De buren van moeder Merah vrezen een golf van moslimhaat

In de banlieue van Toulouse wordt gevreesd voor de gevolgen van de aanslagen, gepleegd door een extreme moslim. „Ik had gehoopt dat het geen moslim was.”

Agenten van een arrestatieteam bereidden zich vanmorgen vroeg voor een inval bij bij Mohammed Merah Foto AFP

Terwijl de inwoners van Toulouse met een mengeling van opperste verbazing en enorme opluchting de hele dag de belegering van het huis van Mohammed Merah volgen op tv, loopt Bekacem (29) er maar wat zenuwachtig bij.

Hij is net als Merah een Fransman van Algerijnse origine. Hij is net als Merah moslim. „En wij van de Maghreb zullen het wel weer hebben gedaan”, vreest Bekacem. Maar hij zegt absoluut niets met de moordenaar gemeen te hebben. „Ik haat die man. Hoe kan je nu kinderen zo koelbloedig neerschieten? Dan ben je geen moslim, dan ben je een godsdienstwaanzinnige.”

Bekacem is geboren en getogen in Mirail, de zuidelijke banlieue van Toulouse. Mirail ziet eruit zoals veel buitenwijken van grote Franse steden: grote betonnen huizenblokken tussen al te lang verwaarloosde pleintjes. Wat ooit innovatieve stadsplanning was in de vorige eeuw laat nu alleen maar een groezelige indruk na.

De 500 meter lange weg van het metrostation naar de universiteitsfaculteit telt drie kroegjes en eetkraampjes: bij alle drie zijn de rolluiken naar beneden, voorgoed. Aanhangers van het Front de Gauche hebben er affiches van hun kandidaat Jean-Luc Mélenchon op geplakt. Ze zorgen voor een beetje kleur in de verder grijze omgeving.

Mirail is ook de buurt waar de moeder van Mohammed Merah sinds enkele jaren in een bescheiden flatje woont. „Een vriendelijke maar erg stille vrouw. Ik heb wel eens goedendag naar haar geknikt, maar verder had ik geen contact met haar. Hem heb ik hier nooit gezien. In ieder geval niet dat ik me herinner”, zegt Bekacem.

Uiteraard is hij opgelucht dat de dader van de moord op militairen en joodse kinderen en een rabbijn is gevonden. Maar hij vreest het vervolg: de moslims zullen weer gestigmatiseerd worden als gevaarlijke terroristen, zeker als ze in de banlieue wonen. „Ik had een beetje gehoopt dat het geen moslim zou zijn. Dat had eigenlijk ook niemand verwacht. Nu het toch zo is, zullen we het wel weer hard te verduren krijgen.’

Zijn vriendin Clara (21), een studente uit Mirail, vreest nog een ander mogelijk gevolg nu blijkt dat de dader van de schietpartijen een moslimextremist blijkt te zijn: een betere score voor Marine Le Pen van het Front National bij de komende presidentsverkiezingen. Zij zal de afkomst van de dader zeker politiek willen verzilveren, vreest Clara.

De eerste verklaringen van Marine Le Pen na de omsingeling van het huis van Merah sterken haar in die opinie. „Gelukkig is dit Toulouse, en niet Parijs. Wij zijn veel rustiger. Al vond ik het wel weer typerend dat een van de buren van de schutter zei, geschokt te zijn dat hij in hun wijk woonde. Ze had eerder iemand van Mirail verwacht. Alsof wij allemaal kindermoordenaars zijn”, verzucht Clara.

„Er zijn hier wel eens spanningen, want hier leven mensen met allerlei verschillende culturele achtergronden bij elkaar. Maar het is zeker veel minder gespannen dan in de banlieue van Parijs”, bevestigt Guillaume (25), een Fransman uit Martinique die het metrostation komt uitgewandeld. „Het grootste probleem hier is misschien wel de verveling. Maar er is weinig geweld, toch zeker als je dat vergelijkt met andere grote steden. Toulouse is erg relaxt”, zegt hij laxchend.

Guillaume zegt geen aanwijzingen te hebben dat dat gaat veranderen, en ook zijn collega’s in het warenhuis waar hij werkt in de binnenstad van Toulouse zijn vooral opgelucht dat de dader van de schietpartijen is gevonden. „We keken de afgelopen dagen toch allemaal een beetje schichtig rond. Ik ook. Zeker in de metro, maar ook op straat. Plots was iedere scooter een mogelijke bedreiging. Dus iedereen is blij dat ze de schutter hebben. Of toch bijna”, aldus Guillaume.

Net als Clara vreest hij meer de politieke gevolgen dan de rechtstreekse invloed voor het samenleven in de banlieue. „Het kan best dat nu nog meer mensen uit angst voor dit soort dingen op Le Pen gaan stemmen. Maar ik hoop een beetje dat de mensen inzien dat dit een individuele gek is. Gelukkig hebben de redelijke politici nog even de tijd voor de verkiezingen. Als er zondag zou worden gestemd zou het wellicht emotioneler zijn.”

Maar Clara vreest juist dat Le Pen nu nog een maand heeft om haar ‘boodschap van moslimhaat’ rond te strooien. „Ik zie het zomaar gebeuren dat zij de tweede ronde haalt nu. En dat zal dan wel weer gevolgen hebben in de banlieue. Dan gaan mensen zich echt bedreigd voelen.”

Bekacem is het helemaal met haar eens. Volgens hem is er niet zo gek veel voor nodig om de boel te laten ontploffen. Hij hoopt maar dat het nu niet voor de rest van de campagne over ‘de moslims’ gaat, want dat is het beste recept om de spanningen te laten toenemen. „Dan krijgen we weer dat wij-tegen-zij-gevoel. En dat is wel het laatste wat we nu nodig hebben.’