Beleggers denken ten onrechte dat lek Total op dat van BP lijkt

Twee jaar na de ontploffing van het boorplatform Deepwater Horizon van BP in de Golf van Mexico wordt Total geconfronteerd met een soortgelijk ongeluk op de Noordzee. Het Franse olieconcern heeft eergisteren gezegd dat het wel een half jaar kan duren voor het gaslek voor de Schotse kust zal zijn gedicht.

Dat heeft beleggers de stuipen op het lijf gejaagd. Zij hebben gezien hoe BP ongeveer de helft van zijn marktwaarde verloor, toen de ramp met de Macondo-bron van kwaad tot erger en uiteindelijk zelfs catastrofaal werd.

Toch lijkt de daling van de aandelenkoers van Total sinds het begin van het lek buitensporig. Gistermiddag hadden de aandelen binnen drie dagen ruim 7 procent van hun waarde ingeleverd, wat overeenkomt met een marktwaarde van ongeveer 7 miljard euro.

Dat lijkt onmogelijk te rechtvaardigen, louter op basis van de kosten van de verloren gegane productie. Total, dat 46 procent van het Elgin-veld in handen heeft, zegt dat zijn aandeel in de productie 60.000 vaten olie-equivalent per dag bedraagt.

De lekkende bron is één van vele bronnen in het gasveld, en stond op het punt te worden gesloten. Zelfs als het hele veld een half jaar zou uitvallen, zou de verloren gegane productie Total slechts ongeveer 380 miljoen euro kosten, op basis van de Britse gasprijzen van vorige week – ongeveer 3 procent van de nettoinkomsten van vorig jaar.

De reparatie- en opruimkosten zullen het verschil waarschijnlijk ook niet maken. Het Elgin-reservoir ligt diep onder de zeebodem en is technisch moeilijk te exploiteren. Maar het ligt ook in veel minder diep water dan de Macondo-bron van BP, waardoor het voor Total minder moeilijk zou kunnen zijn om het lek met harde hand te dichten, als dat nodig mocht zijn.

BP heeft de afgelopen twee jaar ruim 14 miljard dollar (10,5 miljard euro) uitgegeven aan het opruimen van de bijna vijf miljoen vaten olie die na de ramp met Deepwater Hoprizon uit de Macondo-bron zijn gestroomd.

Het gas van Elgin zou veel minder vervuilend moeten zijn dan die kleverige ruwe olie. De plaatselijke autoriteiten in Schotland, waarvan de economie zwaar afhankelijk is van Noordzee-olie en -gas, hebben al gezegd dat de gevolgen voor het milieu waarschijnlijk minimaal zijn.

De tol aan mensenlevens is tot nu toe ook lager. Op het platform van BP in de Golf van Mexico kwamen destijds elf mensen om, terwijl bij Total gelukkig nog geen slachtoffers zijn gevallen.

Er moet ook rekening worden gehouden met de betrekkingen tussen Total en de autoriteiten. En overheden zullen zich in geval van ongelukken waarschijnlijk strenger opstellen dan voorheen.

Maar het besef dringt ook door dat het aanboren van olie- en gasvoorraden in diep water of op andere moeilijk bereikbare plekken van cruciaal belang zal zijn om te voldoen aan de toenemende vraag naar energie. Dergelijke activiteiten zullen nooit zonder risico zijn.

Na Macondo had je mogen verwachten dat de markt dit had ingezien en in de aandelenkoersen had verdisconteerd.

Vertaling Menno Grootveld