Van Gogh verfde bloemmutatie

De donkere, bolle bloemen zijn niet uitgedroogd, maar gemuteerd.

Er is genetisch iets vreemds met de zonnebloemen van Van Gogh. Dat beschreven Amerikaanse biologen gisteren in PLoS Genetics. Welbeschouwd lijkt de helft van de oranjegele bloemen op het schilderij niet erg op zonnebloemen. Van Goghs bloemen hebben geen krans van bloembladen om een hart, maar zijn dichtbezet met enkel langwerpige bloembladen.

Dat is een mutatie, legt de groep plantbiologen en genetici rond John Burke uit. Hij gebruikte hedendaagse zonnebloemrassen – waaronder een type dat eruit ziet als die van Van Gogh – om te bepalen hoe de bloemvorm van zonnebloemen ontstaat.

Zonnebloemen, margrieten en gerbera’s hebben iets gemeen. Hun bloem bestaat uit vele kleine bloemetjes (het zijn ‘samengesteldbloemigen’). De bloemetjes in het hart zijn klein en rond (buisbloemen), daaromheen zit een krans van lange bloemen (straalbloemen). Elk geel blaadjes van de zonnebloem is dus in feite een gehele bloem. Van Goghs vreemde bolle zonnebloemen bestaan volledig uit straalbloemen.

Burke wil in het algemeen weten weten hoe ‘langwerpige’ en ‘ronde’ bloemen ontstaan.

De lange straalbloemen van de zonnebloem ontwikkelen zich, ontdekte Burke, via het gen HaCYC2, een gen uit de familie van bloemvorm-genen. Bij Van Goghs gemuteerde zonnebloemen is dat gen op de verkeerde plek actief. Daardoor groeien er geen buisbloemetjes in het hart, maar straalbloemen. Burke vond nog een tweede mutatie, die zorgt dat HaCYC2 in de hele bloem onderdrukt wordt. Zulke zonnebloemen hebben een krans van iele buisbloemetjes.