Verstript eerbetoon aan Nederlandse films

Het boek Filmfanfare is een klaterend exposé van de Nederlandse stripkunst. Ruim vijftig tekenaars verstripten evenzoveel Nederlandse filmklassiekers. „De Aanslag had best wat korter gekund.”

Links: ‘De Lift’ verstript door Aimée de Jongh. Hierboven:Spetters door Eric Kriek, Theo en Thea en de ontmaskering van het tenenkaasimperium’ door Floor de Goede en ‘De Aanslag’ door Sam Peeters.

Met 51 tekenaars die 51 klassieke films in één pagina uitbeelden, is het boek Filmfanfare een klaterend exposé van Nederlandse stripkunst. Gevestigde namen, helden van liefhebbers en jonge talenten staan door elkaar. Joost Swarte stortte zich op Het ondergronds orkest van Heddy Honigmann, Barbara Stok op Zusje, Hanco Kolk op Turks Fruit, Typex op De stem van het water en Aimée de Jongh op De lift.

Een groslijst van 83 films kwam tot stand door de keuzes van 23 filmkenners. Daaruit konden de tekenaars zelf kiezen. Eric Kriek tekende Spetters van Paul Verhoeven, in een rafelige stijl en met veel tekst, die de „gratuite seks”, zoals hij schrijft, en de vette effecten van de filmmaker niet schuwt. „Ik heb gewoon de slechtste film gekozen”, zegt Kriek kordaat. „Alle Nederlandse films zijn ruk, dus nam ik de film die geen straf is om nog eens te kijken. Voor een film uit die tijd heeft hij een goed tempo, maar die dialogen zijn absurd.”

Kriek gebruikte ze toch ruimschoots. „Dat zijn zinnen die al jaren rondgaan bij ons in de familie, zoals ‘We hebben die gozer gepakt in Rotterdam. Hij was er niet vies van’ en de dialoog ‘Hé, mijn pilsje is nog koud’ – ‘Ja, ik ben ook nog lekker koud’.”

Hij lacht er hartelijk bij. „Ik hou wel van het werk van Verhoeven. Mijn pagina is toch een eerbetoon aan een film met cultstatus.”

Sam Peeters verstripte De Aanslag van Fons Rademakers. „De film is wat te lang. Daar had best een half uur uitleg uitgekund. Maar het verhaal is spannend en de fotografie is erg goed. Die ben ik trouw gebleven, ook om er niet een boekverstripping van te maken: de kleurstelling, de historische details en de aankleding.”

Peeters concentreerde zich op de hoofdpersoon. „Elke film kent vijf cruciale momenten en daar heb ik het verhaal naar teruggebracht. Centraal staat de tekening van de neergeschoten NSB’er en daaromheen staan kaders met andere scènes.” Dat de NSB’er oogt als het nazicliché van een Jood is toeval, zegt hij. De tekenaar van het fantasierijke stripverhaal In de schaduw van mijn lul (uit 2010) experimenteert graag met manieren van vertellen. „Dat is bij strips de uitdaging: hoe krijg ik het op de pagina zonder dat het een opsomming wordt. Ik wil de lezer prikkelen om in het verhaal te duiken.”

Eén van de opmerkelijkste bijdragen is die van Dilys de Jong, die Nouchka van Brakels Van de koele meren des doods verstripte. Haar pagina is een collage van foto’s en tekeningen. „Ik heb mijn eigen ledematen gefotografeerd, de ogen van hoofdrolspeelster Renée Soutendijk gebruikt en kostuums uit tijdschriften geknipt. Daar ben ik mee gaan schuiven en overheen gaan tekenen.”

De film Van de koele meren des doods noemt De Jong „lekker zwaar en dramatisch”. Ze dikte het in tot drie fases uit de werdegang van hoofdpersoon Hedwig: verzaligd, met spuit en als non. „Eerst ontwikkelt ze haar seksualiteit, maar als ze betrapt wordt bij het masturberen, wordt ze verstoten en doet ze een zelfmoordpoging. Dan verliest ze haar baby en raakt ze verslaafd aan morfine. Dan wordt ze gered door het geloof en sterft ze, vrij jong.”

Haar collage is nog steeds een strip, zegt Dilys de Jong die samen met scenarist Fré Hooft van Huysduynen de dagstrip 5x30+ voor de Telegraaf maakt. „Ik geloof niet in regels. Er is niet één soort strip. Dit is mijn manier van vertellen.”

Sam Peeters, hij maakte voor Filmfanfare van De Aanslag een strip, ziet het boek als een uitnodiging aan lezers die vergeten zijn hoe leuk strips zijn. „Niet elke verstripping is even geslaagd, maar het is een interessant genre om mensen te leren dat er nog andere strips zijn dan die ze uit de krant kennen.”

Filmfanfare is een vervolg op de verstripping van Nederlandse klassieke boeken in Mooi is dat! Tekenaar Eric Kriek is klaar met zulke projecten. „Gert Jan Pos wil nog een boek met verstripte toneelstukken, maar deze projecten zijn artistiek gezien niet interessant. Zo’n boek is een goede showcase, meer niet.” Niettemin had hij veel pret met de manier waarop Jeroen Funke de film New Kids Turbo afbeeldt. „Hij tekende wat poppetjes en daaronder zichzelf groot als ‘new kid’, roepend ‘Da’s toch ’n strip of nie dan? Betalen jonguh, kut!’ Ik zou willen dat ik dat had gedurfd.”

‘Filmfanfare’. De geschiedenis van de Nederlandse film verbeeld in 51 strips, beschreven door Dana Linssen. Samenstelling Gert Jan Pos en Willem Thijssen. Uitgeverij Oog & Blik/ De Bezige Bij. 128 pag. € 29,90