b r i e f

Koentje

Het stuk van Birgit Donker op de Kinderpagina van 15 maart heb ik met veel plezier gelezen maar ook met een beetje verdriet. Want ook ik heb vroeger een klein doodshoofdaapje gehad. Dat was in Zanderij, Suriname. Ik was zelfs nog een beetje jonger dan Birgit: 2 jaar. Mijn aap heette Koentje en hij was lief. Tijdens het eten zat hij op de rugleuning van mijn stoel. Om zijn middel zat een leren tuigje met daaraan een lange dunne ketting zodat hij zich vrij door het huis kon bewegen, en zelfs een stukje daarbuiten. Die vrijheid is het einde van Koentje geworden. Ik zat buiten in het zand te spelen; Koentje zat een eindje verderop. Plotseling kwam er een vreemde grote hond het erf oplopen. Koentje probeerde een boom in te vluchten maar hij was niet snel genoeg. De hond beet hem in één keer dood. Mijn moeder kwam op het lawaai af en kon nog net een glimp van de hond opvangen. Nu komt er iets raars: in mijn herinnering heeft die hond een broek aan. Dat komt omdat mijn moeder later heeft gezegd dat hij een pak voor zijn broek moest hebben. We hebben hem daarna nooit meer gezien. Met de herinnering van mijn moeder is trouwens ook iets mis. Achteraf denkt ze dat het misschien helemaal geen hond is geweest maar een poema. Oei!