Oppositie zoekt snelle oplossingen voor crisis in politiek en economie

Terwijl de onderhandelaars van de gedoogcoalitie in crisisstemming zijn, beraadt de oppositie zich op scenario’s voor een mogelijke val van het kabinet. De PvdA wil snel verkiezingen. Maar D66, GroenLinks en ChristenUnie willen met coalitiepartijen VVD en CDA werken aan hervormingen om de economische crisis te bestrijden. „Nu is het moment voor drastische maatregelen.”

Een groot deel van de oppositie wil na een eventuele val van het kabinet snel nieuwe maatregelen treffen om Nederland door de crisis te loodsen. D66, CU en GroenLinks – samen met de coalitie van VVD en CDA een meerderheid – zijn daartoe bereid, mocht het nodig zijn.

De PvdA wil in dat geval nog vóór de zomer verkiezingen. De SP „speculeert liever niet” en houdt er rekening met dat de problemen in het Catshuis gespeeld zijn.

Met name D66-leider Alexander Pechtold wil een mogelijke kabinetscrisis gebruiken als aanzet voor vernieuwend beleid. „Al zes begrotingsjaren wordt de economie door de politiek gegijzeld. We moeten uit die situatie komen. De crisis is daar een goede aanleiding voor.”

De oppositie zou verkiezingen verwelkomen, maar Pechtold zegt dat de Tweede Kamer daarop vooruitlopend méér moet doen dan handenwrijvend naar de impasse kijken. „Nederland ligt nu onder een vergrootglas. De Europese Commissie kijkt, de financiële markten kijken. Nu is het moment om drastische maatregelen te nemen.” Al voor de zomer verkiezingen houden, noemt Pechtold onrealistisch.

Volgens Arie Slob van de ChristenUnie zouden eventuele verkiezingen pas begin volgend jaar moeten plaatsvinden. „Laat de coalitie met een aanpak van de crisis komen die een breed draagvlak in de Kamer kent. Dan moeten de oppositiepartijen over hun eigen schaduw heen springen en het landsbelang boven het partijbelang scharen.”

Jolande Sap (GroenLinks) constateert net als Pechtold dat „Nederland al veel te lang stil staat”. Ook zij wil een crisis gebruiken om „eindelijk” tot een doorbraak te komen. „Niet alleen rond het bekende rijtje arbeidsmarkt en woningmarkt, maar uitdrukkelijk ook de energiemarkt.”

Als voorbeeld van een succesvol ininitiatief van de Kamer tijdens een kabinetscrisis noemt Pechtold de motie-Koolmees/Weekers. Deze Kamerleden van D66 en VVD riepen het gevallen kabinet in 2010 op voor ruim 3 miljard euro aan bezuinigingen te vinden. Die besparingen werden later dankbaar door het kabinet-Rutte meegenomen in het pakket van 18 miljard aan bezuinigingen.

„Maar dat initiatief kwam van de nieuw gekozen Kamer”, zegt een woordvoerder van de PvdA. „Als er nu verkiezingen zouden worden uitgeschreven, is er in juni een nieuwe Kamer. En die kan dan voor een nieuwe begroting voor 2013 zorgen.”

Pechtold wil voorkomen dat alle partijen hun oude posities innemen. „Het gaat erom dat we geen nieuwe periode van stilstand krijgen. Sinds de val van het kabinet-Balkenende II [CDA, VVD en D66] in 2006 kon de politiek geen overeenstemming meer bereiken over broodnodige hervormingen.”

Pechtold pleit voor minimaal 10 miljard euro aan extra bezuinigingen, zonder die nu concreet in te vullen. Of de Kamer in zijn huidige samenstelling daarover een meerderheid kan bereiken is de vraag, maar dat geldt ook voor de hervormingen – bijvoorbeeld die van de woningmarkt. „Neem dat plan van die 22 economen vorige maand dit jaar als uitgangspunt”, zegt Pechtold. Daarin wordt gepleit voor beperking van de hypotheekaftrek. „Dat willen wij zó invoeren.” Maar daar voelt de VVD van Rutte toch niets voor? Pechtold: „Nee. En de PvdA wil de arbeidsmarkt niet hervormen, wat ook dringend noodzakelijk is. Zo komen we weer in een situatie terecht dat er zowel op de huizenmarkt als aan het ontslagrecht niets verandert. We moeten Brussel en de financiële markten juist geruststellen met constructieve besluiten.”

SP-leider Emile Roemer wil nog niet speculeren over de gebeurtenissen. „Ik hou er ernstig rekening mee dat het allemaal spel is. Daarom heb ik me erg op de vlakte gehouden. Maar als ze er echt niet uitkomen, dan zeg ik: in juni verkiezingen.”