Deze keer liet Brinkman zich de tong niet afsnijden

Geert Wilders had het vertrek van Hero Brinkman makkelijk kunnen voorkomen. Reconstructie van een misrekening.

Politiek redacteuren

Den Haag. De eendimensionale werkelijkheid van het drama in de PVV is dat Hero Brinkman klaar was met zijn partij. En dan vooral met zijn aartsvijand, fractiesecretaris Martin Bosma. Zijn vertrek stond vast, alleen het moment niet. Maar er zit een werkelijkheid onder, die dinsdag weinig aandacht kreeg maar veel zegt over de misrekening die Geert Wilders maakte: Brinkman reisde die dag niet naar Den Haag met het doel uit de fractie te stappen. Het overkwam hem.

Het overkwam hem omdat Wilders niet eens een poging deed Brinkman tegemoet te komen. Ingewikkeld zou dat niet zijn geweest: Brinkman wist al twee weken dat de fractie zijn kritiek op het ‘Polen-meldpunt’ niet deelde. Ook had hij zijn laatste bestuursfunctie in de partij verloren. Vandaar dat zijn e-mail over het meldpunt, en het feit dat die vorige week prompt uitlekte naar EenVandaag, het beeld binnen de PVV versterkte dat „Hero eruit wil”, zoals een fractielid vorige week zei.

Maar wie Brinkman maandagavond aanhoorde wist dat hij de grote woorden van zijn e-mail had omgezet in een minimaal verzoek aan de fractie. Hij had die middag, gestoken in een blauw jack, de stoep van zijn boerderij schoongespoten om alles te overdenken. Hij kwam tot de slotsom dat hij de toezegging zou vragen voortaan vooraf te worden geïnformeerd als de partij weer met een stunt als dat meldpunt naar buiten kwam. Dat was alles. Een procedureel verzoek, meer zou Hero Brinkman niet vragen.

Maar nog voordat hij dit verzoek kon doen merkte Brinkman dinsdagochtend dat zijn e-mail van de agenda van het fractieberaad was verwijderd. En toen Wilders in de vergadering vervolgens met brede instemming zei dat de discussie over de mail pas na de ‘tussenformatie’ zou worden afgerond, stond vast dat Brinkman zijn procedurele verzoek niet eens mocht doen. Hij moest zijn mond houden. Hij werd afgebluft.

Zijn vijanden in de fractie, vooral Bosma, deden eerder pogingen hem figuurlijk de tong af te snijden. Hij onderging ze gelaten. Maar deze keer zou hem dat niet gebeuren. Hero Brinkman wist allerlei interessante dingen, bijvoorbeeld dat er meer fractiegenoten twijfelen over hun loyaliteit aan de leiding. Hij taxeerde dat Wilders en Bosma dachten dat ze een potentiële opstand in eigen gelederen het beste konden voorkomen door de voornaamste dissident te vernederen. Dit zou hem niet opnieuw overkomen. Toen dat toch gebeurde, maakte hij zijn keuze impulsief en besloot hij zich te „beraden” over zijn positie.

„Een trieste dag voor de PVV”, zei Wilders. Zijn kloeke uitspraken uit het verleden kunnen vanaf nu tegen hem worden gebruikt. Zoals deze, van 16 november 2010: „Als fractieleider [...] sta ik garant voor de gedoogsteun van 24 fractieleden.” En deze, van 1 november 2011, over verdeeldheid in het CDA: „Op deze manier is het niet goed zaken doen met het CDA.”

Na het debat bleek dat ook in de coalitie, achter de pose van blijvend vertrouwen in het kabinet, rekening wordt gehouden met meer afvalligen in de PVV. De 75 zetels waarop de coalitie nu rust (exclusief twee SGP-zetels) kunnen minder worden. Het aftellen is begonnen, grapte een coalitiepoliticus: „75, 74, 73...”

En in de VVD maakten ze snel de calculatie dat de partij het volste vertrouwen in de coalitie moet blijven uitstralen. Ze weten dat Wilders nu de eenheid in zijn partij het beste kan bewaren als het kabinet overleeft, zodat de PVV-leider graag concessies in het Catshuisberaad zal doen. Als de tussenformatie lukt, kan Rutte claimen dat ook het ingewikkeldste politieke probleem aan hem besteed is. Als het mislukt is het na dinsdag niet meer ingewikkeld de schuldige aan te wijzen: Wilders.

Commentaar: pagina 17