Uitgaven aan hulp sterk overschat

Nederlanders overschatten sterk het percentage van het bruto binnenlands product (bbp) dat naar ontwikkelingssamenwerking gaat. Ze denken gemiddeld dat dit 5,7 procent is, acht keer zo veel als in werkelijkheid. PVV-stemmers schatten het percentage zelfs op 12,6. Dat blijkt uit opinieonderzoek van TNS/NIPO en het NCDO, het kennis- en adviescentrum voor internationale samenwerking.

Het aandeel van ontwikkelingswerk in de begroting is de afgelopen jaren gedaald van 0,8 procent van het bbp in 2010 via 0,75 procent in 2011 tot 0,7 procent dit jaar.

Coalitiepartijen VVD en CDA onderhandelen sinds begin deze maand met gedoogpartner PVV over extra bezuinigingen ter hoogte van 16 miljard euro. Ontwikkelingswerk en hypotheekaftrek worden het vaakst genoemd als posten waarop kan worden gekort. Wat de PVV betreft, stopt Nederland met ontwikkelingssamenwerking, uitgezonderd noodhulp. De steun van de Nederlandse bevolking voor ontwikkelingshulp kalft al jaren af.

Ook uit het onderzoek van NCDO en TNS/NIPO blijkt dat 63 procent van de Nederlanders de ontwikkelingshulp wil verminderen. Dat daalt tot 49 procent als ondervraagden te horen krijgen dat ze de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking hebben overschat.

Twee op de drie Nederlanders weten niet dat de regering het budget voor ontwikkelingswerk de laatste jaren al flink heeft gesnoeid. Onder PVV-stemmers is dat vier op de vijf. De begroting voor ontwikkelingssamenwerking daalt dit jaar met 958 miljoen euro tot 4,43 miljard euro, een terugloop van 17,8 procent.

De regering brengt het aantal zogeheten partnerlanden die rechtstreeks steun ontvangen, terug van 33 naar 15. VN-organisaties zoals UNDP, het ontwikkelingsfonds van de Verenigde Naties, krijgen minder geld. Verder wordt er flink bezuinigd op armoedebestrijding en onderwijs. Uitgaven voor prioriteiten van dit kabinet, zoals veiligheid en voedselzekerheid, nemen juist toe.