Van al het woon-werkverkeer gaat 10 procent per trein

De NS vermeldt het trots op zijn site: dagelijks worden in Nederland 1,2 miljoen treinreizen gemaakt. Dat wreekt zich op een dag als vandaag. Want de meeste treinreizen zijn tussen de grote steden in de Randstad, waar de storing vanochtend heeft huisgehouden. Dat raakt niet alleen Amsterdam, maar ook Schiphol, Amersfoort, Almere, Zaandam. „Mijn educated guess: zeker honderdduizend reizigers ondervinden vandaag last van de storing”, zegt Jan Anne Annema, universitair docent transportbeleid aan de Technische Universiteit Delft. „De storing was in de ochtendspits. Dan zijn de treinen het volst. Forenzen is het belangrijkste motief om de trein te nemen.”

Vooral werkend Nederland is dus de dupe van de storing van vanochtend. Van alle kilometers die Nederlanders forenzen, wordt 80 procent afgelegd met de auto, zegt Annema, maar: „De trein is met 10 procent een goede tweede.”

Op een gemiddelde donderdag zijn inwoners van West-Nederland (Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland, Zeeland) twintig minuten kwijt aan woon-werkverkeer, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek. In totaal reist de gemiddelde Nederlander op een doordeweekse dag net meer dan een uur: per trein, per fiets of auto – binnen en buiten de spits.

Nederlanders forenzen niet meer dan andere Europeanen, blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Forenzen in Nederland zijn gemiddeld slechts twee minuten per dag meer kwijt aan het reizen tussen woning en werk dan forenzen in andere landen. Duitsers, Fransen en Denen zijn ongeveer evenveel tijd kwijt aan woon-werkverkeer per trein, de Zwitsers iets meer, weet Annema.

Een ontwikkeling als het ‘nieuwe werken’ – thuis of in een nabij koffiehuis met wifi – maakt de werkende Nederlander minder kwetsbaar voor dit soort storingen. Tenminste, als de baan ‘nieuw werken’ toestaat. Zo ondervinden banken als ING en ABN Amro geen grote hinder van de storing, ook al liggen hun grote kantoren langs Amsterdamse treinstations. Maar de Hogeschool van Amsterdam heeft een baaldag: de helft van de 40.000 studenten komt niet uit de hoofdstad zelf, maar uit de regio of nog verder weg. Voor velen van hen geldt: geen trein, geen contacturen.