Spel en decor redden deze ‘Tartuffe’ niet

Tartuffe door Toneelgroep Amsterdam en NTGent. Regie: Dimiter Gotscheff. Gezien: 22/3. Inl. tga.nl

Er zijn drie grote attracties aan Dimiter Gotscheffs regie van Molières Tartuffe (1664). Acteurs Wim Opbrouck en Frieda Pittoors en het schitterende toneelbeeld van Katrin Brack. Om de decadentie van de rijke familie van Orgon (Opbrouck) te verbeelden, stelt Brack een zestal kanonnen op aan weerszijden van het toneel. Eerst maakt de zelfvoldane troupe haar entree: een triomfantelijke Orgon, trophy wife Elmire (Katelijne Verbeke in bontjas en glitterjurk), de sullige zoon Damis en verwende dochter Mariane, plus aanhang. Als het gezelschap parmantig plaatsneemt op toneel, schieten de kanonnen met kracht confetti en slingers omhoog. Minutenlang regent het gekleurde snippers en slierten op de stoïcijnse gezinsleden. Een krachtig beeld.

Gotscheff verving grote delen tekst door tekstflarden van onder anderen Heiner Müller en Ezra Pound. Prikkelende zinnen, maar samen maken ze een onevenwichtig geheel: het brave rijm van Molière enerzijds, en de grove, gewelddadige tekstbommen van Müller anderzijds.

De acteurs spelen vet en grotesk. Ze richten zich uitsluitend tot het publiek, niet tot elkaar, wat ten koste gaat van het drama. Alleen Opbrouck en Pittoors deert dat niet: zij maken een hilarische show van hun optreden. Opbrouck danst over het toneel als een godsdienstwaanzinnige, zingt de gospel, en hult zijn dikke lijf uiteindelijk nog slechts in een lendedoek. Pittoors is als werkster Dorine een fanatieke Oost-Europese immigrant, die met volle overtuiging Nederlandse liedjes zingt, ten teken van haar totale assimilatie, en zich volledig voegt naar wie de baas is in huis. Hun spel zorgt voor een paar zeldzame hoogtepunten.