Eerst speelden ze de liefde, nu is-ie echt

Partners met dezelfde baan zouden werk en privé moeilijk kunnen scheiden. Drie stellen over hun ervaring. „Ik had het nooit zo goed gedaan zonder hem.”

Verslaggever

Zij was Maria. Hij kapitein Von Trapp. Samen zongen ze avond na avond ‘Edelweiss’. Steeds opnieuw begon het zoeken, het aftasten, en dan toewerken naar die ene romantische zoen. Hij trok haar naar zich toe – nam een korte pauze, en sloeg zijn arm om haar heen. Dan de kus. De hele zaal joelen natuurlijk.

Wieneke Remmers en Rein Kolpa speelden twee jaar lang, vijfhonderd keer, de hoofdrollen in de musical The Sound of Music. In de zomer van 2009 – toen de productie tijdelijk stil lag – brachten ze het nieuws naar buiten: de hoofdrolspelers zijn vanaf dat moment ook in werkelijkheid een koppel.

Een bijzonder verhaal, zegt Wieneke Remmers – zij wordt heus niet op iedere tegenspeler verliefd – maar in de musicalwereld niet ongewoon. „Je reist weken rond met zo’n gezelschap. Je werkt zes dagen per week, slaapt in huisjes en vakantieparken. Dan gebeurt er wel eens wat.”

En niet alleen musicalacteurs worden verliefd. Relaties, waarbij de partners hetzelfde beroep uitoefenen, komen vaker voor. De Britse universiteit van Bedfordshire deed onlangs onderzoek naar het effect daarvan op werk en relatie. Wetenschappers interviewden 644 academici, onder wie 291 met een partner met hetzelfde beroep. De belangrijkste conclusies: partners met dezelfde baan hebben meer moeite werk en privé te scheiden, ze maken gemiddeld meer uren en kunnen werkgerelateerde problemen thuis minder goed loslaten.

We vroegen het drie Nederlandse koppels. Twee fotografen (zes jaar samen), twee advocaten (elf jaar samen) en twee musicalacteurs (bijna drie jaar samen). Zij herkennen zich in de conclusies, maar waar de Britse onderzoekers waarschuwen voor de gevaren, zien deze stellen juist opvallend veel voordeel in de situatie.

Neem de advocaten. Frank Vermeeren heeft een eigen kantoor in Den Bosch. Mariëlle van der Giessen daarentegen werkt op een groot kantoor in Woerden. Zij bespreekt ingewikkelde zaken met haar collega’s. Ze vraagt hun om hulp en advies. Dat klankbord vindt Frank Vermeeren thuis. Mariëlle: „Even één case, roept hij dan.” En dat doet hij bijna dagelijks. Frank: „Ik vraag haar wat zij met een zaak zou doen.” Het beroepsgeheim is daarmee niet in gevaar, vindt hij. „Niks vertellen is onmogelijk. Ik beschouw Mariëlle op zo’n moment als een collega. Daarmee mag je zaken bespreken.”

Dat ze elkaar om advies kunnen vragen, betekent overigens niet dat ze zouden willen samenwerken, op één kantoor. Advocaten omschrijven ze als individualisten, die erop gebrand zijn hun gelijk te halen, de zaak te winnen. Ze zijn ijdel, en strijdbaar – gechargeerd gezegd. En als je dan partners bent en samenwerkt, zou dat misschien te veel kunnen worden, denken ze. Bovendien verschillen ze nogal in hun aanpak. Zij is meer een bemiddelaar, zegt ze. Ze werkt graag voor grote bedrijven en doet veel arbeidszaken. Hij is meer een pleiter en werkt liever voor de underdog. Mariëlle trekt zich zaken niet snel persoonlijk aan. Iets waar ze Frank – die die neiging wel heeft – bij probeert te helpen. Frank Vermeeren: „Ik kan er letterlijk ziek van worden.”

Datzelfde geldt voor de twee andere stellen. Musicalacteur Rein Kolpa volgde een klassieke zangopleiding en geeft zijn vriendin zangles. Zij fungeert weer als zijn tegenspeler. Remmers: „Rein is slecht in tekst leren. Als ik hem help met een scène ken ik de tekst eerder dan hijzelf. En dan heeft hij al een uur lopen repeteren.” Inmiddels spreekt ze zelfs bandjes in, waardoor hij tijdens autoritten hele dialogen kan oefenen.

