De vrouw van Vermeer leest weer in Rijks

Een Japans fonds betaalde de intensieve restauratie van Vermeers Brieflezende vrouw, in ruil werd het schilderij een jaar in Japan tentoongesteld. Vanaf vandaag is het weer te zien in het Rijksmuseum.

„Wow, we staan in de disco”, riep directeur collecties Taco Dibbits toen hij de Brieflezende vrouw na de restauratie in 2010 weer zag. „Het leek wel fluorescerend”, zegt hij over het schilderij dat Johannes Vermeer rond 1663 maakte. Omdat de gelige vernislagen zijn vervangen, heeft de vrouw in haar blauwe jasje haar originele frisse kleuren terug.

Na de restauratie ging het schilderij eerst een jaar op reis langs Japanse musea, maar nu is het weer in het Rijksmuseum bij de andere Vermeers. Restaurator Ige Verslype is blij dat de Brieflezende vrouw terug is, ze heeft haar gemist. Ruim een jaar lang heeft ze gewerkt aan de restauratie. „Ik zag haar gezicht zelfs in mijn dromen. Toen ze in Japan was, had ik thuis een foto om af en toe nog naar haar te kunnen kijken.”

Op bezoek in Japan zag Verslype hoe populair het schilderij ook daar is. „Mensen stonden drie rijen dik voor het museum. Japanners zijn gek op Vermeers verfijnde werk.” Volgens Dibbits vallen ze ook voor de sobere lijnen en de verstildheid. „Dat past in de Japanse visuele traditie.” Mede daarom was een particulier fonds bereid mee te betalen aan de restauratie en een nieuwe catalogus. Een exact bedrag wil Dibbits niet noemen, maar wel dat het in de tonnen loopt. In ruil ging het schilderij langs drie Japanse musea. Iets soortgelijks deed het museum toen het in 2010 twee ‘Frans Halsen’ uitleende aan het Getty Museum die de schilderijen in ruil liet restaureren.

De grootste ontdekking die Verslype bij de restauratie deed, is het geheim van het blauw in het schilderij. Dat geheim is de groene glacé onderlaag die Vermeer aanbracht. „Transparante, kopergroene verf die gewoonlijk werd gebruikt als bovenlaag. Vermeer deed het er juist onder en daardoor krijgt het blauw extra diepte. We wisten dat hij dit toepaste bij The Art of Painting niet dat hij het ook hier gebruikte. Het is zo fantastisch uitgedacht.”

Voor het onderzoek werd gebruikgemaakt van geavanceerde technieken, zoals infraroodstraling en röntgenfluorescentiescanning, waarbij het mogelijk is te zien welke elementen in het schilderij voorkomen. „Dat zegt, gecombineerd met verf-dwarssnedenonderzoek, zo veel over de opbouw”, zegt Verslype. „Je zag bijvoorbeeld dat hij ultramarijn gebruikte voor het blauw.” Uit de infraroodbeelden bleek dat Vermeer zelf wijzigingen had aangebracht. Zo was het jasje van de vrouw aanvankelijk achter wijder en zat er mogelijk een bontrandje onderaan.

Uit het onderzoek kwam ook aan het licht dat een van de stoelpoten bij een restauratie in 1928 dunner was gemaakt. Aan de hand van stoelen uit de tijd van Vermeer vond Verslype de originele vorm terug: onder dik en alleen boven dunner. En drie lichtvlekjes die Vermeer gebruikte om zijn werk wat levendiger te maken, waren bij dezelfde restauratie veranderd in een parelketting. Ook die overschildering is nu weggehaald. Verder was het schilderij aan de onder- en bovenkant iets groter gemaakt, door het bij te schilderen. „Waarschijnlijk om het beter in een lijst te laten passen.” Die overschildering is ook weg waardoor het schilderij iets minder langwerpig is (49,6 bij 40,3 centimeter), wat het intiemer maakt en nog beter doet passen in het oeuvre van Vermeer.

Maar het grootste probleem was dat het schilderij licht verbrand is geweest, waarschijnlijk een gevolg van een verkeerd uitgevoerde restauratie. Verslype: „Daardoor waren gaatjes ontstaan in het verfoppervlak en blaasjes. Daarvan is een klein monster genomen en met röntgen tomografische microscopie onderzocht, zodat je door het flintertje verf heen kon kijken om te zien hoe het het best gerestaureerd kon worden.” Al die gaatjes moest ze vervolgens een voor een onder de microscoop opvullen met verf. „Heerlijk priegelwerk.”

De meeste tijd was Verslype kwijt aan het verzamelen van informatie over het schilderij. „Zo kom je te weten welke restauraties in het verleden zijn gedaan en kun je een behandelplan opstellen.” Het schilderij is verschillende keren behandeld, de vroegst bekende restauratie was in 1888. In het verleden is een oude langwerpige schade aan de onderkant herhaaldelijk bedekt met vullingen die vervolgens met verf werden bedekt. „Die vullingen en overschilderingen heb ik verwijderd, omdat ze de originele verflaag bedekten. Daarna heb ik mallen gemaakt met tandartssiliconen waarmee ik de huid van het schilderij had nagemaakt en heb deze voorzichtig in het nieuwe vulmateriaal geduwd.”

Ook over de lijst van het schilderij is veel te zeggen. De Brieflezende vrouw heeft in haar geschiedenis in verschillende kaders gezeten die typerend zijn voor de tijd waarin ze werden gebruikt. Het origineel was waarschijnlijk een strakke ebbenhouten lijst. Toen het schilderij werd aangekocht door de Amsterdamse bankier Adriaan van der Hoop in 1839 zat het in een neo-rococo lijst. Rond 1928 was de mode frivoler en werd er een zeventiende-eeuwse Franse lijst om gezet. Maar in de jaren vijftig liet Rijksmuseumdirecteur David Roëll, die niet hield van tierelantijnen, er weer een strakke lijst om plaatsen. Toch keerde het schilderij altijd terug naar de lijst uit 1928, ook nu weer.

De kleine expositie rond de Brieflezende vrouw toont behalve röntgenopnames en voorbeelden van voor en na de restauratie ook de vier lijsten. „Het publiek wordt geprikkeld te bepalen welke mooi is om het schilderij”, zegt een woordvoerder. Verslypes favoriet is de lijst die er nu omzit. „Toen ze er na restauratie werd ingezet, leefde ze helemaal op.”

De Brieflezende vrouw is dagelijks te zien in het Rijksmuseum. Inl: rijksmuseum.nl