Begin je bij de korst?

Tijdens een goed gesprek met onze hoofdredacteur leerde hij mij dat de mensheid in drie categorieën valt onder te verdelen, aan de hand van het tompoesdilemma. Er zijn mensen die eerst de geglazuurde bovenkant van de tompoes halen en opzijleggen om die als laatste op te eten. Dan is er de categorie die de onderkant met crème en al daar weer bovenop zetten. Zo is de tompoes beschaafd te eten en heeft men toch bij elke hap de complete tompoesbeleving. De rest valt gewoon aan en zit onontkoombaar met een klodder crème op het bord of, in het ergste geval, in het kruis.

Ikzelf behoor onherroepelijk tot de laatste categorie. Zelfs met mes en vork weet ik de crème niet binnen de koekranden te houden. Ik neig nog weleens naar de eerste techniek, want ik vind eigenlijk alleen de gesuikerde bovenkoek van de tompoes lekker. Maar ik beschik niet over genoeg geduld om mij eerst door de kleffe hoop banketbakkersroom heen te vechten. Dat heeft iets te maken met korte- en langetermijnbevrediging.

Een favoriet tijdverdrijf in de pubertijd was, na het nuttigen van een joint, een tompoesbouwpakket van Smelik scoren. Als we echt in een gekke bui waren, bleven de zakjes instantcrème dicht en smeerden we alleen bovenkantjes. Hoe dan ook, techniek twee biedt een goede uitkomst voor het tompoesdilemma. Maar de beste oplossing voor mij zijn nog steeds de bite size minitompoesjes. Die hebben in mijn beleving meer glazuuroppervlakte ten opzichte van de crème patissier.

Nog zo’n probleem: vanaf welke kant eet je de appeltaart. Begin je bij de korst, zodat je die per hapje met een stukje natte vulling kunt eten? Of duik je er direct in vanaf het puntje en hak je aan het einde dan ook maar in drie happen dat droge stuk korst weg?

Kneed suiker en zout door de boter. Meng een ei erdoor en kneed vervolgens met de bloem en het bakpoeder tot een deegbal. Zet een half uurtje afgedekt in de koelkast. Rooster de amandeltjes in de oven tot ze bruin kleuren en geuren. Schil de appels en snij in grove stukken. Haal de kardemomzaadjes uit de peulen en vijzel of hak fijn. Meng ze met de rasp en het sap van de citroen, het tweede ei, de kaneel, twee eetlepels jam en de amandeltjes door de appels.

Bekleed een ingevette springvorm met de helft van het deeg. Vul met het appelmengsel en maak met de rest van het deeg een raster van sliertjes erop. Bak de taart 40-45 min. in een oven van 180 graden. Maak de laatste eetlepel jam warm en bestrijk daarmee de gebakken taart.