EU: Groot geweer of klapperpistool?

Eind van de ze week onderhandelen de Europese minister van financiën over de vergroten van het noodfonds. Het wordt Duitsland tegen de rest.

Net nu de geruchten aanzwellen dat ook Spanje binnenkort naar het noodfonds moet voor leningen, vliegen de euroministers van Financien naar Kopenhagen om een versterking van de bestaande fondsen te bespreken.

Toeval? Dat is moeilijk te zeggen.

Het enige wat iedereen zeker weet, is dat de ministers vrijdag serieus onderhandelen over de versterking van het tijdelijke noodfonds EFSF en het permanente noodfonds ESM. Ze zijn al sinds oktober bezig een hogere ‘firewall’ op te trekken, maar alle pogingen zijn mislukt omdat vooral Duitsland er niet extra voor wil betalen. Toch is die firewall nodig, anders kan de eurozone een groot land als Spanje niet beschermen.

De Europese Commissie heeft drie opties op papier gezet. Die worden vrijdag besproken. Het zijn alle drie combinaties van het EFSF (het bestaande tijdelijke fonds van 440 miljard euro, dat draait op bilaterale financiële garanties van eurolanden) en het ESM, het permanente fonds dat in juli start met cash bijdragen van eurolanden. In het EFSF, dat geld leent aan Griekenland, Portugal en Ierland, zit nog ongeveer 200 miljard. Dat is niet genoeg voor Spanje. Het ESM krijgt een plafond van 500 miljard. Maar zoveel kunnen landen niet in één keer storten. Daarom, zegt de Commissie, kun je die fondsen beter combineren. Maar hoe? Door het EFSF langer open te houden en twee fondsen naast elkaar te laten draaien? Of door het EFSF-restant bij het ESM te gieten?

Zoals zo vaak is de beste oplossing het duurst. Daarom zijn er ook nu twee ‘scholen’. De ene school - ongeveer alle landen behalve Duitsland -, roept om een fikse firewall. Hoe meer geld je in het noodfonds stopt, zeggen zij, hoe kleiner de kans dat je het ooit moet aanspreken. Met een groot fonds, zei ook eurocommissaris Olli Rehn gisteren, geef je de markten een helder signaal: „Je stopt elke twijfel over de bereidheid van de eurozone om de crisis te beëindigen.” Ángel Gurría, secretaris-generaal van de Oeso, wil een fonds van 1.000 miljard euro: „We moeten de moeder van alle firewalls opzetten.” Rehns favoriete optie komt uit op 940 miljard euro: 500 miljard van het ESM, samengevoegd met de 440 aan garanties van het EFSF. Dat betekent dat voor dat fonds opnieuw garanties moeten worden verstrekt in de orde van grote van 250 miljard euro.

Dit komt in de buurt van wat regeringsleiders in oktober al beloofden: een firewall van „ongeveer 1000 miljard euro”. Maar de kans dat deze optie het haalt, is klein - zelfs als het gespeculeer over Spanje aanhoudt.

Want de ándere school van eurolanden is tegen. Die bestaat vooral uit Duitsland, met enige steun van Finland. Hoe hoger je het fonds maakt, redeneren zij, hoe meer je toont dat je vreest dat grote landen als Spanje uitglijden. In de sombere oktoberdagen steunde óók Duitsland een ophoging van het EFSF tot 1.000 miljard. Maar het mocht eurolanden geen cent extra kosten. Het moest dus gebeuren door financiële trucs, en investeringen van niet-Europese landen. Maar de trucs waren te riskant en de Chinezen en Brazilianen wantrouwden de complexe constructie. Zo waren de eurolanden in januari terug bij af met hun firewall.

En nu, zeggen de Duitsers, is de crisis geluwd. Er is een nieuw verdrag dat ze in Brussel het Fiscal Compact noemen. Griekenland krijgt een tweede pakket, en het ESM wordt niet in 2013 maar 2012 ingevoerd. „De markten begrijpen wat we doen,” stelde minister Wolfgang Schäuble laatst. Kortom: zo’n firewall is niet meer nodig.

Dit was deels tactiek. Bondskanselier Angela Merkel, die alles wat de eurocrisis aangaat door de Bondsdag laat goedkeuren, wil parlementariërs niet overvoeren. „Eén ding tegelijk,” zegt ze altijd tegen Europese collega’s. Zij wilde eerst het tweede Griekse leningenpakket klaar hebben. En Merkel weet: als anderen iets héél graag willen en jij niet, ben je in de positie om voorwaarden te stellen. Meer bezuinigingen in Spanje, bijvoorbeeld.

Een complete fusie tussen EFSF en ESM wil Merkel niet. Dat brengt het Duitse risico op 400 miljard, terwijl Merkel heeft beloofd dat 211 miljard haar limiet is. Zelfs haar eigen partij wil haar daaraan houden. Alleen de zwakste optie uit het Commissievoorstel voldoet aan die eis. EFSF en ESM lopen dan naast elkaar - tijdelijk. Zo kom je op maximaal 700 miljard uit, waarbij je hooguit 500 miljard tegelijk kunt aanspreken. Te weinig voor Spanje, vindt Wolfgang Munchau. „Dit is geen Big Bazooka, maar meer een klapperpistool”, aldus de commentator van de Financial Times. Maar genoeg, denken insiders, om het IMF voorlopig mee te krijgen. Ook dit is een vertrouwde logica: zó kan de eurozone in elk geval even verder.