Brieven

Juist de overheid moet fout vlees verhelpen

Vees smaakt me niet meer zo goed, schrijft Rosanne Hertzberger (Opinie&Debat, 17 maart). Dit komt door alle informatie die zij inmiddels heeft gekregen over gebrekkig dierenwelzijn in de veehouderij, de gevaarlijke toename van het aantal anti-resistente bacteriën vanwege antibioticagebruik en de schadelijke gezondheidseffecten van het eten van rood vlees.

Maar voor regelgeving uit Den Haag, zoals een verbod op megastallen, voelt zij niets. Gek eigenlijk. Het is net als bij het roken. Tabak smaakte steeds minder mensen vanwege verontrustende berichten over longkanker en de grotere assertiviteit van gedwongen meerokers. Een echte doorbraak werd evenwel bereikt met het rookverbod, optreden van de overheid dus. Een verbod op megastallen is daarmee te vergelijken. Hiervoor is maatschappelijk draagvlak, juist omdat het vlees steeds minder mensen smaakt door de problemen in de vee-industrie.

Klaas Breunissen

Campagneleider duurzaam voedsel bij Milieudefensie

Bij hbo-journalistiek is het nog steeds 1980

De hbo-opleidingen journalistiek in Nederland zijn hopeloos verouderd. Alsof er in de mediawereld niets is veranderd, leveren ze nog steeds jaarlijks honderden studenten af die zijn opgeleid voor de traditionele media – krant, radio, televisie en tijdschriften. Wat nieuwe media betreft, hebben deze opleidingen de afgelopen tien jaar onder een steen gewoond. Ze lopen jaren achter op de markt en investeren niet in onderwijsvernieuwing.

Ondertussen is er een nieuwe en bloeiende media-industrie ontstaan, gebaseerd op mobiele platforms, social media, electronic magazines en talloze nieuwe webconcepten. Daar zijn journalisten en redacteuren voor nodig die radicaal anders zijn opgeleid. De journalist 2.0 moet interactief en multimediaal zijn. Opgeleid om te schrijven voor een onlinelezer die zijn iPhone gebruikt als toegang tot de wereld. Nieuwe doelgroepen lezen geen kranten, geen omroepbladen en kijken geen televisiejournaal.

Op de websites van de hbo-opleidingen is het nog steeds 1980. In ronkende marketingtaal wordt een lonkend beroepsperspectief geschetst, hoewel in feite zwaar verouderde opleidingen worden aangeboden – een opleiding voor werkloosheid. De werkgelegenheid voor redacteuren en journalisten is bij de traditionele media in een vrije val geraakt. Studenten worden gezien als een wandelende zak met geld die de opleidingen draaiende houdt.

Gerard Veerling

Vader van een afgestudeerde journalistiekstudente, Ede

Logisch dat schade aan naasten erger is

Hendrik Gommer legt uit dat we niet moeten toegeven aan het diepe wantrouwen dat wij evolutionair koesteren tegenover mensen van een ander ras of andere nationaliteit (Opinie&Debat, 17 maart). Eens. Om dit natuurlijk wantrouwen te onderbouwen, haalt hij een onderzoek aan waarbij respondenten wordt gevraagd hoe zij zich voelen als een vrouw in Brazilië wordt verkracht en hoe ze zich voelen als hun eigen dochter wordt verkracht. Het resultaat is dat mensen geschokter zijn als dorpsgenoten, vrienden en directe familieleden iets dergelijks overkomt. Dit lijkt me een overbodig onderzoek – niet alleen omdat de uitslag nogal voor de hand ligt, maar vooral ook omdat gevraagd zou moeten worden hoe men zich voelt als een onbekende blanke Nederlandse wordt verkracht versus een onbekende Braziliaanse. Dat levert pas relevante conclusies op.

Wouter Boon

Amsterdam

Voor excessen PostNL werd al gewaarschuwd

Ik lees dat de Tweede Kamer het een schande vindt dat de top van PostNL met bonussen naar huis gaat dankzij de overname van het bedrijf, terwijl de postbodes onzeker zijn over hun banen en zelfs over hun pensioenen (NRC Handelsblad, 22 maart). De typering van het bedrijf is raak: PostNL is „een private onderneming die als staatsbedrijf aanvoelt”. Dit is de Tweede Kamer kennelijk vergeten. Het was die Kamer, met voornamelijk dezelfde partijen, die het Staatsbedrijf PTT eerst naar de markt en vervolgens naar de beurs heeft gebracht. Wat er nu gebeurt, is exact waarvoor de tegenstanders toen hebben gewaarschuwd. De politiek heeft met het heilig verklaren van de marktwerking alle zeggenschap over wat ooit inderdaad staatsbedrijven waren uit handen gegeven en staat nu machteloos aan de zijlijn te mopperen op excessen.

