Onderzoek voor een beter leven

Waag Society doet onderzoek op het grensvlak van kunst, wetenschap en technologie. Vanaf 2013 krijgt het instituut geen structurele rijkssubsidie meer.

Waag Society is geen doorsnee kunstinstelling. Hier wordt niet gedanst, gemusiceerd of toneel gespeeld. Er worden ook geen schilderijen of beelden tentoongesteld. Toch komen er uit het middeleeuwse Waaggebouw op de Nieuwmarkt in Amsterdam dingen voort die het bekijken waard zijn. In het zogenoemde Fablab, dat vol computergestuurde machines staat, realiseren kunstenaars, architecten, vormgevers, modeontwerpers en filmmakers innovatieve ontwerpen. Zoals met een 3D-printer, die op de computer ontworpen vormen in plastic uitprint. Of met een ‘Shopbot’ die driedimensionale ontwerpen in hout uitfreest. Een laser die snijdt en graveert in allerlei materialen. En apparatuur waarmee films kunnen worden opgenomen in 4K, vier keer scherper dan HD.

Waag Society is een zogenoemde ontwikkelinstelling. Hier wordt onderzoek gedaan op het grensvlak van kunst, wetenschap en (opkomende) technologie. Directeur Marleen Stikker noemt haar instituut ook wel „een creatief TNO”. „Wij zien de samenleving als ons canvas en technologie als onze verf en penselen. We doen veel vrij, artistiek onderzoek, gedreven door nieuwsgierigheid, maar we doen ook onderzoek in opdracht.”

In het Fablab zitten jonge mensen geconcentreerd te werken. Een kunstenaar ontwerpt een elektronisch circuit om ledlampjes aan te sturen, een ander laat de Shopbot haar driedimensionale ontwerp van een houten draak uitzagen. Een modeontwerpster knutselt met stukjes zwart en wit karton het ontwerp van een rok in elkaar. „In het Fablab verbinden we internettechnologie aan ambachten. Dat levert leuke ontmoetingen op tussen nerds, hackers en creatieven”, zegt Stikker.

In het Fablab werken zowel onderzoekers van Waag als buitenstaanders, die op de twee open dagen per week de apparaten kunnen gebruiken. Meestal zijn dat mensen uit de creatieve sector, maar ook anderen hebben belangstelling. Zo kwam er een jongetje van dertien dat de apparatuur gebruikte om een verhoogde zool te maken onder een van zijn voetbalschoenen. De stappen die hij verrichtte legde hij nauwkeurig vast in teksten en foto’s, zoals iedereen die het Fablab gebruikt. Deze informatie zette hij op de website van Waag. Het delen van informatie, ‘open source’, is een belangrijk uitgangspunt bij Waag Society.

Het Fablab is niet de enige plek waar Waag Society creatief onderzoek doet. Zo is er het Creative Care Lab, waar wordt geëxperimenteerd met slim gebruik van nieuwe technologieën in de zorg. Daar werd bijvoorbeeld onderzocht hoe ouderen door middel van technologie langer zelfstandig kunnen leven. Er is ook een Creative Learning Lab, dat onderzoek doet voor het onderwijs. Daarnaast verkent Waag Society de toekomst van internet, biotechnologie en nieuwe, nuttige toepassingen van mobiele technologie in de publieke ruimte.

Waag vindt het belangrijk om gebruikers, zoals ouderen of gehandicapten, te betrekken bij het ontwerpproces. „Veel te vaak worden er dingen ontworpen die niet aansluiten bij de belevingswereld van de gebruiker”, zegt Stikker. „Neem de ov-chipcard. Dat is geen sociaal ontwerp; er is niet genoeg nagedacht over de manier waarop mensen graag reizen, namelijk samen.” Voor Waag is de sociale en culturele context waarin technologie wordt ingezet juist het belangrijkste. „Ons doel is sociale innovatie.”

Waag Society krijgt nu nog 8 ton subsidie per jaar van OCW. Maar het ministerie wil ontwikkelinstellingen vanaf 2013 geen structurele subsidie meer geven. Wel mogen ze een aanvraag doen bij een van de rijksfondsen voor cultuur. Waag Society heeft dat gedaan bij het Stimuleringsfonds voor Architectuur, dat bezig is zich om te vormen tot Fonds voor de Creatieve Industrie. Dit fonds mag jaarlijks maximaal 5 ton per aanvrager verstrekken. Dit betekent dat Waag zeker 40 procent minder krijgt.

Stikker: „We zullen minder ruimte hebben voor artistiek onderzoek, terwijl daar veel behoefte aan is, want daarbij doen we vaak ontdekkingen waarop we kunnen voortbouwen. We zullen ons meer richten op Europese financiering en hopen dat er bedrijven zijn die zich structureel aan ons willen verbinden.”

Ze laat het prototype zien van een beenprothese waarvan het ontwerp kan worden gedownload, zodat de prothese lokaal tegen zeer lage kosten kan worden ‘geprint’. „Dit komt voort uit ons vrije onderzoek. Een ongelooflijk nuttige ontdekking die het leven van veel mensen voorgoed zal veranderen.”