De gehaktstaaf is veruit favoriet

Behalve benzine zijn er nog zo’n 1.300 andere producten te koop bij Shellstation Haarrijn. „Dan weet ik: chiliburgers! En wel meteen! Aziaten zijn er gek op.”

Het is een wereld op zich: benzinestation Haarrijn, aan de A2 tussen Breukelen en Maarssen. Mensen kunnen er eten, drinken, bijkomen van een lange reis of naar het toilet. Wie kom je daar tegen? Vijf schakels in een keten.

Achter de kassa

Patrick de Nijs (36) is de meest ervaren kassamedewerker van Haarrijn. Hij zou, met zijn messcherpe haarscheiding, niet misstaan in de Amerikaanse tv-serie Mad men. Op topdagen helpt hij meer dan duizend klanten. Volgens een vast stramien:

„Spaart u airmiles?”

„Wilt u gebruikmaken van onze weekaanbieding?”

„Heeft u getankt?”

„Wilt u de bon?”

„Goede reis”, of „fijne dag” (optioneel).

Als hij aan die duizend klanten wil komen, mag er niets misgaan. Geen pinstoringen, verloren bankpasjes of mensen die de 28 pompen niet uit elkaar kunnen houden. Dat kost allemaal tijd. En automobilisten houden het tempo er graag in. Zeker overdag.

Om negen uur ’s avonds gaat het kogelwerend glas voor de kassa. „Dat voelt veilig, want vaak zit je in je eentje”, zegt De Nijs. In de vijf jaar dat hij bij Haarrijn werkt heeft hij zich maar één keer onveilig gevoeld. „Iemand had een slok op, dat liep uit op een vechtpartij. Ik heb meneer snel de shop uitgewerkt.”

Over onverantwoord of asociaal gedrag blijft De Nijs zich verbazen. Automobilisten die hun kinderen laten tanken, hun auto pal voor de ingang parkeren, bellen tijdens het afrekenen, roken bij de pomp. En wat te denken van het oudere echtpaar dat met een jerrycan de snelweg overstak? „Tien rijstroken! Dat ze het hebben gered is een wonder.”

Bij de snacks

De plek waar alle snacks worden bereid wordt de VBR genoemd: de voedselbereidingsruimte. Johan van der Perk (49) is sinds drie jaar VBR-medewerker bij Haarrijn. Een functie die schreeuwt om een vooruit

ziende blik. „Gisteren nog”, vertelt hij, „stond er opeens een bus met Japanners voor de deur. Dan weet ik: chiliburgers! En wel meteen! Aziaten zijn er gek op.”

Haarrijn heeft veertien snacks in het assortiment, waaronder loempia’s, bamiblokken, tosti’s en gehaktstaven. „De gehaktstaaf is veruit favoriet”, zegt Van der Perk. „Er zijn dagen dat er driehonderd in de frituurpan verdwijnen. Roetsj, roetsj, roetsj... dan heb je weinig tijd om na te denken.”

Vrouwen houden doorgaans van rundvleeskroketten. Kinderen van frikadellen. Turken zijn dol op de kikastick (kip-kalkoen). Waarom de gehaktstaaf zo in de smaak valt durft hij niet te zeggen. „Ik zorg er alleen maar voor dat-ie in de lokettenwand terechtkomt.”

Bij het toilet

Uiterlijk kan bedriegen, vindt toiletmedewerker Enouch van Ammers (23). „Dan denk ik: daar komt een nette zakenman aan. ‘Meneer ik heb mijn banden verwisseld, mag ik even mijn handen wassen?’. Oké, vooruit. Blijkt de wasbak pikzwart als ik even later mijn ronde doe.”

Andersom komt ook voor. „Stapt een bouwvakker het toilet binnen, helemaal vies. Dat wordt wat, denk ik. Maar nee, hij heeft zelfs de moeite genomen om de spiegel te poetsen.”

Van Ammers werkt 14,5 uur per dag. Drie dagen per week. Hij is zzp’er, dus mag zelf zijn werktijden bepalen. „Dit is mijn derde dag”, zegt hij, de handen in de zij. „Even doorbijten.”

Tussen de schappen

„Tja, wat hebben wij allemaal?” Mustapha Labardi (33), sinds 2001 shopmedewerker van Haarrijn, kijkt alsof hij zijn werkplek voor het eerst ziet. „Snoep. Veel snoep. Na Champions Leaguewedstrijden ligt het hier ’s ochtends vroeg vol lege chipszakken. Mijn eerste taak is de boel op orde te brengen.”

Haarrijn verkoopt 1.300 producten, waaronder eten, speelgoed, tijdschriften en autobenodigdheden. Broodjes bacon-ei „lopen als een tierelier”. Van het speelgoed wordt alleen in de weekenden en vakantieperioden veel verkocht. En seksbladen als Hustler en Penthouse? „Die leg ik op de bovenste plank, zodat kinderen er niet bij kunnen.” Ze waren een tijdje uit de gratie, de zogenoemde „natuurbladen”. Een vroegere Shell-directeur moest er niets hebben. „Maar dat is lang geleden, hoor.”

Hij is shopmedewerker, maar Labardi wordt niet alleen aangesproken op de producten die bij Haarrijn te koop zijn. „Mensen denken dat ze voor alles bij mij terecht kunnen. Van ‘hoe pomp ik een band op?’, tot ‘waar loopt de A67?’” Als hij het antwoord schuldig moet blijven, schakelt hij een collega in. Wie aan de snelweg werkt, zo redeneren klanten, moet alle ins en outs kennen.

En de klant

Het is de eerste keer dat hij aan een tafeltje in een pompstation staat. Normaal drinkt Rob de Groot (47) koffie in de auto. „Misschien komt het door mijn kater”, grinnikt de Brabander. „Het tempo ligt vandaag iets lager.”

De Groot (47) levert apparaten voor slaapapneu aan klanten in heel Nederland. Naar eigen zeggen heeft hij alle 4.206 pompstations wel een keer bezocht, maar Haarrijn is hem niet in positieve zin bijgebleven. „Ik mis de verse broodjes”, zucht hij. „Zo’n vriendelijke dame die je een broodje filet americain met ei overhandigt, daar verlangde ik nou echt naar.” De sanitaire voorzieningen zijn daarentegen niet slecht. „Want geloof mij, je ziet veel smerigheid langs de snelweg.”