Wij wezen de media de weg

Er is absoluut behoefte aan gratis kwaliteitsjournalistiek, maar het lukte De Pers niet daar voldoende munt uit te slaan.

Hoofdredacteur De Pers

Een krant voor en door mensen die meer dan een keer per jaar seks hebben, daar zijn er in Nederland te weinig van. Dat antwoord heb ik de afgelopen weken tot vervelens toe gegeven op de vraag: wat gaan we missen als De Pers verdwijnt?

Flauw natuurlijk, en (hopelijk), waar het om de seks gaat, ook onjuist, maar wel een uitdrukking van wat we met De Pers hebben beoogd en waar we naar mijn waarneming ook best redelijk in zijn geslaagd: een optimistische, originele, relativerende krant maken met zoveel mogelijk eigen nieuws en onderwerpen, voor mensen met hart en ziel – en meer dan dat dus. Intelligent, maar niet intellectueel. Nieuwsgierig, maar niet opdringerig. Niet bot, maar scherp.

Voor het verveelkwartiertje in de trein, maar wel op niveau. En gratis. Omdat we dachten dat het kon, met wat extra kosten iets leuks in de markt zetten naast de gezichtsloze dingetjes-van-de-dag-journalistiek van Sp!ts en Metro.

Niet dus. Maar gaat Nederland nu echt iets missen, en is gratis kwaliteit inderdaad een contradictio in terminis, zoals among many others, de hoofdredacteur van NRC Handelsblad graag mag bloggen?

Om met het laatste te beginnen: natuurlijk is dat geen contradictio in terminis, en welbeschouwd was De Pers ook geen gratis krant. In de journalistiek (waar wel?) is niets gratis, want er zijn lonen te betalen, en druk- en distributiekosten. De vraag is nimmer of er wordt betaald, maar slechts: door wie? Dat kan de lezer zijn, de adverteerder of de belastingbetaler. Uit alle drie deze geldstromen kan troep komen bovendrijven, of kwaliteit. RTL maakt een aantal zeer hoogwaardige programma’s, inclusief prima researchjournalistiek, op strikt commerciële basis. Sommige voor de lezer zeer dure kranten daarentegen, produceren voornamelijk ongeïnspireerde drab. Daarbij is kwaliteit ook nog eens een tamelijk subjectief begrip: veel lezers van nrc.next zouden vermoedelijk nog niet dood gevonden willen worden met het AD of de Telegraaf, maar wees ervan verzekerd dat het omgekeerde ook geldt.

Gratis bestaat dus niet, wat kwaliteit is weet niemand, en de ene geldstroom hoeft niet per se tot een beter of slechter resultaat te leiden dan de andere. Uit de ondergang van De Pers kan dan ook niemand de conclusie trekken: een gratis kwaliteitskrant, dat kan helemaal niet. Dat kan best, of liever gezegd, dat had in het verleden best gekund – ik zou het eenieder anno 2012 echt van harte afraden.

Wie de winst- en verliesrekening van vijf jaar De Pers doorkijkt, kan maar één conclusie trekken: de term ‘fiasco’ is een understatement. Tegelijkertijd kreeg de krant de afgelopen weken tienduizenden steunbetuigingen, en tienduizend aanmeldingen voor een eventueel digitaal abonnement.

De behoefte aan – toch maar even dan – gratis kwaliteitsjournalistiek is er dus beslist wel, ook al lukte het De Pers niet om er voldoende munt uit te slaan. Die behoefte is ook wel begrijpelijk: tussen de permanent lopende nieuwsticker op sites en apps en de serene rust van het kerkhof die de meeste betaalde high end-journalistieke media uitstralen, gaapt een kloof met de diepte van de Marianentrog. Een krant, een app, een site, een tv- of radioprogramma met hart, ziel, hersens, lef, eigen nieuws en onderwerpen en af en toe een geslaagde grap: ze zijn er, maar het houdt niet over. Vandaar de treurnis over De Pers, denken wij heden op zonniger momenten.

In dat gebrek aan journalistieke inspiratie komt overigens wel een bescheiden kentering. Als wij niet zo goed naar onze eigen voorbeelden hadden gekeken, zou ik haast zeggen: we hebben school gemaakt. Om het tot de gedrukte media te beperken: na een decennium van meer of minder ernstige stagnatie proberen kranten als NRC Handelsblad, de Volkskrant en de Telegraaf de gebaande journalistieke paden (weer) te verlaten en een eigen gezicht te vinden. Met wisselend succes (geeft niks: bij De Pers ging het af en toe echt helemaal fout) en het staat nog te bezien of ze het volhouden. Zoals Het Parool, dat er een aantal jaren vol in vloog, inmiddels weer helemaal terug bij af is, op de middle of the road. Maar er is in ieder geval enige beweging.

Om de loop erin te houden, zou het alleen wel mooi zijn als deze oudere heren af en toe een duwtje in de rug krijgen van opdringende jeugd. En daar gaat het de komende tijd wellicht een beetje aan schorten. De Pers is op de fles, GeenStijl en BNN zijn inmiddels herhalingsoefeningen, nrc.next vind ik te introvert, het Sturm und Drang-programma van de VARA RamBam een repetitie van al jaren afgetrapte clichés. Alle ruimte dus voor een nieuwkomer, lijkt ons zo. We doen ons best.