Autisten met talent kunnen aan de slag

De jonge werknemers van NoXqs Labs hebben allemaal een vorm van autisme. „Ik maak wekelijks twee apps en bouw mijn eigen computers, maar omgaan met klanten vind ik lastig.”

Joeri (19): „Mijn dag bestaat uit werken, eten, sporten ,en weer aan de slag.”

‘Bepaalde kenmerken van autisme vormen een beperking in het gewone leven, maar zijn in de ICT juist een pré”, zegt Marcel Hurkens (53), algemeen directeur bij softwarebedrijf NoXqs (spreek uit: no excuse). NoXqs nam in oktober 2010 dertien jongens met autisme, een bovengemiddelde intelligentie en liefde voor ICT in dienst, en leidt hen in drie jaar tijd op tot softwareprogrammeur, onder de naam ‘NoXqs Labs’.

Dat zijn werknemers een autistische stoornis hebben, merkt Hurkens vooral aan kleine dingen. „Laatst waren alle jongens klaar met lunchen. Dan staan ze op en lopen weg. Zit ik daar als enige nog, met mijn broodje.” Jeroen van Schaik (51), creatief directeur bij NoXqs, lacht. Hij kijkt naar de jongens, die onverstoorbaar doorwerken. Tussen hun bureaus zijn kleine schotten geplaatst om het aantal prikkels te verminderen. Het kantoor is modern ingericht, met glazen wanden tussen de afzonderlijke bedrijfsruimtes.

Achter een grote monitor zit Jeroen (24). Hij is bezig met het ontwikkelen van een website voor verstandelijk gehandicapten. Zijn vingers bewegen razendsnel over het toetsenbord. „Hiervoor werkte ik bij een computerwinkel. Als ik tien minuten te laat kwam, zeiden ze meteen: ‘Goedemiddag’. Dat is niets voor mij.”

Sommige jongens hebben problemen met op tijd komen, legt Hurkens even later uit. Als de computer van iemand met autisme ’s ochtends kapot gaat, gaat hij dat eerst regelen, zodat hij na zijn werk verder kan computeren, zegt hij. „Op tijd komen is minder belangrijk.”

Jeroen schreef op de basisschool, toen hij een jaar of tien was, al computerspelletjes. Tegenwoordig bouwt hij zijn eigen computers. Van de dertien jongens zijn er vijf 19 of 20 jaar oud, de rest is ouder. Ze haalden stuk voor stuk een hoge Cito-score op de basisschool, daarna ging het mis.

Hurkens: „Binnen het onderwijs red je het als je van alles een beetje kan. Maar deze jongens zijn juist extreem goed op één vlak.” Slechts twee jongens haalden hun diploma op het VWO, de anderen een VMBO-diploma of geen diploma.

Sommige NoXqs Labs-medewerkers volgden voor ze aan het traject begonnen een ICT-opleiding, anderen deden geen opleiding, maar hadden wel een passie voor ICT.

Leer- en werktrajecten die autisten opleiden tot softwareprogrammeur zijn zeldzaam, en daarom gewild. Van Schaik wijst naar de telefoons. „We worden dagelijks gebeld door moeders of hulpverleners, die iemand willen opgeven.”

Op dit moment staan er twintig jongeren op de wachtlijst voor een nieuw traject. Volgens Hurkens zijn er niet veel baankansen voor mensen met autisme. Veel van hen zitten in de dagbehandeling en worden daar „een beetje beziggehouden”. „Eeuwig zonde. Zo belanden veel getalenteerde mensen in de afvalbak.”

De mensen met een autistische stoornis die wel in de ICT werken, testen volgens de directeuren van NoXqs vooral software. Repetitief werk. „Een autist wil elke dag hetzelfde doen, denken veel mensen”, zegt Hurkens. „Dat klopt lang niet altijd.” Jongens met ASS zijn juist erg creatief, vult Van Schaik aan. Ze houden van uitdagingen en zijn daarom bij uitstek geschikt voor het echte programmeerwerk. Concentratie, uithoudingsvermogen, oog voor detail, ze hebben het allemaal.”

