Treinflirt

Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic anda thu – het is lente, het is tijd voor liefde. Op woensdag reed er daarom een speciale NS Lovetrain door het land: een romantische rit van het Spoorwegmuseum tot aan Arnhem, waarop de deelnemers met elkaar gingen speeddaten. Eigenlijk zou de Lovetrain op Valentijnsdag al rijden, maar

Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic anda thu – het is lente, het is tijd voor liefde. Op woensdag reed er daarom een speciale NS Lovetrain door het land: een romantische rit van het Spoorwegmuseum tot aan Arnhem, waarop de deelnemers met elkaar gingen speeddaten. Eigenlijk zou de Lovetrain op Valentijnsdag al rijden, maar toen vroor het. En als de speciale rit een dag later was gepland, was het ook wat minder idyllisch verlopen. Maar goed: de trein was er, hij reed – liefde geeft vleugels.

De Lovetrain zou eigenlijk al op Valentijnsdag rijden. Maar toen vroor het

De combinatie NS en romantiek is niet heel verwonderlijk: er wordt wat afgeflirt in de trein. Het was mijn favoriete rubriek uit het (zeer gemiste) tijdschrift Rails: Hartkloppingen. ‘Ik, donker haar, bril met sportief montuur, goed onderhouden gebit, zat in de 12:42 naar Nijmegen en zag daar jou, blond, in een bruine jas met franjes. Je deed een sudoku van wel vier sterren. Je keek twee keer mijn kant op, maar ik weet niet zeker of je ook naar mij keek. Ik vond je zo mooi dat ik op weg naar buiten tegen de glazen klapdeur aan liep. Zullen we een keer samen puzzelen?’

Hopelijk zal ook op de Lovetrain een zacht wiegende wagon de overslaande vonk bevorderen. Na vertrek wordt echter duidelijk dat er 31 deelnemers zijn: vijftien jongens, zestien meisjes. Dat betekent dat bij elke speeddateronde er steeds één meisje alleen komt te zitten.

Aangezien ik geen opbloeiende romances wil verpesten door als derde wiel bij een koppel aan te schuiven, ga ik op zoek naar dat overgebleven meisje. Als ik bij haar ga zitten, vertelt ze me opgetogen dat ze ooit eerder heeft gespeeddate, maar dat de jongen die ze daaraan had overgehouden een bokkenlul was gebleken. Ze hoopt nu op beter, maar naar aanleiding van wat ze had zien instappen waren haar verwachtingen niet heel hoog.

Als de vier minuten om zijn, kom ik als vanzelf bij het volgende meisje terecht – zodat ik uiteindelijk de hele speeddateronde meemaak als een van de mannelijke kandidaten. Nu heb ik nog nooit eerder een speeddate gehad. Goed, de gesprekken die ik met de zestien aanwezige vrouwen voerde waren misschien niet echt gericht op een gezamenlijke toekomst met een aangeharkt gazon en twee lapjeskatten, maar toch krijg ik wel een idee: bij speeddates vertel je steeds opnieuw hoe je heet, waar je woont en wat voor werk je doet. Als het goed gaat, is er een wending – je praat over iets onverwachts. Als het slecht gaat, blijken vier minuten erg lang.

Al snel merk ik dat de mannen niet erg in de smaak vallen. De reacties variëren van het gemoedelijke ‘als vrienden was het wel gezellig’ tot ‘ik zou het liefst nu uit de trein stappen’. „Het is net Amsterdam: allemaal knappe, hoogopgeleide vrouwen, geen mannen”, verzucht iemand. Uiteindelijk heb ik met mijn female only speeddatedag dus volgens iedereen geboft. Maar toch: als we na de reis van het perron vertrekken, zijn twee deelnemers nog steeds met elkaar in gesprek – hopelijk met enige hartkloppingen.