Protest tegen het lot

Een Tibetaanse man schreeuwt het uit nadat hij zichzelf in brand heeft gestoken bij een betoging gisterochtend bij het parlementsgebouw in de Indiase hoofdstad New Delhi. De demonstranten betoogden tegen een bezoek van de Chinese president Hu Jintao later deze week aan India. Hu woont daar morgen een top bij van de leiders van de zogeheten BRICS-landen: Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika.

Het was de tweede keer in enkele maanden dat een Tibetaanse balling zich in brand stak in India. De man, een 27-jarige Tibetaan die al zes jaar in India verblijft, rende zo’n vijftig meter voor hij ten val kwam. Demonstranten probeerden het vuur te blussen met water en door hem te omwikkelen met vlaggen. Aanvankelijk probeerden omstanders de politie van hem weg te houden, maar die baande zich met geweld een weg naar de gewonde en liet hem naar het ziekenhuis brengen. Hij verkeert in kritieke toestand, met brandwonden over 85 procent van zijn lichaam.

In China hebben zich het laatste jaar zeker dertig mensen in brand gestoken uit protest tegen het lot van de Tibetanen. Volgens de Tibetaanse geestelijk leider, de dalai lama, die al sinds 1959 in het Indiase Dharamsala verblijft, zijn de zelfverbrandingen een reactie op „het meedogenloze Chinese beleid”. De Chinese premier Wen Jiabao zei onlangs de zelfverbrandingen te betreuren.