Knekelkist Jacob niet vals/echt

Echt of niet echt. Dat is na een zeven jaar durende rechtszaak nog steeds de vraag als het gaat om het knekelkistje van de broer van Jezus. De rechtbank van Jeruzalem besloot vorige week zijn vingers niet te branden aan wat nu weer alleen een wetenschappelijk dispuut is. Rechter Farkash oordeelde dat niet bewezen is dat de aangeklaagden, verzamelaar Oded Golan en kunsthandelaar Robert Deutsch, schuldig zijn aan vervalsing, maar dat wil volgens hem niet zeggen dat het knekelkistje dus echt van de broer van Jezus is geweest.

De zaak begon tien jaar geleden toen Discovery Channel in New York met veel show een bijzondere vondst bekend maakte. De inscriptie ‘Jacob, zoon van Jozef, broer van Jezus’ maakte van een doorsnee kalkstenen knekelkistje uit de eerste eeuw iets spectaculairs. Maar in de ogen van de Israëlische Oudheden Autoriteit was de vondst verdacht, want zonder duidelijke herkomst. Ze namen het knekelkistje bij eigenaar Golan in beslag, onderzochten de inscriptie en kwamen tot de conclusie dat die vervalst was. Toen ze bij Golan nog twee andere verdachte vondsten deden (een tablet met een inscriptie over de restauratie van de Tempel door Juda en een scepter die volgens een inscriptie aan de Hogepriester van de Tempel had behoord), waren ze ervan overtuigd dat dit het topje was van een ijsberg met aan de bijbel verwante vervalsingen. Ze klaagden Golan en zijn handlanger Deutsch aan.

Anders dan de aanklagers verwachtten, bleek het niet eenvoudig om te bewijzen dat het knekelkistje, met name het tweede deel van de inscriptie, zonder twijfel een vervalsing is. Beide partijen riepen tientallen (internationale) experts op het gebied van archeologie, de bijbel, chemie, geochemie, geologie, paleografie, grammatica en taal op, met alleen maar tegengestelde conclusies als resultaat. De 12.000 pagina’s getuigenissen leveren voorlopig maar één zekerheid op: wordt vervolgd.

Theo Toebosch