In welke sport zijn vrouwen beter dan mannen?

Twan Arts uit Haelen verbaast zich erover: mannelijke sportrecords lijken altijd hoger uit te vallen dan hun vrouwelijke equivalent. „Er moet toch een sport zijn waarbij het vrouwenrecord beter is?”

Mannen voeren binnen de topsport de ranglijsten aan. Als we de ‘absoluut’ meetbare sporten nemen (dus geen jurysporten, zoals turnen), dan zijn de mannelijke scores hoger dan die van hun vrouwelijke tegenhanger.

Dat komt in eerste instantie door fysieke verschillen tussen de seksen, zegt Peter Beek, decaan Bewegingswetenschappen aan de VU in Amsterdam. Mannen zijn gemiddeld sterker en langer dan vrouwen. Dat geeft hen een voordeel in sport.

Maar het verschil tussen mannen- en vrouwenprestaties wordt steeds kleiner. Naast genetische verschillen speelt namelijk nog iets mee. Vrouwensport bestaat korter. Beek: „Vrouwen deden in 1928 voor het eerst mee met de Olympische Spelen. De mannensport was al geprofessionaliseerd. Veel disciplines voor mannen kampen nu met een ‘plafond’: het maximale niveau is bereikt. Verbeteringen worden steeds kleiner.”

De vrouwensport is dus bezig met een inhaalslag. Wetenschappelijk tijdschrift Nature voorspelde in 2004 dat het tot de Olympische Spelen van 2156 duurt voordat de vrouw sneller is op de 100 meter sprint. Beek betwijfelt dat. Genetische verschillen blijven volgens hem altijd in de weg zitten.

Binnen de atletiek is er overigens één discipline waarbij het vrouwelijke record het mannelijke omverblaast: discuswerpen. In 1988 gooide Gabriele Reinsch, uit de toenmalige DDR, maar liefst 76,8 meter – nog altijd het wereldrecord. Het mannelijke record, op naam van de eveneens Oost-Duitse Jürgen Schult, valt met 74,08 meter beduidend lager uit.

„Maar dat is een beetje flauw”, nuanceert Eric Roeske van de Nederlandse Atletiekunie. „De discus van de mannen weegt 2 kilo, die van de vrouwen 1 kilo.”

Ook een vraag voor deze rubriek? Mail naar vraag@nrc.nl