‘Beeld mag niet ineens op zwart gaan’

Tijdens de Olympische Spelen zal er per seconde 60 gigabyte aan informatie worden verzonden. De Nederlander Roel Louwhoff van BT moet er voor zorgen dat dit lukt.

Foto BT

Voor de Olympische Spelen zijn er 80.000 telefoon- en internetaansluitingen nodig op 94 locaties in het Verenigd Koninkrijk, 16.500 vaste telefoonlijnen, 10.000 kabelaansluitingen, 5.500 kilometer aan kabels en 1.800 wireless hotspots. Op drukke momenten zal er deze zomer per seconde 60 gigabyte aan informatie worden verzonden, het equivalent van 3.000 foto’s die je op hoge resolutie aan het thuisfront wilt mailen. Alleen al de BBC verwacht dat het een terabyte per seconde aan beelden verstuurd. En tegelijkertijd willen 4 miljard televisiekijkers ook zien hoe Usain Bolt in 9 seconden de 100 meter rent.

„Het beeld kan niet opeens op zwart gaan”, zegt Roel Louwhoff (46) nuchter. De Nederlander zit sinds 2008 in de raad van bestuur van het Britse telecombedrijf BT (het voormalige British Telecom) en is verantwoordelijk voor de operationele gang van zaken. En voor alles dat met de Olympische Spelen te maken heeft. BT is een van de hoofdsponsors en de officiële communicatiepartner: alle tweets, telefoontjes, sms-jes, emails, foto’s en beelden gaan via BT’s netwerk. Louwhoff stelt meteen gerust: „De kans op fouten is uitgesloten.”

Maar een uitdaging is het wel. De Olympische Spelen in Londen worden nu al de ‘twitterspelen’ genoemd. Vier jaar geleden, in Peking, was er nog geen televisie in high definition, stonden sociale media nog in de kinderschoenen, en bezaten weinige mensen nog een smartphone, laat staan een tabletcomputer. „Er zal nu zeven keer zoveel bandbreedte nodig zijn”, vertelt Louwhoff.

BT won de opdracht voor de Spelen in 2008. Sindsdien werkt Louwhoff met zijn team – eerst twaalf man, toen dertig, nu driehonderd en straks tijdens de Spelen 850 – aan de infrastructuur. Ze gingen kijken in Peking en in Vancouver, en met 122 dagen te gaan voor het begin van de Spelen wordt er flink geoefend.

Deze week vinden de eerste technische repetities plaats. Het organisatiecomité van de Londense Spelen, Locog, verzint iedere dag een nieuwe ramp. „Gisteren was er een bommelding. Vandaag is Olympisch Park overstroomd”, lacht Louwhoff. „Het water is inmiddels weg, maar het betekent dat scores handmatig moesten worden bijgehouden.” BT verplaatste alle communicatie naar een andere locatie. Eind juni is de tweede repetitieronde. Dan worden er ook daadwerkelijk stekkers uit servers getrokken, stroomstoringen veroorzaakt en kortsluitingen gecreëerd.

Het enige dat niet kan worden geoefend, is het volume. Tijdens de Spelen zullen de 280.000 mensen in het Olympisch Park willen bellen en twitteren, en dat allemaal tegelijkertijd na een spectaculaire finish of een mooie finale. Het wordt een „data-tsunami”, voorspelde een mobiele telefoon provider vorige week. Louwhoff en zijn team gingen daarom als voorbereiding bij de finale van het American football, de Superbowl, kijken in de VS. „Het enige sportevenement dat een beetje in de buurt komt.” Het Cowboy Stadion in Texas heeft iets meer stoelen dan het olympisch stadion. In de pauze „explodeerde” het gebruik van het netwerk, vertelt hij. „Iedereen wilde het thuisfront melden wat er gebeurde.”

Het gaat niet zozeer om die duizenden toeschouwers, zegt Louwhoff, maar als zich een probleem aandient, moet BT snel van A naar B kunnen. „Normaal stuur je een field engineer in een busje. Maar er is straks écht geen verkeer mogelijk. We hebben fietsen en elektrische scooters aangeschaft.” Hij heeft voor elk van de 92 locaties een manager aangesteld, die ter plekke beslissingen moet kunnen en durven nemen in noodgevallen.

Dat zorgt binnen BT voor een cultuuromslag. „Het is een typische Britse organisatie, hiërarchischer ingericht dan een Nederlands bedrijf. We hebben 92 baasjes gecreëerd, die gewend waren om alles te moeten vragen. Nu werken ze zelfstandig, en straks kunnen we ze loslaten binnen het bedrijf.”

Louwhoff is na Ben Verwaayen, die in 2008 afscheid nam, de tweede Nederlander in de raad van bestuur van BT. En hoewel hij het „als nuchtere Nederlander gelul” vindt, vertelt hij ook dat zijn team en Londense organisatiecomité voor de Olympische Spelen zeggen dat er verschil is tussen een Nederlandse bestuurder en een Brit. „Het zit hem in de versnelling. Britten draaien soms ergens lang omheen voor ze een beslissing nemen, noemen iets lang ‘interesting’. Nederlanders zijn veel directer.” Dat is soms „pijnlijk”, maar het werkt wel.

Louwhoff was zelf ook op sportief gebied international. Hij handbalde in het Nederlands team en werd met zijn Groningse club Europees kampioen. Bescheiden noemt hij het „een vrij hoog” niveau, en zegt hij dat „het heel lang geleden was en de sportwereld nu veel professioneler is”. Maar het helpt wel: hij begrijpt wat het is om te trainen voor een groot toernooi en dat het om de sport gaat, niet om de commercie.

Voor BT is het partnerschap nu al lucratief. „We halen er opdrachten mee binnen”, zegt Louwhoff eenvoudig. De Brazilianen, die over vier jaar de Spelen organiseren, hebben het Britse bedrijf gevraagd mee te denken over hun telecomnetwerk. In het Verenigd Koninkrijk kan BT mooi laten zien wat supersnelle breedbandverbinding betekent, en hoopt het bedrijf nieuwe klanten te winnen.