Brieven opinie

Ondernemers moeten een steentje bijdragen

De discussie over het nut en de noodzaak van ontwikkelingshulp is een wezenlijke, maar ook een slepende.

Het bewijst dat de wereld nog altijd te veel naar overheden en ngo’s kijkt voor het doen groeien van economieën. En dat wringt. Een economie groeit immers pas duurzaam als er ondernemerschap aan de dag wordt gelegd. En dat gebeurt door burgers, niet door overheden. Iedere succesvolle ondernemer in een welvarend land zou het dan ook niet meer dan normaal moeten vinden om beginnende ondernemers in ontwikkelingslanden op weg te helpen. De makkelijkste manier om dat te doen, is om een percentage van de winst te investeren in microkredieten in ontwikkelingslanden, bijvoorbeeld via KIVA. Zo helpt de ene ondernemer de andere op een manier die bij ondernemerschap past; als investering en niet als gift. Zo komt er een cashflow op gang tussen en binnen landen die hard nodig is om van onderop de economie te doen groeien.

Zeker in tijden dat westerse overheden ervoor dreigen te kiezen hun geldstromen te minimaliseren, is het van belang dat individuen niet hulpeloos toe blijven kijken. Laat overheden en ngo’s het noodzakelijke doen om ziektes en rampen te bestrijden; laat ondernemers het noodzakelijke doen om ondernemerschap wereldwijd te doen groeien.

Eer gaat in het Oosten boven angst voor straf

Westerse landen bedreigen andere landen of fundamentalisten vaak met straffen. Arjan Erkel (Opinie, 28 maart) adviseert ‘verplaats je eens in een radicale moslim’. Maar het probleem is algemener. Voor oosterlingen is eer heel belangrijk. Toegeven, omdat je bang bent voor straf en bedreiging is gezichtsverlies.

Dat is in veel culturen heel erg – niet alleen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, maar ook in China, Japan en Korea. Het Westen gedraagt zich te vaak als een leraar die tegen de leerlingen zegt wat ze moeten doen.

Transparante databases kun je afdwingen

Jonge bedrijven proberen internetgebruikers de controle terug te geven over hun persoonsgegevens, meldt nrc.next (Cover, 26 maart).

Ik deel de mening van deze ondernemers dat data in eigenbeheer houden een deugd zou kunnen zijn voor elk individu. Echter, zelfs als je aanneemt dat dit is gerealiseerd, dan begint eigenlijk het probleem pas. In de praktijk zullen individuen echter data af blijven staan aan organisaties. Dat kan de overheid zijn voor het aanvragen van een rijbewijs, of je verzekeraar die een bonnetje nodig heeft om je gestolen auto te vergoeden. Op het moment van deze overdracht ben je praktisch de controle kwijt.

Om dit probleem op te lossen is een flinke dosis transparantie noodzakelijk. Idealiter is dat een systeem waarin techneuten deze data kunnen importeren en waarin de toepassingen van de database ook voor niet-techneuten inzichtelijk zijn.

Het tweede probleem is complexer. De transparantie kan worden afgedwongen door bedrijven te verplichten hun code te publiceren. Dit levert echter enorme conflicten op met intellectueel eigendom en het vrijemarktprincipe.

Daarom zou ik liever zien dat de overheid de voorkeur geeft aan open-source-projecten bij het aanbesteden van softwareprojecten en uitdraagt dat ze democratische controle op software belangrijk vindt, in de hoop dat het bedrijfsleven dit overneemt. Als dit niet het geval is, zouden er richtlijnen moeten komen die zorgen dat deze transparantie wordt afgedwongen.