C.H.Slechte

Schiedam

Kleurenblindheid mag geen achterstand geven

In het artikel ‘Steeds meer diagnoses voor steeds meer leerlingen’ (NRC Handelsblad, 10 maart) mis ik de handicap waar de meeste leerlingen last van hebben en met de minste aandacht: kleurenblindheid. In Nederland zijn 700.000 mannen en vrouwen kleurenblind, met in elke klas gemiddeld één kleurenblinde jongen. Met diens handicap houdt de leerkracht, door gebrek aan kennis, geen rekening. Het onderwijs staat bol van functionele kleuren. Als je daar geen wijs uit wordt, is dat slecht voor je zelfvertrouwen en goed voor je faalangst, nog daargelaten dat gekleurde informatie niet overkomt.

Het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) heeft in 2002 het testen op kleurenblindheid afgeschaft, onder het motto: het is niet te genezen, noch te compenseren. Het is wel degelijk van belang te weten of een kind kleurenblind is – voor het kind zelf, opdat het geen onhaalbaar beroep kiest, voor de ouders die zich verbaasden over merkwaardig gedrag en voor de onderwijzer die begrijpt wat er aan de hand is. In het Verwey-Jonker-rapport Een onnodige handicap worden 135 problematische beroepen opgesomd. NCJ noemt er twee, vermoedelijk om ook hiermee afschaffing van testen te rechtvaardigen.

Jaarlijks worden 6.500 kleurenblinde basisschoolleerlingen op achterstand gezet, doordat de school niet weet welk kind de speciale Citotoets moet ontvangen. Indien Cito de algemene versie kleurenblind-proof drukt, zijn kleurenblinden automatisch geholpen en is de zwart-witte versie overbodig.

Voor het gehele onderwijs geldt de ‘Wet gelijke behandeling op grond van handicap en chronische ziekte’, maar helaas merken kleurenblinden hier niets van. In Japan zijn alle school- en studieboeken kleurenblind-proof gedrukt. Wanneer volgt Nederland?

Meinard van Goor

Blind Color, Arnhem

Europa is helemaal niet zo links

Briefschrijver Emanuel Hoffmann stelt dat „links Europa” rechtse regeringen hindert (Opinie&Debat,17 maart). Hij heeft het onder meer over de Europese Commissie en het Europees Parlement. In beide organen is evenwel sprake van een centrum-rechtse meerderheid. De uit 27 leden bestaande Europese Commissie telt slechts vijf sociaal-democratische (linkse) commissarissen. In het 754 leden tellende Europees Parlement zitten 282 leden die kunnen worden gerekend tot ‘links’.

Bert van den Braak

Den Haag

Koffie hoort niet naar jute te smaken

Koffie is een populair onderwerp. Elke week zijn er zeker drie artikelen over koffie in kranten en tijdschriften te vinden, helemaal sinds Starbucks in Amsterdam een concept store opende. Het is geheel logisch dat ook NRC hieraan mee doet. Zo stond in ‘Lux’ van 17 maart een artikel over diverse koffieketens en de kwaliteit van de geserveerde koffie. Op zichzelf was het een prima artikel, met een duidelijke uitkomst: Starbucks brandt zijn koffie veel te donker en Coffee Company steekt met kop en schouders uit boven de anderen. Waarschijnlijk zou ook ik dit oordeel hebben geveld.

De verdere inhoud raakt daarentegen kant noch wal. Door de twee „professionele koffieproevers” worden enkele zaken genoemd die grote onzin zijn. Zo zegt de één dat het uitzonderlijk is als een espresso geen blend is. Sinds jaar en dag branden de beste Nederlandse koffiebranderijen evenwel single origins (een koffie komend van één plantage en dus geen blend). Op koffiekampioenschappen zijn vooral deze single origins te vinden in de malers van deelnemers. Ook worden ‘jute’ en ‘tannine’ bestempeld als aangenaam. Jute is altijd onaangenaam, associeer ik met muf en duidt vaak op oude koffie. Tannines maken een koffie wrang en droog. Dit is waarschijnlijk veroorzaakt door een verkeerde zetmethode.

Het zou goed zijn als de media zich niet louter zouden richten op de koffieketens, maar ook op de onafhankelijke espressobar waar echt goede koffie kan worden gedronken. Nog beter zou het zijn als de krant voortaan een echte snob zou bellen voor een dergelijk artikel.

Francesco Grassotti

Amsterdam