Communicatietalent

De nieuwe Nissan Micra mag er dan wat gewoontjes uitzien, onder het bescheiden uiterlijk gaat interessante techniek schuil.

fotografie: Lars van den Brink onderwerp: Nissan Micra gefotografeerd bij van Berkel te Den Bosch. Op de foto (L) verkoopadviseur Mike Loonen en (R) verkoopadviseur Christoph Pfrommer.

„You are here to say goodbye to us, and we don’t have a good word for it in English – the best is au revoir.” De laatste twee woorden van Richard Nixon bij zijn – gedwongen – afscheid van het Witte Huis in augustus 1974 waren in het Frans. De 37ste president van de Verenigde Staten deed dat, omdat er volgens hem geen fatsoenlijk Engels woord is voor ‘tot ziens’. ‘Goodbye’ dekt volgens Nixon de lading niet. Het kwam allemaal ter sprake toen ik na een weekje testrijden in de Nissan Micra de auto terugbracht bij de importeur. De Micra begroet namelijk voorafgaand aan elke rit zijn bestuurder met een monter ‘hallo’ op het dashboard. Gaat het contact weer uit, dan kiest hij voor een licht melodramatisch ‘vaarwel’. Ik wilde weten of er voor dat ‘vaarwel’ geen alternatief is, maar dat is er volgens Nissan niet. Maar wat is er mis met ‘tot ziens’?

Nissan mag dan bij veel mensen te boek staan als een merk voor brave kantoorklerken, feit is dat de Japanse fabrikant twee bijzondere ‘Auto van het Jaar’-titels op zijn naam heeft. In 1993 was de Nissan Micra de eerste Japanse auto die de hegemonie van de Europese merken bij de prestigieuze verkiezing doorbrak. Vorig jaar was de Nissan Leaf de eerste volledig elektrisch aangedreven vierwieler die het tot ‘Auto van het Jaar’ schopte. Geen geringe prestatie. Het onderstreept het technische kunnen bij Nissan, terwijl het merk ook als het om modellen gaat redelijk eigenzinnig te werk gaat. Zo zijn er geen huis-tuin-en-keukensedans meer in het programma, maar wordt de middenklasse bediend met SUV-achtigen als de Juke en de Qashqai.

In het compactere segment oogt de (alleen als vijfdeurs leverbare) Micra wat gewoontjes, maar hij heeft onder de kap een 1,2 liter driecilinder die ten eerste uitermate mooi rond loopt en bovendien, met dank aan compressortechniek, opvallend sterk is. De basisversie van de motor werkt met een atmosferische luchtinlaat en komt al tot 80 pk, maar in de door mij gereden DIG-S versie perst het motortje er 98 pk uit. En in een 960 kilo wegende auto is dat voelbaar; de Micra behoort zeker niet tot de volgzame typen in het verkeer. Lastig is dat de koppeling erg licht werkt, dat zorgt voor een soms wat moeizaam samenspel met het gaspedaal. In het kader van de levendigheid is het wel zaak de motor een beetje op toeren te houden, want ondanks de compressor – vreemd, want die staat er nou juist om bekend bij elk toerental paraat te zijn – geeft de motor onderin het toerenbereik niet echt thuis.

Paradox

Paradoxaal genoeg is de sterkste Micra-versie tevens de schoonste. De DIG-S (de afkorting staat voor Direct Injection Gasoline Supercharged) is namelijk ook opmerkelijk zuinig. En daarmee milieuvriendelijk. Dankzij onder andere een stop/start-systeem, maatregelen om interne wrijving in het motorblok terug te dringen en energieterugwinning tijdens het remmen heeft de kleine Nissan een CO2-uitstoot van maar 95 gram per kilometer. Dat betekent vrijstelling van zowel BPM als wegenbelasting en, bij zakelijk gebruik, een bijtelling van slechts 14 procent. Dat is nauwelijks negen tientjes per maand.

Voor wie van zwarte kunststof houdt is het interieur een droom. Het centraal geplaatste, in een grote cirkel vervatte ventilatiesysteem zal evenmin ieders smaak zijn, maar feit is dat je verder weinig mist in de Micra. Wel vreemd dat er is bezuinigd op een 12Volt-plug; het opladen van telefoon of een separaat navigatiesysteem gaat simpelweg niet. De iPod kan weer wel worden aangesloten en geladen, want daarvoor heeft de auto een usb-aansluiting.

In de Connect-versie zit overigens standaard een navigatiesysteem dat z’n werk voortreffelijk doet en dat zelfs voor flitskasten waarschuwt. De Micra communiceert, naast ‘hallo’ en ‘vaarwel’, sowieso veel met zijn bestuurder. Zo is op het dashboard af te lezen hoeveel CO2 er bespaard wordt als de start/stop-automaat zijn werk doet. De testauto had in zijn nogkorte leven – wachtend voor rode verkeerslichten en open bruggen – al 5,3 kilo CO2 bespaard.