Bij ons speelt iedereen de baas. Dat is moeilijk

In Amsterdam zijn de Genco’s met hun vier Turkse supermarkten een begrip. De familieleden staan allemaal in de winkel. Kleinzoon Emrah Genco (Amsterdam, 1985) heeft nu de leiding.

Genco

„Of ik de zaak wilde overnemen is me niet gevraagd. Het werd van me verwacht. Mijn vader heeft de winkel ook van zijn vader overgenomen. Ik weet niet anders dan dat mijn hele familie en ik in onze vier supermarkten werken. Al sinds mijn zestiende doe ik dat fulltime. Ik begon achter de kassa, vulde groenten en fruit bij, ging soms mee naar de centrale markt inkopen doen. En als mijn vader in Turkije was, runde ik de boel.

„Ik heb geprobeerd een opleiding te volgen. Administratie, bouw, techniek, van alles. Maar ik was niet gemotiveerd genoeg. Ik spijbelde, ging met vrienden roken, chillen in het Turkse koffiehuis, soms tot twee, drie uur ’s nachts. De volgende dag kwam ik met een kater op m’n werk. Ik ben toen ook meermalen aangehouden voor dronken rijden. Mijn rijbewijs werd een tijdje ingenomen.

„Toen waren mijn vrienden heel belangrijk voor me. Maar het waren verkeerde vrienden. Dat zag ik niet. Van die vrienden is weinig terechtgekomen. Ze melden zich elke maand bij de Sociale Dienst. En het waren echt niet alleen Turken – er zat van alles bij. Heel gemengd, net als de Indische buurt hier in Amsterdam.

„Ik heb geluk gehad dat mijn familie zo hard werkte. Mijn ouders zeiden: ‘Of je gaat naar school, of je komt hier in de winkel werken.’ Uiteindelijk weten je ouders wat het beste voor je is.”

Vrouw

„Ik was 18 jaar toen het uitging met mijn eerste vriendin, een Turks-Nederlandse. Zij maakte het uit. Waarom weet ik nog steeds niet. Ik was er stuk van.

„Een jaar later ontmoette ik mijn huidige vrouw. Zij was 17, een ver nichtje. We ontmoetten elkaar in het huis van mijn oma in Gaziantep, Turkije. We waren, pats boem, verliefd. We zijn snel verloofd en trouwden kort daarna. Maar zij was daar, ik hier. Het heeft veel papierwerk gekost om haar hier te krijgen. Maar ik ben er heel trots op hoe snel ze Nederlands heeft geleerd. Zonder mij, want ik was van acht uur ’s ochtends tot acht ’s avonds in de zaak.

„Mijn vrouw is heel zorgzaam. Ze kookt elke dag voor me,Turks. Daarom wilde ik ook graag trouwen met een Turkse. Als ik een Nederlandse vrouw had gehad, had ik dat zelf moeten doen. Maar eigenlijk maakt het niet uit. Je moet gewoon die klik hebben.

„Mijn wereld veranderde compleet toen mijn zoon werd geboren. Ik was 21 jaar, een jonge vader. Vanaf dat moment wist ik dat alles anders werd. Ik heb de dag na zijn geboorte meteen mijn lange haar afgeknipt. Mijn zoontje heet Arda, zoals de bekende voetballer van Galatasaray. En nummer twee is onderweg. In mei word ik weer vader, van een jongetje.

„Door mijn vrouw ben ik geloviger geworden. Mijn ouders zijn heel vrij en modern. Ik ga nu elke vrijdag naar de moskee hierachter. Een half uurtje tussendoor bidden. Maar streng gelovig ben ik niet. Ik drink heel af en toe nog een glaasje raki [mediterrane alcoholische drank, red.]. En eens in drie maanden ga ik met vrienden van de groothandel naar de Turkse discotheek bij het Amstelstation. Dat vindt mijn vrouw oké, zolang het maar niet te vaak is.”

Opa

„Mijn opa is in de zeventig en komt elke dag om 12 uur naar de winkel. Meestal zit hij op een stoeltje voor de deur. Hij drinkt een glaasje Turkse thee en kletst met de klanten. Daar geniet hij van. Vroeger bemoeide hij zich heel veel met de zaak. Dan kwam hij langs en zei: ‘Dit fruit kan je echt niet meer verkopen’, of: ‘Waarom hangt niet overal een prijsbordje?’ Dat doet hij niet meer. Misschien is het zijn leeftijd.

„Mijn opa is voor mij de belangrijkste persoon in de familie. Ik heb veel respect voor hem. Hij heeft alles vanaf nul opgebouwd. Hij begon al met zijn eerste zaak in de jaren zeventig, na jaren in een fabriek te hebben gewerkt. Hoewel mijn opa en mijn vader veel voorwerk hebben gedaan, heb ik toch het gevoel dat ik nóg harder moet werken. Vroeger had je minder Turkse en Marokkaanse supermarkten. Nu heb je er alleen al in deze straat [Javastraat, red.] acht op een rij.

