De luizen van de muismaki springen over van bal tot bal

Een muismakiluis. Sarah Zohdy

Het is één van de kleinste (half)apen op aarde. Daar komt nog bij dat de bruine muismaki vooral ’s nachts actief is. Hierdoor is het moeilijk om het sociale gedrag van deze halfaapjes te bestuderen. Biologen bedachten daarom een truc: ze keken hoe luizen van maki op maki overspringen. Zo ontdekten dat muismaki’s vooral in het paarseizoen contact met elkaar hebben. Dat schreven zij in BMC Ecology.

Bruine muismaki’s (Microcebus rufus) leven in het tropisch regenwoud van Madagaskar. Ze wegen maar 40 gram en worden geparasiteerd door bloedzuigende luizen die verwant zijn aan onze hoofd- en schaamluis.

Voor hun onderzoek lokten de biologen dertig muismaki’s met een banaan in de val. Ze kamden de vacht van de diertjes uit, en gaven elke luis die zij tegenkwamen een likje nagellak. Elke luis kreeg een unieke kleurcode op zijn rugschild.

De muismaki’s werden vier weken lang regelmatig teruggevangen. De biologen registreerden in die periode 76 overgesprongen luizen. Ze vonden de insecten vooral terug op mannetjes. Onder andere op oren en oogleden, maar vooral op hun testikels. Misschien paarden die mannetjes met hetzelfde vrouwtje. Of de luizen zaten vooral op de ballen omdat ze een makkelijk doelwit zijn: in het paarseizoen zwellen ze op.