze onenigheid gaat ten diepste over de visie op werk, maar bij gebrek daaraan spitst de discussie zich toe op een heel concreet punt: het uurtarief. De PvdA, SP en PVV roepen daarbij in koor dat er sprake is van graaien.

Er is nauwelijks een tegengeluid. Deels omdat de discussie rondom tarieven enigszins technisch is. Maar als we een ondernemende economie willen creëren, waarin ook zelfstandigen premies betalen, is het belangrijk dat we beseffen dat uurtarieven en uurlonen onvergelijkbare grootheden zijn.

Het is goed om eens te kijken naar de totstandkoming van het uurtarief aan de hand van een concreet voorbeeld. Na het knappe succes van de Balkenendenorm wil ik daarom de Ruttenorm voorstellen. Waar de Balkenendenorm de maatstaf is geworden voor het graaien uit de overheidsruif door managers en directeuren, kan de Ruttenorm de maatstaf worden voor het grabbelen van de zelfstandige.

Stel dat Mark Rutte interim-premier was. Welk uurtarief zou Mark dan moeten rekenen om hetzelfde bruto jaarinkomen te verwerven, namelijk 144.000 euro? Mark Rutte, de zelfstandig ondernemer, moet in dat geval vele kosten zelf betalen. Natuurlijk de 25.000 euro aan pensioen en verzekeringspremies (o.a. wachtgeld) die nu door zijn werkgever betaald worden, maar ook zijn declaraties (jaarlijks 102.000 euro). Als interimmer moet Mark ook zijn auto met chauffeur betalen. De leaseauto is 3.779 euro per maand en zijn chauffeur kost jaarlijks ongeveer 60.000 euro aan salaris. Tot slot heeft de minister-president natuurlijk ook kosten voor huisvesting, telefoon, computer, etcetera. Deze kosten schatten we, op basis van openbaar gemaakte gegevens, op ruim 60.000 euro per jaar. De totale kosten van de minister-president zijn daarmee ongeveer 440.000 euro per jaar, ofwel ruim drie keer zijn brutoloon.

Volgens eigen zeggen werkt Mark Rutte 60 tot 70 uur per week, hoewel er ook weken zijn dat het een stuk rustiger is. Gelukkig voor de ondernemer Mark is de Kamer vaak op reces (15 weken per jaar) zodat er ook voldoende rustige momenten zijn. Een en ander betekent dat onze minister-president naar schatting 2.200 uren per jaar werkt. Voorwaar een knappe prestatie. Maar helaas kan de minister-president, als interimmer, niet al zijn gewerkte uren in rekening brengen. Zo zijn de werkzaamheden die hij verricht voor zijn partij, de VVD, natuurlijk niet te factureren aan de overheid. Als we ervan uitgaan dat Mark gemiddeld 20 procent van zijn tijd besteed aan het verder vooruit helpen van de VVD, betekent dit dat de zelfstandige minister-president ongeveer 1.800 uren per jaar echt in rekening kan brengen. Dit alles geeft aan dat Mark Rutte als zelfstandig ondernemer een uurtarief van 250 euro per uur moet vragen (440.000 euro totale kosten/1.800 te factureren uren) om zijn bruto inkomen van 144.000 euro te behouden. Daarbij zien we voor het gemak maar even af van de rol van bemiddelingsbureaus.

Natuurlijk is het voorbeeld van Mark Rutte enigszins spielerisch, maar het is wel van onschatbaar belang dat meer mensen begrijpen dat er een wereld van verschil bestaat tussen uurtarief en uurloon. Hierbij kun je als vuistregel stellen dat het uurtarief van een zelfstandige tussen de tweeënhalf tot vier keer zo hoog moet zijn als het bruto-uurloon van een werknemer om een vergelijkbaar inkomen te verwerven. Het is belangrijk dat we ons daarvan bewust zijn, zodat we allemaal beseffen dat projectmanagers die 85 euro vragen niet graaien, en dat zelfstandigen die 25 euro krijgen zich niet kunnen verzekeren voor arbeidsongeschiktheid en pensioen.

Dr. J.A. van den Born doet onderzoek naar zzp’ers, freelancers en contractors aan de universiteiten van Utrecht en Antwerpen.