„De concurrentie is hard. Als ik vlees verkoop voor vijf euro per kilo, verlaagt de buurman zijn prijs naar 4,50 euro. En zijn buurman gaat daar weer onder zitten. Vreselijk. Ik hoef niet eens bij hen langs te gaan om achter de prijzen te komen. Dat laten de klanten me wel weten. ‘Hiernaast is het goedkoper’, zeggen ze dan. Klanten zijn bereid voor vijf cent prijsverschil naar de overkant te gaan. Er zit ook een Albert Heijn in de straat, maar ik denk niet dat die het goed doet. Ik verkoop meestal tweedeklas groenten en fruit, die zijn iets lelijker qua vorm maar wel vers en goedkoop. Albert Heijn verkoopt dure eersteklas groenten en fruit. Die groenten zijn mooi verpakt, maar ze belanden toch allemaal in stukjes in de pan.

Halalvlees

„Mijn opa was een van de eersten in Nederland die halalvlees verkochten. Vlees is belangrijk in de Turkse keuken. Kefta, kebab, het zijn standaardingrediënten. We schrokken wel toen we hoorden dat halal slachten misschien verboden zou worden in Nederland. Natuurlijk kunnen we het vlees dan uit België halen, maar dat is wel duurder.”

Familie

„In de Nederlandse maatschappij werken mensen met een baas en een chef. In onze familiezaken is dat niet zo. Hier speelt iedereen de baas. Dat is soms moeilijk. We hebben regelmatig ruzie met elkaar, meestal over kleine dingen. Als mijn vrouw bijvoorbeeld achter de kassa zit, heeft ze na drie, vier uurtjes behoefte aan een pauze. Als niemand haar aflost, ontstaat er ruzie. Maar ja, het blijft familie. Ik kan een familielid geen rotschop geven en ’m eruit gooien.

„Wat in onze zaak ook anders is: we werken altijd door. Zeven dagen in de week. Ziek zijn bestaat niet. Hup, een aspirientje erin en verder gaan.”

Paspoort

„Ik ben Nederlander want ik ben hier geboren. Maar ik voel me Turks. Het zit in mijn bloed. Turkije is mijn thuis. Daar word ik niet als vreemdeling gezien. Ze zijn juist trots op je. Ik zou nooit mijn Turkse paspoort inleveren. Als het moet, dan liever mijn Nederlandse paspoort.

„Ik volg het nieuws rond Geert Wilders. Maar Hero Brinkman zegt me niets. Ze mogen moslims misschien haten, maar ik maak me er niet druk om. Vrienden van mij wel. Maar je kunt er niets meer doen dan accepteren dat het zo is, anders moet je wegwezen. Als je dat doet, geef je Wilders zijn zin.”

Nederland

„In Nederland worden de regels steeds strenger, heb ik het idee. Als ik in de winkel muziek draai, moet ik daar 300 euro per jaar voor betalen vanwege de muziekrechten. Zonder aankondiging, niks. Er lag ineens een brief met acceptgiro in de bus. Ontkennen helpt niet, dan zeggen ze: ‘Er is iemand in uw winkel geweest.’ En vanmorgen nog: ik bracht mijn zoontje op de scooter naar school. Krijg ik tachtig euro boete. Blijkbaar mag hij niet voorop zitten.

„In Turkije zijn ze relaxter. Daar hoef je niet voor muziekrechten te betalen. De belastingen zijn daar ook lager. Hier betaal je elke drie maanden wegenbelasting. Daar één keer in het jaar en veel minder.”

Turkije

„Vroeger gooiden we in de zomer de winkels zes weken dicht. We reden dan met de hele familie, zes auto’s, achter elkaar, in één ruk naar Turkije. Ik herinner me het eten onderweg nog goed. Mijn moeder had kippenvleugels klaargemaakt, in de oven. Ze verpakte die in vacuümzakjes en die gingen de koelbox in. Onderweg aten wij koude kip op de achterbank. Lekker joh!

„Lange vakanties zitten er nu niet meer in. We kunnen het ons niet meer veroorloven om de winkels te sluiten. Dan lopen we inkomsten mis en bovendien hebben we nu ook meer extern personeel. Als ik nu op vakantie ga, doe ik dat met mijn gezin. We nemen het vliegtuig, en blijven één of twee weken weg. Maar dat voelt wel als een maand. Ver weg, in de Turkse zon. Daar vergeet ik de zaak en ben ik helemaal ontspannen.

„Wij komen uit Gaziantep in Zuidoost-Turkije, een best beroemd stadje op het platteland. Ze zijn in Turkije nummer één op het gebied van tapijten en baklava [Turkse zoetigheid, red]. Het gaat daar goed met de economie. Er is veel werk en in Gaziantep rijdt sinds kort een tram. Na Istanbul en Ankara gaat het ook beter met andere delen van het land.

„De crisis in Europa is ook een reden waarom een aantal vrienden van mij uit Nederland weg wil. In Turkije lijken nu meer kansen te liggen. Maar ik heb het nog wel naar mijn zin hier. Ik hoef niet per se weg.”