Ongebruikt opvanghuis in Angola kost 1 miljoen

Vanaf 2003 heeft Nederland zeker 1 miljoen euro gestoken in een opvangtehuis voor dertig kinderen nabij de Angolese hoofdstad Luanda. De investering was bedoeld om de immigratiedienst IND de mogelijkheid te geven minderjarige asielzoekers uit Angola terug te sturen naar hun eigen land. Alleen: geen enkele minderjarige asielzoeker heeft tot nu toe gebruik gemaakt van die mogelijkheid.

Geen weggegooid geld, bezweren de woordvoerders van minister Gerd Leers (Integratie en Asielzaken, CDA). „Het feit dát het opvangtehuis bestaat, zorgt ervoor dat we minderjarige asielzoekers terug kunnen sturen naar Angola.”

Veel minderjarige asielzoekers zeggen geen familie te hebben in het land waar ze vandaan komen. Dat staat gedwongen terugkeer in de weg. Nederland is dan verplicht hen tot hun achttiende onderdak te bieden. Een opvangplek in het land van herkomst maakt dat ze toch teruggestuurd kunnen worden, legt een woordvoerder uit. Bij aankomst blijkt dat ze vaak bij familie of kennissen terecht kunnen. Hij voegt toe: „Je komt inderdaad tot 1 miljoen euro als je alle bedragen vanaf 2003 meerekent. Als je je eigen loon optelt, ben je ook miljonair.”

Minister Leers zal vanaf aanstaande woensdag een bezoek brengen aan Angola. Hij zal daar onder meer spreken met zijn Angolese collega-minister Martins (Binnenlandse Zaken) over het bestrijden van illegale migratie en over de terugkeer van Angolezen uit Nederland. Ook bezoekt Leers de kinderopvang. Hij gaat mee met de eerste rechtstreekse vlucht van de KLM van Amsterdam naar Luanda.