Het chagrijn is na twee weken alweer terug in Eindhoven

Phillip Cocu wilde Ajax met het spelconcept van Guus Hiddink bestrijden, maar mist bij PSV een leider en karaktervoetballers.

PSV’ers protesteren nadat scheidsrechter Pieter Vink een strafschop aan Ajax heeft toegekend. Foto Bas Czerwinski

PSV kreeg gistermiddag in de Arena het loon van de angst. Het elftal van Phillip Cocu was als favoriet aan het topduel met het zwaar gehavende Ajax begonnen, maar speelde de concurrent in de kijker door het initiatief aan de tegenstander te laten. Ajax toonde wel vechtlust, groeide in de wedstrijd en deelde met een 2-0 overwinning een harde dreun uit aan het apathische PSV. „Het leek wel of we bang waren aan de bal. Dit was PSV onwaardig”, sprak international Kevin Strootman na afloop in de Arena.

Zo verviel PSV in een oude fout. De clubleiding had misschien graag geloofd dat het wegsturen van Fred Rutten voor een ommekeer zou zorgen, maar ook Cocu had niet de juiste tactiek om een topduel in de eredivisie te winnen. Na een gelijkspel thuis tegen Valencia en twee overwinningen op SC Heerenveen geloofde PSV weer in een landstitel. Maar het ontbrak Cocu en zijn ploeg aan lef om tegen Ajax vanaf de eerste minuut vol voor de winst te gaan. „We moeten nu maar voor de tweede plaats gaan”, verzuchtte routinier Wilfred Bouma.

Cocu had de voorbije weken het dolende PSV weer stabiliteit gegeven door „terug te gaan naar de basis”. Het elftal kon in zijn ogen alleen vertrouwen opdoen als er vanuit een gesloten organisatie gespeeld zou worden. PSV moest geduldig afwachten tot de kansen zouden komen. Een beproeft spelconcept waarmee Cocu’s leermeester Guus Hiddink de club in 2005 naar de halve finales van de Champions League bracht. Het grote verschil is dat het huidige PSV niet over een leider noch over karaktervoetballers beschikt, die een topduel naar hun hand kunnen zetten. Aanvoerder Ola Toivonen werd opnieuw vroegtijdig gewisseld.

Kampioen word je tegen de kleintjes, niet tegen de groten, zo luidt een voetbalcliché. Maar in een competitie waar met nog zeven speelrondes op het programma nog zes clubs strijden om de titel, gaat deze wijsheid niet op. De selectie van PSV herbergt met Strootman, Dries Mertens, Georginio Wijnaldum, Toivonen, Zakaria Labyad en Tim Matavz voldoende individuele kwaliteit om zwakkere tegenstanders te overklassen. Dan gaat het voetbal vaak vanzelf en kunnen de slippertjes in de verdediging worden weg gepoetst.

In topwedstrijden wordt er echter iets anders van een technische staf en een spelersgroep verlangd. Het gebrek aan het vermogen te anticiperen brak Rutten op. Hij won in de afgelopen drie seizoenen nooit een topper in de cruciale fase van de competitie.

Ruttens voormalige assistent en opvolger Cocu zakte gisteren ook op pijnlijke wijze bij zijn eerste test. „We hebben niet van Ajax verloren, maar van onszelf”, zei Strootman na afloop veelbetekenend.

Met een gevoel van woede en machteloosheid constateerden de PSV’ers dat ze „voetballend helemaal niets hadden gebracht”. Strootman: „In de eerste helft heb ik drie ballen geraakt en verder liep ik alleen maar achter Ajacieden aan. Ik had het liefst iemand uit frustratie de tribune in willen schoppen, maar deed dat maar niet.”

Het chagrijn is na twee weken terug in Eindhoven. De ploeg kan dat zaterdagavond thuis tegen het laag geklasseerde VVV weer van zich afspelen.