Nederland attractief voor grote bedrijven

Bijna tweehonderd buitenlandse bedrijven hebben vorig jaar geïnvesteerd in Nederland. Voor buitenlandse bedrijven die zich in Europa willen vestigen is Nederland, na Groot-Brittannië, het aantrekkelijkste land.

De werkgelegenheid staat onder druk. Niet alleen door de economische crisis, maar ook door bedrijven die zich opkomende economieën (China, Brazilië, India) vestigen vanwege de lage loonkosten en de groeikansen.

Vanwege die trek naar opkomende markten, beconcurreren westerse overheden elkaar fel om banen te behouden en om nieuwe bedrijven aan te trekken.

Nederland scoort goed in die concurrentiestrijd, zo blijkt uit onderzoek van accountant- en adviesbureau KPMG . Voor buitenlandse bedrijven die zich in Europa willen vestigen is Nederland, na Groot-Brittannië, het aantrekkelijkste land.

In het onderzoek is in veertien landen – waaronder de Verenigde Staten, Japan en West-Europese landen – gekeken naar 26 soorten bedrijfskosten. De bedrijfskosten zijn omgerekend naar een index, waarbij de gemiddelde kosten in de Verenigde Staten als maatstaf zijn genomen.

Van de ontwikkelde economieën die zijn onderzocht, is Nederland na Groot-Brittannië qua bedrijfskosten het goedkoopst. De kosten liggen respectievelijk 5,5 en 5,3 procent lager in vergelijking met de VS.

In 2010 voerde Nederland de lijst nog aan. De eerste positie raakte Nederland kwijt, zo zeggen de onderzoekers, door de relatief sterke stijging van de loonkosten. Van de onderzochte economieën zijn Japan en Australië het duurst om een bedrijf te vestigen. In Japan bijvoorbeeld liggen de bedrijfskosten ruim 9 procent hoger in vergelijking met de VS.

In het onderzoek is ook gekeken naar de bedrijfskosten in verschillende grote steden. Daaruit blijkt dat de kosten in West-Europa het laagst zijn in Manchester en Marseille. Op de derde plaats volgen, ex aequo, Rotterdam en Amsterdam. In Frankfurt zijn de kosten het hoogst.

Van de onderzochte opkomende landen is China het goedkoopst, gevolgd door India en Mexico. Vergeleken met de Verenigde Staten zijn bedrijven die een vestigingsplaats zoeken in de opkomende markten zo’n 20 procent goedkoper uit.

Vooral het arbeidsloon is in deze landen fors lager dan in andere landen. Voor China geldt dit met name voor de maakindustrie (de bedrijfskosten liggen ruim 20 procent lager in vergelijking met de VS). India is voor de dienstensector aantrekkelijk (bedrijfskosten bijna 63 procent lager). Brazilië is van de onderzochte opkomende markten het duurste.

In het onderzoek is zowel gekeken naar de kosten die een ondernemer moet maken bij het opstarten van zijn bedrijf als naar de operationele kosten over een periode van tien jaar. Per sector zijn onder meer de kosten van energie, transport, telecommunicatie en arbeid onderzocht alsmede de fiscale kosten.

„De belangrijkste kostenpost blijven de loonkosten”, zegt Elbert Waller, hoofd internationale zaken van KPMG. Waller: „Voor bedrijven in de gevestigde markten die actief zijn in de productiesector bedragen de loonkosten gemiddeld 55 procent van de totale kosten. In de dienstverlenende sector is dat 85 procent.”

Voor Philips zijn de Nederlandse loonkosten één van de redenen om een belangrijk deel van de productie van de lichtdivisie in Roosendaal naar Polen te verplaatsen. Dat maakte het elektronicaconcern begin van deze maand bekend.

Vandaag geeft de directie uitleg aan de werknemers. In Roosendaal verdwijnen 200 van de 550 banen. Philips noemt de reorganisatie noodzakelijk om concurrerend te blijven in een markt die snel overschakelt naar led-licht.

Binnen de ontwikkelde economieën blijft Nederland de meest aantrekkelijke locatie voor bedrijven die actief zijn op het gebied van research & development. Waller: „Vergeleken met de Verenigde Staten is Nederland bijna 13 procent goedkoper. Nederland dankt deze positie aan onder meer de lage kosten van kantoorfaciliteiten en fiscale stimuleringsmaatregelen.”

Dat Nederland goed scoort in de kostenvergelijking is, volgens Waller, een belangrijk signaal naar buitenlandse bedrijven die een nieuwe vestigingsplaats zoeken. „Juist in deze tijd leggen bedrijven het accent op kosten als selectiecriterium bij hun locatiekeuze.”

In 2011 hebben buitenlandse ondernemers 193 investeringsprojecten in Nederland opgezet met een waarde van bijna 1,5 miljard euro. De projecten leveren werkgelegenheid op voor ruim 4.300 mensen.