Nog maximaal 49 uur per week werken aan de iPad en de iPhone

In de Chinese fabrieken van Foxconn, waar de iPhones vandaan komen, wordt de arbeidswet stelselmatig overtreden. Foxconn en Apple beloven beterschap.

Foxconn, de maker van iPhones, iPads en vele andere merken smartphones en computers, gaat de bekritiseerde werkomstandigheden voor de 400.000 werknemers in China verbeteren. Ook de nieuwe president-directeur van Apple, Tim Cook, die op het ogenblik in China is, heeft medewerking beloofd aan verkorting van de extreem lange werktijden en loonsverhogingen.

Foxconn en Apple reageerden daarmee vandaag op onderzoek van Fair Labour Organisation (FLA) in de drie Chinese fabrieken van Foxconn, waar elektronica van Apple wordt geproduceerd. Dat onderzoek van het onafhankelijke Amerikaanse instituut, waar bedrijven als Apple en Nike lid van zijn, bevestigde dat in de Foxconn-fabrieken de Chinese arbeidsomstandighedenwetten worden overtreden.

Zevendaagse werkweken van meer dan zestig uur, constateerde FLA, zijn in de drie belangrijkste Fox-conn-fabrieken in Shenzhen en Chengdu normaal. Van de ruim 35.000 ondervraagde werknemers verklaarde 43 procent bovendien betrokken of getuige te zijn geweest van ongelukken. Doorgaans waren dat kleine incidenten als gevolg van communicatiestoringen aan de lopende banden of bij het transport van producten in de fabrieken.

FLA stelde vast dat in vijftig „dringende gevallen” de eigen veiligheidsvoorschriften van Foxconn niet werden nageleefd. Het interne inspectieregiem moet snel worden verbeterd, aldus FLA, dat vaststelde dat de voorschriften op zichzelf aan moderne eisen voldoen. Foxconns toezeggingen op het gebied van arbeidsduur moeten deze zomer zijn gerealiseerd.

Apple is er ook veel aan gelegen om de reputatieschade als gevolg van de voortdurend negatieve publiciteit over de werkomstandigheden in de Foxconn-fabrieken te beperken. Dat is een van de redenen dat strikte naleving van de maximaal Chinese werkweek van 49 uur niet gepaard zal gaan met loonsverlagingen.

FLA stelde namelijk vast dat de meeste ondervraagde werknemers geen problemen hadden met de lange werkweken en juist bij de managers aandrongen op meer overwerk. Foxconn is onder laag en middelbaar opgeleide Chinese jongeren op het platteland een populaire werknemer, want de fabrieken en de aanpalende huisvesting zijn nieuw en de lonen stijgen voortdurend. Verdiende in 2009 een 23-jarige Foxconn-werknemer 235 dollar per maand, nu ligt dat bedrag tussen de 350 en 455 dollar – de aangekondigde nieuwe loonsverhoging niet meegerekend.

Hoe populair werken in de Apple-fabrieken is, is iedere dag te zien aan de lange rijen voor de recruteringscentra. De fabriek met 35.000 werknemers breidt uit om aan de mondiale vraag naar iPhones en iPads te voldoen. Bijkomend voordeel voor de werkers in deze regio is dat zij dichter bij hun huizen en families aan de slag kunnen en geen duizenden kilometers meer hoeven te reizen naar de oostkust.

Het is niet voor het eerst dat Foxconn, dat op de beursen is genoteerd onder de naam Hon Hai Precision industry en mondiaal 1,2 miljoen werknemers in dienst heeft, door onafhankelijke onderzoekers wordt bekritiseerd vanwege schendingen van de Chinese arbeidswetgeving. Door een reeks van incidenten, waaronder een aantal zelfmoorden in 2010 en 2011 van werknemers en dodelijke ongelukken in de fabrieken van toeleveranciers, raakte Foxconn en daarmee ook Apple opnieuw in opspraak. Eerder dit jaar zei Foxconn-oprichter Terry Gou dat in 2011 de werktijden al waren beperkt tot maximaal 60 uur. Dat wordt in het FLA-rapport, waarin uitvoerig wordt stilgestaan bij het gesjoemel met werktijdenformulieren, tegengesproken.

Foxconn gaat de werknemers een grotere rol laten spelen in de vakbonden die in de Apple-fabrieken actief zijn. Naar goed communistisch gebruik worden de bonden geleid door managers en de partijsecretarissen in de fabrieken. Als deze en andere toezeggingen daadwerkelijk worden gerealiseerd kan Foxconn op het gebied van arbeidsomstandigheden in China een trendsetter worden.

De Chinese autoriteiten, in de persoon van vice-premier Li Keqiang, dringen daar ook op aan. Li ontving eerder deze week Apple-topman Cook en drong erop aan dat de Californische IT-gigant zich ten opzichte van de Chinese werknemers zorgzamer opstelt dan tot nu toe het geval is geweest.

In de delta’s van de zuidelijke Parelrivier en de Yangzi-rivier waar de meeste buitenlandse productiebedrijven zijn gevestigd, gelden Amerikaanse en Europese bedrijven als goede werkgevers, terwijl de Taiwanese ondernemingen door de werknemers vaak worden bekritiseerd.

In de Chinese fabrieken, waar textiel, speelgoed en lichte machines worden gemaakt, worden de gevolgen van het beleid bij Foxconn en Apple het scherpst gevoeld. Door de grote vraag naar werknemers in de elektronica-industrie kampen zij met toenemende arbeidstekorten en stijgende loonkosten. Sinds begin 2010 zijn de lonen in Chinese fabrieken 25 tot 40 procent gestegen.

Vanuit de Parelrivierdelta is er daarom een immigratiegolfje op gang gekomen van textiel- en schoenenbedrijven naar buurlanden als Vietnam en Maleisië.