‘Het is hoog tijd voor revolte, dat zie je te weinig’

De interesse voor Breivik ontmoet Wilders sterkt Yoeri Albrecht, directeur van De Balie, in zijn gevoel dat het debatcentrum op de goede weg is. „Er moet meer worden nagedacht.”

„Het was prachtig weer zondag, en toch zat de zaal twee keer vol.” Yoeri Albrecht – 45, sinds 2010 inhoudelijk directeur van het Amsterdamse debatcentrum De Balie – kijkt tevreden terug op het in zijn opdracht geschreven theaterstuk Breivik ontmoet Wilders van Theodor Holman.

U zei op de première dat het typisch een taak voor De Balie was, zo’n stuk. Hoezo?

„Er moeten plekken zijn waar men zonder al te veel terughoudendheid durft na te denken over de toekomst van onze maatschappij. De Balie doet veel dingen, maar we vinden het ook heel belangrijk dat kunstenaars commentaar leveren op de tijd. Kunst is belangrijker naarmate zij meer zegt over de eigen tijd. Ik heb nu voor de tweede keer een kunstenaar om werk gevraagd – de eerste was Eddy Terstall – over de moord op Theo van Gogh. Dat ga ik dan vervolgens niet censureren, want tenslotte hebben wij iemand gevraagd.”

Lang stond De Balie bekend als een linkse instelling. Is dat voorbij?

„Dat beeld heeft bestaan. Maar je kunt je dat als culturele instelling niet permitteren. Ook al omdat we uit de algemene middelen worden gesubsidieerd. We willen voor alle groepen als platform toegankelijk zijn: ouderen, jongeren, links, rechts, hoofddoekjes en seculieren. En verder zijn links en rechts nietszeggende termen geworden. Is de SP links als zij er nationalistische opvattingen op na houdt? Is Wilders rechts met zijn ouderwets-linkse sociaal-economische agenda?

„Vooral sinds de val van de Muur in 1989 zijn die termen echt achterhaald en is er achterstallig onderhoud ontstaan in het denken over de samenleving.

„Er is te weinig theorievorming, we bevinden ons op terrein waarvan de kaart nog niet getekend is. Dat moet wel gebeuren, want als dat niet gebeurt, is het gevaarlijk.”

Is er de laatste jaren niet eerder sprake van een herideologisering, in de Occupy-beweging bijvoorbeeld?

„Ik vond Occupy nogal ‘retro’ – bezetten, en dan doen alsof je een protestbeweging bent. Waar bleven de interessante analyses? Maar op zich goed dat ze het deden. Het is hoog tijd voor revolte, dat zie je te weinig.”

Na jaren relatieve discretie onder een reeks directeuren, timmert u stevig aan de weg. Komt er ook publiek?

„Er is een enorme honger naar verdieping. De fysieke ontmoeting, het met elkaar iets bespreken, trekt veel mensen aan. Veel van de evenementen verkopen op internet al uit. Ook omdat we meer organiseren lagen de inkomsten uit recette in 2011 zo’n 110 procent boven die in 2010.”

U bent van oorsprong journalist. Is de Balie een journalistieke instelling?

„Ja, De Balie is een journalistieke organisatie, een levend magazine. Je moet er voor zorgen dat er voldoende verschillende dingen in staan, net als bij een blad. Soms zoeken we naar een bijzondere vorm – zoals laatst de begrafenis van CDA en PvdA met een remonstrantse dominee. Maar ik heb ook niets tegen een gewone lezing. Het gaat me meer om relevantie dan om vorm.

„Aan De Balie kun je zien, dat de pers zijn problemen niet kan wijten aan technologische veranderingen, of moet aannemen dat de mensen niet meer geïnteresseerd zijn. Er is gewoon de afgelopen jaren te weinig nagedacht.”