Er is veel animo voor de websites en apps van NoXqs Labs, want „Nederlandse programmeurs zijn een zeldzaam ras”. Veel bedrijven en organisaties besteden het programmeren uit aan bedrijven in India of Oekraïne. Maar niet elk bedrijf heeft die luxe. Vooral kleinere partijen hebben behoefte aan programmeurs.

Hurkens denkt dat het in hun voordeel werkt dat NoXqs een commercieel bedrijf is. Hij benadrukt dat zijn bedrijf dit project om economische en niet om ideologische overwegingen is gestart.

„We hadden mensen met talent nodig en wilden niet de hoofdprijs betalen. Dat is voor ons prettig. Voor hen is het prettig dat wij een structuur bieden waarin zij zich op hun gemak voelen en hun talenten worden benut.” Doordat ze een bedrijf zijn, zeggen de directeuren, zijn ze niet afhankelijk van subsidies. „We zijn geen speelbal van de politiek.”

NoXqs probeert elk jaar meer omzet te genereren, zodat ze het aan het einde niet voelen als de subsidies en ‘jobcoachgelden’ ophouden. In het eerste jaar waren de inkomsten uit die gelden 90 procent van de totale omzet van NoXqs Labs, dit jaar nog 50. Ze willen in elk geval genoeg omzet draaien om straks een aantal jongens aan te nemen en te betalen als vaste medewerkers. „We hebben twee of drie jongens die op dit moment al erg gewild zouden zijn op de arbeidsmarkt. We leiden ze op tot vakmannen, dus dan moet je ze aan het einde van dit traject ook zo kunnen betalen.”

Toch lijkt het alsof niet alleen zakelijke overwegingen spelen. Hurkens en Van Schaik ontdekten dat Joeri (19) eigenlijk helemaal niet meer sliep. Hij bleek – naast zijn werk bij NoXqs – in de nachtelijke uren een eigen app-bedrijfje te runnen.

Hurkens en Van Schaik besloten dat Joeri voortaan alleen voor zijn eigen bedrijfje zou werken, maar wel vanuit het kantoor in Elst. „Hij bouwt veel apps en verdient daar best aardig mee, maar heeft het ritme nodig dat wij hem hier bieden.”

Joeri is nu weer erg druk, want hij spaart voor een nieuwe auto. Een elektrische, die van binnen „één grote smartphone” is. Een foto van zijn huidige auto hangt aan het schotje naast zijn bureau. Zijn dag bestaat uit werken, eten, sporten, en weer aan de slag. Wekelijks maakt hij twee apps. „Maar ik slaap nu wel hoor.”

Klantcontact is soms moeilijk voor de jongens. „Ik kan heel slecht tegen deadlines, zegt een jongen die niet met zijn naam in de krant wil. Hier worden wij daarvan afgeschermd. Hij wijst naar één van zijn collega’s. „Hij had eigenlijk al klaar moeten zijn met dit project, maar niemand zit hem op de huid.” Andersom werkt het ook, legt Jeroen uit, die erbij is komen staan. „Als een klant zijn afspraken niet nakomt, nemen de vaste medewerkers van NoXqs contact met diegene op.”

„Wist je dat Bill Gates autistisch is”, vraagt Van Schaik enthousiast. „En iedereen hoog in de boom bij Philips ook.” Hij zet zijn bril af en zucht even. „Kijk, natuurlijk zit er wel een gevoel bij. Wij houden van mensen die afwijken van het gemiddelde. Mensen met een rafelrandje. En ik herken me in die jongens. Ik ben ook chaotisch, ik ben een ramp in plannen. Als ik gediagnosticeerd zou worden, zouden ze vast iets vinden.”

Hurkens kijkt peinzend naar Van Schaik. Dan zegt hij serieus: „Ja, jij zou heel goed een beetje ADHD kunnen hebben.”