Eurolanden willen sterkere firewall

Vandaag spraken euroministers van Financiën over een hogere ‘firewall’ om grote eurolanden te beschermen. 740 miljard euro is niet genoeg om Frankrijk uit de de gevarenzone te houden.

Demonstranten gisteren op het Puerta del Sol plein in Madrid na een algemene staking tegen bezuinigingen. Foto AP

Hoe hoog moet het euronoodfonds zijn, als we ook grote landen als Spanje willen laten schuilen? Dit is de vraag waar euroministers van Financiën zich vanmorgen over bogen, op een vergadering in Kopenhagen. De vraag is niet puur theoretisch.

Na een paar rustige maanden stijgt de druk op Spanje weer, al kondigde premier Mariano Rajoy vandaag voor tientallen miljarden extra bezuinigingen en hervormingen aan. Zijn collega Mario Monti ontmoet bij zijn pogingen Italië weer op orde te krijgen, steeds meer tegenstand van gevestigde politieke partijen. Ook Italië ziet zijn rentes op staatsleningen weer stijgen. En wat gebeurt er komende maanden met Frankrijk, waar niet eens een begin is gemaakt met het opschonen van de economie? Iedereen hoopt dat de markten daar niet óók hun tanden in zetten. Door het politieke vacuüm rond de verkiezingen valt er van Parijs tot zeker midden juli geen enkele daadkracht te verwachten.

Dit is de reden dat eigenlijk alle eurolanden, inclusief Nederland, een stevige ‘firewall’ willen. Zij worden gesteund door economen als Paul de Grauwe (London School of Economics) en Oeso-chef Ángel Gurría, die pleit voor ,,de moeder aller firewalls’’ omdat je ,,als je met markten te maken hebt, altijd hoger moet mikken’’. Dat is vooral preventief. Hoe meer je inlegt, hoe kleiner de kans dat je het moet gebruiken. Gurría had het over 1000 miljard euro. De Duitse Berenberg-bank berekende vandaag voor FT Deutschland hoeveel nodig is om beleggers vertrouwen te geven dat hun geld in zuidelijke eurolanden weer veilig is: 1700 miljard euro.

Maar de ministers in Kopenhagen neigden naar 740 miljard, ondanks smeekbedes van onder meer de Franse minister François Baroin. Dat komt doordat Duitsland niet wil meewerken aan een oplossing die méér kost. En zonder Duitsland, de enige grote motor in de eurozone die goed draait, komen andere eurolanden nergens. Zelfs die 740 miljard is een relatief begrip, want dat bedrag is niet in één keer oproepbaar. Kern van dit plan is dat het restje van het bestaande noodfonds EFSF wordt samengevoegd met het nieuwe fonds ESM, dat in juli gaat draaien. Het was eerst de bedoeling het EFSF af te schaffen zodra het ESM operationeel zou zijn. Nu willen de ministers de resterende middelen van het EFSF -–240 miljard, want de overige 200 miljard zijn uitgeleend aan of gereserveerd voor Griekenland, Ierland en Portugal – toch beschikbaar houden naast het ESM, waar 500 miljard in moet.

Duitsland hield dit tot vorige week tegen, maar geeft zijn verzet nu op. Velen hadden dat voorspeld. Duitsland wil de nadruk leggen op begrotingsdiscipline bij ieder en staat bijna altijd op de rem als het gaat om het tonen van solidariteit - om vervolgens in stemmen met een verwaterde versie van waar de anderen (onder leiding van Frankrijk) al zo lang om vroegen. Sommigen zien dit als een veeg teken: is Duitsland, dat zoveel geld verdient aan de eurozone, asociaal aan het worden? Nee, zeggen anderen: de Duitsers gaan uiteindelijk altijd akkoord met de Franse oplossing, maar dan met keiharde voorwaarden erbij. Die had je anders niet gehad.

Maar die 740 miljard die je krijgt als je de twee fondsen samenvoegt, ís eigenlijk geen 740 miljard. Het ESM draait op cash. Dat hebben weinig regeringen nu in overvloed. Ze stoppen gefaseerd geld in de pot: het duurt drie jaar voor het ESM op sterkte is. De resterende 240 miljard in het EFSF zijn garanties. Dus kunnen beleggers straks kiezen: obligaties kopen bij het EFSF, of bij het ESM. Velen vinden dit typisch Europees moeilijk-doen: twéé fondsen opzetten. Welke is beter? De Europese Commissie, die drie types firewall voor de ministers doorrekende, waarschuwt dat straks twee fondsen met elkaar concurreren. Aan de vooravond van wat een hete zomer kan worden, is verwarring zaaien het láátste wat de eurozone moet doen.

De woordvoerder van bondskanselier Angela Merkel reageerde woensdag geprikkeld op dit argument: ,,Helaas is geen bedrag ooit hoog genoeg in deze discussie.’’ Merkel wil het parlement niet wéér extra geld voor het fonds vragen. Ze had 211 miljard voorzien, en wil daar niet overheen gaan. Zelfs haar eigen partij steunt dat niet.

De Duitse economen Daniel Gros van de denktanks Ceps en Thomas Mayer van Deutsche Bank kennen deze politieke beperking maar al te goed en adviseren de ministers om de hele operatie-firewalls op te geven. In plaats van doorklungelen en cijfers mooier voordoen dan ze zijn, schrijven zij woensdag in een vlammend betoog, moet het ESM als bank worden geregistreerd. Dan kan het, zoals iedereen in de eurozone met een banklicentie, goedkoop geld lenen bij de ECB. Zelfs autofabrikanten doen dit. Waarom het noodfonds dan niet? ,,De bestaande fondsen een paar honderd miljard extra geven, is niet genoeg om Spanje en Italië op te vangen.’’ Omineus teken: ook Gros en Mayer noemen Frankrijk.