Jong, onzeker en gespot door JFK

Vijftig jaar geleden gaf President Kennedy haar een rondleiding in het Witte Huis. Ze werd een van zijn vriendinnen. Mimi Beardsley biecht het op en hoopt er wat aan te verdienen.

Mimi Alford, toen nog Fahnestock, in 1963, toen ze in het Witte Huis werkte Foto Redux Pictures/Hollandse Hoogte

Mimi Alford: Er was eens een geheim. Mijn leven met JFK. Vertaald door Otto Biersma en Luud Dorresteyn. (Once upon a Secret). Cargo, 304 blz. €18,90.

In My week with Marilyn (2000) onthulde de schrijver Colin Clark (1932-2002) dat hij ‘iets’ had gehad met Marilyn Monroe. Vijf jaar eerder had hij al een dagboek geschreven over zijn werk als derde-regieassistent bij de film The Prince and the Showgirl (1957), maar in dit tweede boek over die tijd was er ineens sprake van een ‘relatie’. Het lijkt me tamelijk bizar om dat ‘detail’ in je eerste versie te vergeten – er zijn genoeg mannen die alleen een handdruk van Katja Schuurman al noemenswaardig vinden –, maar het leverde na zijn dood in ieder geval genoeg stof op voor een film.

Nee, dan ‘mijn achttien maanden met JFK’ van Mimi Alford. De inmiddels 69-jarige ‘grootmoeder’ (zo wordt ze steevast in de pers aangeduid) had een ‘speelse’ en ‘gepassioneerde’ seksuele relatie met John F. Kennedy (1917-1963). Als 19-jarige werkte ze nog geen vier dagen in het Witte Huis of de assistent van de 45-jarige Kennedy, Dave Powers, belde haar op om te vragen of ze zin had in een ‘midday swim’. De president verscheen, in zijn zwembroek (‘Mind if I join you?’). Hij nam haar apart en vroeg of ze een rondleiding in het Witte Huis wilde. Voor ze het wist was ze met hem in een ‘very private room’ beland. De president ontkleedde haar, en zo werd ze ontmaagd.

De saillante details van de affaire zijn inmiddels breed uitgemeten in de pers en ze worden tamelijk openhartig uitgeserveerd in het boek, zonder al teveel bespiegelingen. Ze kusten elkaar niet, en zij noemde hem ook in bed Mr. President. Hij liet haar invliegen als hij ergens conferenties had of als zijn vrouw Jackie op reis was en zij stond er nauwelijks bij stil dat hij getrouwd was, misschien omdat ze zijn echtgenote nooit zag. Hij vroeg haar om in zijn aanwezigheid Dave Powers oraal te bevredigen – en ze deed dat. Hij vroeg haar later ook ‘te zorgen voor’ zijn broer Bobby – dat weigerde ze.

Uit het boek doemt het beeld op van een politiek naïef en onzeker meisje. Ze was jong, vond de president razend knap, gehoorzaamde hem en had een laag zelfbeeld. Ze vond het prettig dat ze gewild werd door de belangrijkste man van het land. Anders dan bij Colin Clark, geloof je als lezer meteen het motief voor het zwijgen van Mimi Alford. Niet alleen zouden haar ouders opkijken van hun ‘scabreuze’ dochter – ze keek zelf nog het meeste op van haar gedrag dat niet strookte met het beeld dat zij had van hoe vrouwen behoorden te zijn.

Later zweeg ze omdat ze zich vernederd voelde toen ze erachter kwam dat ze bepaald niet de enige vriendin in het leven van de president was. Toen Kennedy vermoord werd, vertelde ze haar geheim voor het eerst: aan haar vriend. Ze nam daarmee een risico, want ze had de affaire immers nog lang na hun kennismaking voortgezet. Hij trouwde toch met haar, maar vroeg haar voorgoed over Kennedy te zwijgen. Dat deed ze. Ze nam slechts een paar mensen in vertrouwen en die klapten nooit uit de school.

De onthulling (een journaliste traceerde haar nadat haar naam opdook in enkele biografieën) opende een ware klopjacht. Kranten kopten met ‘medewerker van een kerk bekent…’ (behalve ‘oma’ kan kennelijk ook ‘kerk’ het verjaarde schandaal in Amerika een eigentijds scabreus tintje geven).

Mimi Beardsley – ze was inmiddels gescheiden van haar eerste echtgenoot – ontving een brief van een zekere Dick Alford die haar waarschuwde voor allerlei mensen die iets van haar wilden (een boekcontract, een film). Die brief bewaarde ze, om er later op te reageren. En zo kwam er nog iets moois uit het schandaal: een huwelijk. En oh ironie, toch nog een boekcontract, en wie weet straks een film.

In Once Upon A Secret kiest Mimi Alford voor een intrigerende rol: die van het jonge naïeve slachtoffer dat zich lijkt te verontschuldigen tegenover de huidige generatie vrouwen die de opdracht van een president om over te gaan op orale bevrediging van diens assistent, waarschijnlijk anders zouden oppakken. Slechts één keer neemt Mimi Alford afstand van het 19-jarige meisje. Wat ze eerst een avontuurlijke affaire heeft genoemd, heet na de Tweede Feministische Golf ‘shame and sexual violence’. Daar wordt het spannend, maar Alford kruipt snel terug in haar meisjesrol van toen.

Of deze naïviteit de volledige waarheid is, weten we natuurlijk niet – het strookt met het beeld van een seksueel avontuur dat ze suggereert –, maar het lijkt in de context van die tijd aannemelijk. En misschien minder verouderd dan Mimi denkt.

De naïviteit (of onvriendelijker: dommigheid) van Mimi doet sterk denken aan Monica Lewinsky. Mimi Alford refereert aan haar in het begin van haar boek als angstaanjagend scenario van wat een affaire aan media-aandacht kan losmaken. Maar misschien heeft Alford iets van Lewinksy opgestoken. De beslissing om een boek te publiceren nam ze niet alleen maar om het ‘geheim eindelijk te delen met vele mensen en daar eindelijk van af te zijn’, zoals ze op de laatste bladzijden beweert. Tussen de regels door lezen we hoe zij en haar huidige echtgenoot zuinig moeten leven en elk dubbeltje moeten omkeren.

Alford heeft met dit boek de regie over haar eigen intieme kapitaal in handen genomen en te gelde gemaakt. Dat nu, is geenszins naïef. Door zich als een klein verliefd meisje te presenteren, zal ze vermoedelijk de minste mediabuilen vallen. Die dubbele moraal geldt dus kennelijk nog steeds, en wat dat betreft zegt het boek ook iets over de huidige seksuele mores.