Fotograaf Florian van Roekel gebruikt de ogen van zijn vriendin. Hij is gedeeltelijk kleurenblind – donkerrood en donkergroen lopen gemakkelijk door elkaar. Amber Isabel controleert zijn beelden, en helpt series samenstellen. Hij, op zijn beurt, helpt haar vaak de juiste woorden te vinden.

Twee van de drie stellen denken dat ze dankzij hun partner beter zijn geworden in hun werk. Beter voorbereid op een auditie verschijnen, bijvoorbeeld. Beter letten op details. Of zich zakelijker hebben leren opstellen.

Natuurlijk, ook een partner die ander werk doet kan helpen. Kritiek of advies kan iedereen geven. Het voordeel is alleen dat je er ook echt verstand van hebt, zegt fotograaf Florian van Roekel. Al kan kritiek juist dan hard aankomen.

Florian van Roekel: „Ik heb Amber wel eens de put in gepraat.”

Amber Isabel: „Had ik dagen in mijn atelier aan één foto gewerkt, zegt Florian: dit is nog een testje, toch?”

Florian: „Ik ben gewend om een paar honderd beelden te hebben om uit te kiezen.”

Amber: „Onze aanpak verschilt nogal.”

Jaloezie, zeggen de stellen, is er weinig, tenminste zolang de prestaties gelijk beoordeeld worden. Fotografen Florian en Amber hadden het geluk dat ze beiden even goed beoordeeld werden tijdens hun afstuderen. En nu werken ze op zulke verschillende vakgebieden, dat ze nooit elkaars concurrent zullen zijn. Alleen de camera die ze delen, is wel eens een probleem. Die gaat naar degene met de belangrijkste opdracht. „Amber meestal”, zegt Florian. „Als zij een shoot heeft, is het bijna altijd belangrijk.” Sinds kort delen ze om die reden zelfs hun agenda. „Dan is duidelijk wie wat doet.”

Bij de musicalacteurs was de situatie wel eens ongelijk. Wieneke Remmers werd voor haar rol in The Sound of Music namelijk wél genomineerd voor een musicalaward, haar partner Rein Kolpa niet. „Dat was wel even vervelend”, zegt hij. Want, natuurlijk was die nominatie méér dan verdiend. Maar je doet zoiets ook samen. Wieneke Remmers: „Ik had het nooit zo goed gedaan zonder hem.” Rein: „Maria is de hoofdpersoon van The Sound of Music. De kapitein niet. Het is een minder makkelijke rol om daar iets opvallends van te maken.”

Een ander belangrijk voordeel, zeggen de drie stellen, is dat je dezelfde werktijden hebt. Misschien, denkt musicalactrice Wieneke Remmers hardop, is het wel een vereiste. „Een partner met een baan van negen tot vijf, daar kan ik me echt niets bij voorstellen. Dan zouden we elkaar nooit zien.” Bovendien begrijpen ze van elkaar dat je je werk niet zomaar los kunt laten. „Wij geven elkaar de ruimte om ook thuis te oefenen.” Datzelfde zeggen de advocaten. Er is „intens begrip”, als het gaat om werk en overwerk.

Maar schuilt daarin dan geen gevaar? Er is niemand die je remt.

Ja, zeggen de advocaten. Thuis is er weinig rust, vindt Mariëlle van der Giessen. „Je blijft maar doorwerken.” Zij hebben daarom „de regel”: niet over het werk praten tijdens het koken. En ze hebben sinds kort ieder een andere dag in de week vrij – hij op donderdag, zij op vrijdag. „Dan weet je zeker dat die dag voor jezelf is. Het geeft de lucht die we nodig hebben.”

Nee, vinden de twee andere stellen. Fotograaf Van Roekel: „We zijn zeven dagen per week met fotografie bezig. Ik denk dat een ander het snel zat zou zijn. Dat je na een lange werkdag weer dat geklep over je werk moet aanhoren. Maar ik ben blij dat ik met iemand ben die het net zo leuk vindt als ik.”

Musicalactrice Wieneke Remmers ziet het ook niet als een probleem. Al kan dat komen doordat hun zoon (9 maanden) nu zorgt voor de nodige balans: „Hij eist de aandacht op. Nog meer dan ons werk.”