Antiheld geeft de Arena weer hoop op prolongatie landstitel

Ajax heeft zijn eerste topper van dit seizoen gewonnen. De ploeg heeft in één jaar alles meegemaakt en ging in korte tijd van geslagen titelhouder naar te kloppen favoriet.

Met een sprint naar de reservebank wilde Ismaïl Aissati na zijn wonderlijke doelpunt tegen PSV vooral uiting geven aan het teamgevoel. De Ajacied had niet per se Aras Özbiliz op het oog toen hij die wisselspeler in de armen vloog. Het ging hem er vooral om ook de jongens op de bank bij het feestje te betrekken. En het was bedoeld als eerbetoon aan de vele geblesseerde spelers. „Want we doen het met z’n allen.”

Precies aan die jongens met blessures is het te danken dat de nog niet zo lang geleden afgedankte Aissati een plek in het eerste elftal kreeg. „Ik kom uit een diep dal”, zei de geboren Utrechter gisteravond na de topper tegen PSV (2-0). Eigenlijk was hij al afgeschreven in Amsterdam, verbannen naar Jong Ajax om samen met de in ongenade gevallen spits Mounir El Hamdaoui uit te zien naar een andere club. De 23-jarige technicus had op het punt gestaan zijn contract in te leveren, tot hij in november vorig jaar weer bij de groep werd geroepen door trainer Frank de Boer.

Nog steeds heeft hij van Ajax niets gehoord over zijn toekomst bij de club. Een eventueel kampioenschap, waar in Amsterdam weer over wordt gesproken, zou hij dan ook „een fantastische afsluiting” van zijn moeizame tijd bij Ajax vinden. Wel lijkt zijn rehabilitatie afgerond nu hij tegen PSV, de club waar hij zijn opleiding genoot, het verschil maakte. Kort na zijn openingstreffer, een als voorzet bedoelde krul in de verre hoek, versierde hij een penalty toen PSV-verdediger Marcelo hem een been bood om over te struikelen. Siem de Jong was koelbloedig vanaf elf meter.

En dan ben je de man van de wedstrijd. Aissati dus, een toevallig opgedoken antiheld, herontdekt in een periode waarin De Boer van gekkigheid niet meer wist wie hij waar moest opstellen. Het tekent De Boer, vond Aissati zelf, dat de trainer terug durfde te komen op de verbanning van Aissati naar de beruchte ‘kleedkamer 2’ van Ajax. „Dat was een moedig besluit”, zei de kleine nummer 28 van Ajax gisteren.

De Boer heeft inmiddels ook de verantwoordelijkheid genomen voor de zware trainingsstof die de oorzaak zou zijn van de blessuregolf. De lerende trainer is ruiterlijk in het erkennen van fouten, hoewel hij er niet veel maakte. Nuchter en onverstoord leidde hij Ajax door de sportieve en bestuurlijke crises die de club teisterden. De ploeg beloont de trainer daarvoor niet met heel goed voetbal, maar wel met resultaten. Zo blijft het rustig in Amsterdam.

De vooruitzichten zijn zeven weken na de ontstellende thuisnederlaag tegen FC Utrecht (0-2) ineens uitstekend. Voor een wenkend perspectief op de lange termijn konden Ajax-supporters hun blik gistermiddag richten op de videoschermen in de Arena. Voor de wedstrijd tegen PSV waren de beelden te zien van de finale van het NextGen-toernooi. In Londen verloor Ajax A1 dan wel na strafschoppen van Internazionale, maar de jonge Ajacieden hadden op weg naar de finale hun leeftijdsgenoten van Barcelona en Liverpool met ruime cijfers opzij gezet.

Ook in het heden is er voldoende reden voor optimisme. Waar concurrent AZ wekelijks meer energie moet steken in zwaarbevochten resultaten, kan Ajax de komende weken de herstellende basisspelers Gregory van der Wiel, Derk Boerrigter, Nicolai Boilesen en Kolbeinn Sigthorsson gaan inzetten in wedstrijden die in theorie iets makkelijker zijn dan die van de Alkmaarders. De IJslandse spits Sigthorsson zou vanavond weer zijn eerste speelminuten bij Jong Ajax maken en kan in de slotfase van de competitie nog van grote waarde worden.

Het was namelijk de aanvallende zwakte die er gisteren voor zorgde dat Ajax zijn matte tegenstander niet bij de keel kon grijpen. Veldoverwicht was er, maar de gemankeerde ploeg van De Boer kon niet afdwingen waar het recht op had. Pas na rust was er een bevlieging van Christian Eriksen, die na twee schijnbewegingen hard in het zijnet schoot. Daarna volgden de beslissende momenten van Aissati. Onderwijl bleef PSV onverminderd doormodderen.

Het gejuich diep in de tweede helft ter begeleiding van elke pass van Ajacied naar Ajacied was een vernederende bevestiging van de onmacht van PSV. Een speels gejuich ook dat dit seizoen nog niet te horen was geweest in Amsterdam. „We wilden regeren in de Arena”, sprak rechtsback Ricardo van Rhijn. De twintigjarige stand-in van Van der Wiel speelde foutloos en legde de snelle en vaak belangrijke PSV-aanvaller Dries Mertens volledig aan banden.

Dezelfde Mertens sprak een maand geleden, na een moeizame overwinning van PSV op Feyenoord (3-2), de veelvuldig geridiculiseerde woorden „dit was de kampioenswedstrijd”. Gisteren lag de verleiding op de loer voor Ajacieden om te gaan zweven, maar aan Amsterdamse bluf brandt bijvoorbeeld Van Rhijn zich niet. „Laten we het eerst maar eens wedstrijd voor wedstrijd bekijken.”

Ajax won zeven duels op rij en dat deed dit seizoen nog geen enkele ploeg in de eredivisie. Met nog zeven wedstrijden te spelen groeit het gevoel van onoverwinnelijkheid bij de ploeg die, inclusief het kampioenschap vorig seizoen, alle uitersten in een jaar tijd heeft meegemaakt. Frank de Boer toonde de spelersgroep voor de wedstrijd tegen PSV beelden van het kampioensfeest van vorig jaar mei. En daarna een kort filmpje van gloriërende sporters, zoals Michael Jordan en een wielrenner van wie Aissati even niet op de naam kan komen. „Een winnaar in ieder geval.”