'Wie blokkeert hier de boel nou?'

Ruzie in de polder. Voorzitter Jongerius van vakcentrale FNV vindt dat juist de werkgevers het overleg in de SER blokkeren. „Als ze geen zin meer hebben in de SER, moeten ze dat zeggen.”

Met verbazing las Agnes Jongerius, voorzitter van vakcentrale FNV, dinsdag het interview met Niek Jan van Kesteren in deze krant. Daarin vroeg de directeur van werkgeversorganisatie VNO-NCW zich af of hét overlegorgaan van de polder, de Sociaal-Economische Raad (SER), nog wel toekomst heeft, nu de FNV een interne ruzie uitvecht.

De SER verkeert in een „fundamentele crisis”, zei Van Kesteren. Volgens Jongerius is zijn analyse eenzijdig. „Het valt ook VNO-NCW aan te rekenen dat er weinig adviezen komen. Ik zie verdomd weinig reflectie over hun eigen rol.”

Wat verwijt u VNO-NCW?

„Van Kesteren zegt dat de SER te weinig relevante adviezen uitbrengt over de echte problemen, zoals de woningmarkt. Ik moest daarom glimlachen, want er lígt een SER-rapport over de woningmarkt. Dat rapport is van 2010, gemaakt door een SER-commissie van deskundigen. De werkgevers hebben toen alles uit de kast getrokken om dat advies te blokkeren. Het mocht niet eens besproken worden. Uiteindelijk is het zonder SER-logo gepubliceerd. Wie blokkeert hier de boel nou?

„Ander voorbeeld: het pensioenakkoord. Het valt vooral de werkgevers te verwijten dat dat buiten de SER tot stand is gekomen. Zij besloten op 30 september 2009 niet naar het SER-overleg te komen. Bernard Wientjes heeft toen SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan willens en wetens geschoffeerd door hem voor het oog van de camera’s af te bellen.”

Heeft de SER toekomst?

„Mij ergert het dat er wordt gedaan alsof de SER stilligt. Dat is niet waar. Ik ben het er absoluut mee eens dat de SER zich moet vernieuwen. Er is een grote schoonmaak nodig, net als we nu doen binnen de vakcentrale FNV. Even goed de kastjes uitschrobben. Henk Kamp [VVD-minister van Sociale Zaken, red.] wil werk maken van de benoeming van een stevige voorzitter. Hij wil een lijst maken van adviezen.

„Ik snap niet waarom VNO-NCW nu zo’n treurig verhaal afsteekt. Als je zelf geen zin meer hebt in de SER, zeg dat dan gewoon. Leg niet de schuld bij ons neer. Ik kan de houding van Van Kesteren alleen verklaren uit chagrijn over de narrige reacties op hun voorstel de nullijn voor salarissen af te kondigen. Ze halen een oud instrument uit een hele oude doos. Misschien moeten zij eens een grote schoonmaak houden in hun beleidsvoorstellen.”

De SER brengt al zeven jaar geen relevante adviezen uit, zegt VNO-NCW.

„Dan doe je het werk van de SER echt geen recht. We zijn nu bezig met een advies over het zorgstelsel op verzoek van minister Edith Schippers. Maar dit kabinet is, zoals Rinnooy Kan zei, weinig gul met het vragen van advies aan de SER.”

Volgens Van Kesteren is dat onzin. Als de SER het initiatief zou nemen voor een advies, dan vraagt het kabinet er direct formeel om.

„Rinnooy Kan heeft talrijke keren aan dit kabinet voorgesteld een advies uit te brengen over de Wet Werken Naar Vermogen, de nieuwe bijstand. Maar staatssecretaris Paul de Krom had haast, haast, haast. En nu zit hij met een wetsvoorstel dat gemeenten niet wilden tekenen en waar vakbonden en werkgevers kritiek op hebben. Het kabinet vraagt wel om advies over het natuurbeleid, maar niet over hun ‘grote hervorming’. Tja, denk ik dan.”

Blijft de FNV deelnemen aan het centrale overleg met werkgevers?

„De huidige én de nieuwe vakbeweging hebben er groot belang bij in Den Haag te proberen het overheidsbeleid te beïnvloeden. Dat staat ook in het akkoord dat alle FNV-bonden in Dalfsen hebben gesloten.”

Deze week lekte een interne FNV-notitie uit van Cor Inja die ervoor pleit Den Haag de rug toe te keren.

„Ik moest erom lachen dat hij in Het Financieele Dagblad werd omschreven als FNV-ideoloog. Die functie kennen we niet. Het is één mening.”

Is het zo gek dat Van Kesteren bezorgd is dat de FNV de SER de rug toekeert?

„Ik zei nadrukkelijk niet dat alles wat Van Kesteren zei onzin is. Er zijn natuurlijke flinke discussies binnen de FNV, maar we zullen ook in de toekomst in Den Haag onze belangen blijven behartigen.”