Met dank aan het zonnetje

De Canadees Denny Morrison won gisteren de 1.500 meter bij de WK afstanden. Twee jaar geleden wilde hij nog stoppen.

Redacteur Schaatsen

Heerenveen. Huilend verscheen Denny Morrison twee jaar geleden op prime time voor de Canadese televisie. De schaatser uit Brits-Columbia, wereldkampioen op de 1.500 meter in 2008 en de thuisfavoriet op de olympische schaatsmijl in Vancouver, was teleurstellend als negende geëindigd. Was dit te wijten aan een verkeerde aanpak van zijn coach die toch al onder vuur lag, legde de verslaggever hem in de mond. „Nee”, snikte Morrison genadeloos eerlijk. „Ik heb zelf gefaald. Sorry.”

Gisteren viel Morrison (26) in een halfvol Thialf in de armen van zijn ploeggenote Shannon Rempel. Aan het eind van een degelijk maar kleurloos seizoen was hij opnieuw wereldkampioen op de 1.500 meter.

Na de Spelen van Vancouver dacht hij nog aan stoppen, ondanks goud op de ploegachtervolging. „De energie was eruit, ik wist niet of ik het ooit nog kon opbrengen om weer ergens zo hard voor te trainen”, vertelde hij na zijn race waarin hij directe tegenstander Shani Davis versloeg, en in 1.46,44 de Rus Ivan Skobrev en de Noor Havard Bøkko nipt voorbleef. De bekroning voor zijn teruggevonden motivatie.

De Canadese winnaar geniet veel respect in het internationale schaatspeloton. „We zijn al jaren vrienden”, zei Davis (29). De Amerikaan toonde bewondering voor de strategie van zijn tegenstander, die twee keer vlak achter hem langs kruiste en zo profiteerde van zijn slipstream.

De twee Noord-Amerikanen trainden jarenlang samen in Calgary en stuwden elkaar naar grote hoogten. In het spoor van de meer ervaren Davis haalde ook de jonge Morrison steeds vaker het podium op 1.000 of 1.500 meter. „Shani heeft me geholpen om op topniveau te komen. Ik hoefde hem alleen maar te volgen. Zo heb ik precies geleerd hoe hij schaatste.” Tot de Canadezen in de aanloop naar Vancouver niet langer behoefte hadden aan een Amerikaanse ‘pottenkijker’ en Davis werd weggestuurd. „Toen moest ik opnieuw leren hoe ik alleen moest schaatsen.”

Vorig seizoen viel de sport hem zwaar. Dankzij wat prijzengeld en ondersteuning van zijn ouders kon Morrison blijven schaatsen. „Ik ontdekte hoeveel ik nog hield van de levensstijl als schaatser. Het reizen, het trainen, de wedstrijden. Ik vind het een schitterend gevoel om naar de startstreep te rijden, nerveus en dodelijk kalm tegelijkertijd. Sinds dit seizoen leef ik weer volledig voor mijn sport.”

In eerste instantie viel Morrison dit jaar vooral op met een imposante snor, die hij pas halverwege het seizoen afschoor. Met trainers Bart Schouten en Mike Crowe hervond hij aansluiting met de top. Waar de Nederlandse sprinters Stefan Groothuis (vijfde) en Kjeld Nuis (achtste) in de laatste bocht van pure vermoeidheid een misslag maakten, bleef Morrison net lang genoeg goed schaatsen.

„In deze tijd van het jaar ben ik gewend om de Oval Final in Calgary te rijden”, zei Morrison. „Ik houd er wel van om uit de zon op snel ijs te komen, dat geeft energie.” Maar in Heerenveen was de baan door de hoge luchtdruk toch juist niet snel? „Misschien heeft alleen al de combinatie van Nederland en de zon me vleugels gegeven.”