Een tikje gênant misschien?

Wat heeft jaren van reality-tv opgeleverd? Het idee dat zelfgekozen openheid mooi en echt is, zoals de vrouwen in de serie Connected laten zien.

‘Ik ga!” BAF. Deur. Geroffel van voeten op de trap.

„Ik jou ook.” SMAK. Kus. De geriefelijke stilte van een stel dat bijkomt aan het einde van de dag, kinderen onder zeil, computers uit.

Vader stoeiend met kinderen.

Moeder snikkend op de grond voor de wasmachine.

Twee zusjes die hikkend van de lach achter elkaar aan racen door de woonkamer.

Twee zusjes die gillend van woede aan een stuk speelgoed trekken. Speelgoed stuk. Zusjes paars van woede.

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Scènes uit een leven van een jong gezin met werkende en ambitieuze ouders. Even banaal als bijzonder, even geweldig als zwaar. Sinds ik Connected volg, een serie waarin vijf vrouwen tussen de twintig en veertig jaar hun eigen leven filmen, vraag ik me af wat ik vast zou hebben gelegd. Geen gekke vraag aangezien ik gevraagd was om mee te doen. Na een korte aarzeling heb ik nee gezegd: mijn behoefte aan privacy, vooral die van mijn naasten, bleek groter dan mijn experimenteerdrift. Maar het is misschien wel daarom dat ik de vrouwen van Connected met meer dan gemiddelde belangstelling bekijk.

Wat me opvalt, is de schijnbaar ongekunstelde openheid waarmee ze zich blootgeven. Mira filmt zichzelf terwijl ze zich volstopt met chips en chocolade, lusteloos hangend op de bank, zappend, ze klaagt over verveling en belt als dieptepunt haar vriend die de hort op is – „Ja, ik kom nu naar huis”. De naar depressies neigende Anne fluistert haar frustraties over het leven in de camera, diep wanhopig. Git registreert elk pijnlijk detail van een ruzie met haar nieuwe liefde en vertelt uitgebreid over de breuk met haar moeder, nachtvlinder Jojanneke laat zien hoe haar ongehoorzame driejarige haar tot razernij drijft. Herkenbaar en pijnlijk. Goede televisie. Maar omdat ik me in de vrouwen herken, en ik het ook had kunnen zijn, denk ik: doe dat nu niet! Er zit natuurlijk een knappe regisseur die de beelden op een ingenieuze manier aan elkaar monteert. Maar het ruwe materiaal komt van de vrouwen zelf. Waarom presenteren ze zichzelf op deze manier?

Het is een openheid die je in dit post-post-Big Brother-tijdperk niet meer als naïef kunt afdoen. En ook niet als domheid, het lijken intelligente vrouwen, zelfbewust en niet van gisteren. Dan bestaat nog de mogelijkheid dat de deelneemsters heimelijk dromen van eeuwige roem, maar ook dat ligt niet erg voor de hand. Ze hebben allemaal leuke banen en lijken gezond ambitieus, iemand als Git (36, 2 kinderen, juf) bijvoorbeeld lijkt tevreden met haar bestaan. Net zoals Jojanneke die werkt als dj en performer – de opnames van Lowlands geven een beeld van een prettig anarchistisch leven. Natuurlijk kan een beetje bekendheid voor haar geen kwaad, en evenmin voor scenarioschrijfster Anne of kunstenares-in-wording Loes, maar de vrouwen zullen vast beseffen dat die televisieroem met vele anderen gedeeld moet worden en dat de vergetelheid binnen handbereik ligt.

Ook al is dit een relatief onschuldige vorm van reality-tv – de vrouwen filmen zelf, worden niet blootgesteld aan verleidingen met als doel ze zichzelf voor schut te laten zetten – toch zou je Connected kunnen beschouwen als een stap verder in het genre. Niet omdat de vorm en opzet nieuw of extreem is, maar omdat de vrouwen laten zien wat een aantal decennia reality-tv met ons gedaan heeft. Ze lijken te zijn geïnfecteerd met het mantra dat openheid echt is, en echt mooi en goed. Zo moeten we onszelf anno 2012 laten zien: twijfelend, klein, boos, onaantrekkelijk, ziedend, wanhopig, angstig, egoïstisch, dronken. „Op dit soort momenten realiseer ik me dat ik echt van hem houd”, vertrouwt de ogenschijnlijk licht aangeschoten Mira de camera toe als ze zich heeft teruggetrokken in het toilet op een groot feest. Om zich dan af te vragen of je niet in relatietherapie kunt wanneer het nog niet helemaal mis is. Open, eerlijk, echt. En een tikje gênant, misschien?

Ik moest denken aan de scène in The Hours waarin twee buurvrouwen koffie met elkaar drinken – het zijn de jaren vijftig. Eén van hen is zo depressief als een deur, de ander kan geen kinderen krijgen – leed dat ze als een onzichtbaar kruis met zich meedraagt. Toch zitten ze gezellig en beleefd keuvelend aan hun koffie, everything ‘fine and great’. Tot er een scheurtje in hun façade komt wanneer één van de vrouwen het boek dat ze leest, Mrs. Dalloway, samenvat met de woorden dat iedereen denkt dat alles goed met mrs. Dalloway gaat, terwijl dat niet zo is. Hun leven in een notendop. De kinderloze buurvrouw vertelt dan over haar gemis en barst in tranen uit.

Er is geen groter contrast mogelijk dan tussen de scènes uit Connected en de vrouwen uit The Hours. Het met man en macht onderdrukken van emoties versus ze zonder grenzen ventileren. Los van de vraag wat wenselijk is, laat het zien hoe er in verschillende tijden wordt gedacht over de vraag wat je laat zien aan de buitenwacht. Toen: zo min mogelijk. Nu: liefst alles. Want alles is open en eerlijk en open en eerlijk is echt. Maar is dat ook zo? Want is dat wat je doelbewust laat zien niet altijd gestileerd en geregisseerd? Met andere woorden: als je de glimlach en de zonneschijn wilt laten zien, dan perfectioneer je die zoveel mogelijk en breekt daar af en toe, tegen wil en dank, pijn en ongemak doorheen. Neem je je voor de nitty-gritty te laten zien, dan zul je dat zo goed mogelijk willen laten zien. Tranen mogen, ruzie ook, wanhoop, onrust, chaos, mislukking: allemaal goed. Zolang het maar open en eerlijk en echt is. Maar hoe huil je voor de camera als het mag? Hoe schreeuw je? Hoe laat je jezelf gaan? Waarschijnlijk nooit helemaal. Waardoor je dus gestileerd ongenoegen krijgt. Een gestileerde versie van een depressieve bui, van een ruzie, van een lusteloze avond op de bank. Het beste bewijs hiervoor is dat er af en toe een verontschuldigend lachje op een van de gezichten doorbreekt. Een lachje dat zegt: ik weet wat ik doe, het gaat heus wel goed met mij. Eigenlijk is everything just fine and great.

De serie wordt iedere zondag uitgezonden op Nederland 3 om 21.20u.