Brieven over populisme in Nederland

Politici, richt je eens op kiezers en niet op elkaar

Tom-Jan Meeus schrijft dat het populisme in de Verenigde Staten de splijtzwam van de samenleving is (NRC Handelsblad, 17 maart). Ook in Nederland dreigt dit te gebeuren. Populisme appelleert aan de angst voor het vreemde of onbekende. Dit leidt tot een groeiend wantrouwen van burgers in politici, de rechterlijke macht en de wetenschap.

Progressieve en gematigde politici geven toe aan dit populisme. Om bij de kiezer in de smaak te vallen, versterken ze tegenstellingen door zichzelf te overschreeuwen. Moraliteit is verdwenen. De vrijheid van meningsuiting staat boven alles. Fact-free politics zijn bon ton, zolang je maar mediageniek bent.

Hier maakt Meeus een heel belangrijk punt. Progressieve politici moeten niet elkaar terechtwijzen, maar de burger. Zij moeten de angstige en wantrouwende burger wijzen op hun roekeloze en ongefundeerde sentimenten.

Dit lijkt mij een mooie opdracht voor politici als Pechtold, Sap, Samsom en al die anderen die in de plenaire zaal hun energie verspillen met het bestrijden van Wilders of Rutte. Richt je pijlen liever eens op de onwetende en angstige kiezers. Durf hen eens aan te spreken op hun verantwoordelijkheid en hun moraliteit. Zij hebben tenslotte deze ellendige coalitie mogelijk gemaakt.

P. Derwort

Den Haag

Wij zijn niet als de VS

Volgens Tom-Jan Meeus is politiek wantrouwen in Nederland in een „krankzinnig hoog tempo” toegenomen. Populistische partijen zouden hieraan debet zijn. Beide claims zijn ongegrond.

Voor een politieke vertrouwenscrisis in Nederland sinds 2001 is geen enkel bewijs. Sterker nog, in de jaren tachtig was 50 procent van de Nederlanders tevreden met het functioneren van de democratie, tegenwoordig bijna 70 procent. Het vertrouwen in de regering en het parlement is sinds 2001 vooral grillig. Het kabinet-Balkenende II werd gewantrouwd, maar in 2007 bereikte het vertrouwen nog een historisch hoogtepunt, tijdens de 100-dagentour van Balkenende IV. Ook na de nationalisatie van ABN Amro piekte het vertrouwen, hoewel dat vervolgens weer wegzakte. Afhankelijk van het moment behoort het politiek vertrouwen in Nederland tot de absolute top (voorjaar 2009) of subtop (2011) van Europa.

Nederlandse kiezers zijn veranderd. Vertrouwen is meer dan ooit een evaluatie van daadwerkelijke politieke gebeurtenissen. Bovendien staat de wantrouwende kiezer tegenwoordig in het centrum van de politieke belangstelling. De PVV stimuleert wantrouwen niet, maar trekt wantrouwende kiezers aan.

Juist doordat wantrouwende kiezers op partijen als de PVV kunnen stemmen, vindt publieke onvrede een politieke uitlaatklep. Eerder vervulden ook D66 („het politieke stelsel opblazen”), de SP („stem tegen”), en de LPF („puinhopen van Paars”) deze rol. In landen met gesloten kiesstelsels als de VS is dit onmogelijk: wantrouwende burgers keren zich af van de politiek. Laten we onszelf geen Amerikaanse vertrouwenscrisis aanpraten.

Tom van der Meer Armen Hakhverdian

Universitair docenten politicologie aan de Universiteit van Amsterdam