Rode loper voor de koper op de Open Huizen Dag

Zaterdag doen 56.400 huiseigenaren mee aan de Open Huizen Dag. Ze halen alles uit de kast om kopers over de drempel te helpen, maar de kans op succes blijft relatief klein. De woningmarkt smacht naar koopgrage starters die de handel weer aan kunnen zwengelen.

Bij een vijfde van alle woningen die op Funda.nl te koop staan kun je dit weekeinde zonder problemen binnenwandelen. 56.400 Nederlanders doen zaterdag namelijk mee aan Open Huizen Dag. Het is een recordaantal en het tekent de malaise in de huizenmarkt: verkopers offeren graag hun vrije zaterdag op om verlost te worden van hun koopwoning.

Statistisch gezien is de kans op verkoop het grootst dat appartement in Almere. Want in groeistad Almere was de verkooptijd met gemiddeld 71 dagen het kortst. En van alle woningtypen worden appartementen nog altijd het meest verkocht: eenderde van alle transacties, blijkt uit de laatste kwartaalcijfers van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM).

Deelname aan een Open Huizen Dag versnelt de verkoop, belooft de NVM: van de huizen die hun deuren openden was vorige keer na een half jaar 17 procent verkocht. Van de huizen die niet meededen was slechts 10 procent in zes maanden verkocht.

Er doen relatief veel courante woningen mee aan de Open Huizen Dag. Toch zal de ene deelnemer zaterdag meer zijn best moeten doen om kopers over de drempel te halen dan de andere. Met name de verkoop van goedkopere woningen is vorig jaar teruggelopen. Appartementen bijvoorbeeld worden nog altijd het meest verkocht maar het aantal transacties liep terug met ruim 14 procent. Hetzelfde geldt voor het een na best verkochte woningtype – de tussenwoning – en voor hoekwoningen. Ter vergelijking: het aantal transacties van duurdere, vrijstaande woningen daalde in 2011 minder sterk (ruim 5 procent).

Dat komt omdat de prijzen van duurdere woningen al verder gezakt zijn, zegt een NVM-woordvoerder. Anders gezegd: bij duurdere woningen krijg je nu meer waar voor je geld: „Je kunt wel een spijkerbroek kopen bij C&A, maar als de merkwinkel om de hoek fantastische aanbiedingen heeft, geef je graag een paar euro meer uit.”

Volgens Taco van Hoek, directeur van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), is de stagnatie op de woningmarkt een probleem voor starters. Strengere hypotheekeisen maken zelfs goedkopere koophuizen voor deze groep moeilijk bereikbaar, zegt Van Hoek: „Een hoogopgeleide starter met een modaal inkomen die tot een paar jaar geleden 180.000 euro kon lenen voor zijn eerste huis, krijgt nu vaak niet meer dan 155.000 euro hypotheek. Dat maakt de keuze beperkt en dat is vervelend, want juist de groep starters kan de woningmarkt weer in beweging krijgen. De verkoper van een starterswoning koopt op zijn beurt weer een grotere woning en zo draait de carrousel dan door.”

Ook regionaal zijn er grote verschillen. In Amsterdam werden in het laatste kwartaal van vorig jaar ruim 1.500 appartementen via een NVM-makelaar verkocht, in Rotterdam ging het om de helft daarvan.

De ‘ruggegraat’ van de huizenmarkt loopt diagonaal door Nederland langs de A2, vertelt Friso de Zeeuw, bijzonder hoogleraar gebiedsontwikkeling en directeur nieuwe markten bij het Bouwfonds. „Het is ongeveer de lijn Alkmaar-Amsterdam-Utrecht-Den Bosch-Eindhoven”, zegt De Zeeuw. „Er zit nog een stuk van Gelderland bij en sterke lokale markten zoals bijvoorbeeld tussen Groningen en Assen en tussen Zwolle en Kampen.”

Zwakkere woningmarktregio’s zijn Rotterdam en de Drechtsteden, Zeeland, Limburg, de Achterhoek en het noordelijke deel van Nederland. Algemeen geldt: de sterke regio’s worden sterker en de zwakkere zwakker. De Zeeuw: „Het aantal verhuizingen naar stedelijke regio’s blijft groeien, al houden Nederlanders erg van de afwisseling van steen met groen. Maar het grootste park van Nederland ligt heel centraal; dat is het Groene Hart.”

Van Hoek van het EIB is niet somber over de bouwsector. Hij verwacht dat het aantal huizenverkopen eind dit jaar mogelijk al stijgt. „Het lijkt alsof we nu een aanbodoverschot hebben, maar bedenk dat de meeste verkopers zelf ook een nieuwe woning zoeken. Er komen elk jaar 57.000 huishoudens bij in Nederland. Starters die wachten omdat ze nu niet kunnen kopen, zien hun inkomen ondertussen wel groeien. Als de huizenmarkt weer aantrekt, dan kan het heel snel gaan.”