De Dikke en de Dunne met banjo en mondaccordeon

Cabaret

De laatste take van Laurel en Hardy, door Echte Mannen.

Tournee t/m 24/5. ***

Oliver Hardy heeft een beroerte gehad en ligt in een ziekenhuis. Stan Laurel komt bij hem op bezoek. Ze praten wat, ze kibbelen wat, maar Hardy kan bijna geen woord meer uitbrengen. En toch hebben ze het ook nog even over een nieuwe film – hoewel ze al een jaar of zes niet meer voor een camera hebben gestaan. Ze willen nog niet aanvaarden dat het fameuze filmduo Laurel & Hardy voorgoed verleden tijd is.

Laurel gaat het plan zelfs voorleggen aan hun voormalige producent Hal Roach, die hem echter huichelachtig afpoeiert. Een kleinere producent zou waarschijnlijk heel blij zijn met zo’n goed idee, zegt hij, wie weet wordt het nog een filmhuishit.

Dat is een veelbelovende basis voor De laatste take van Laurel en Hardy, waarmee Rik Hoogendoorn en Bruun Kuijt voor het eerst na negen jaar weer optreden als het duo Echte Mannen. Ze zijn geen spat veranderd: net als vroeger blinken ze uit in korte, cabareteske scènetjes die een doorlopend verhaal vertellen.

En ook nu spelen ze, naast hun hoofdrollen, weer alle bijrolletjes, in rake typeringen zonder verkleedpartijen. Verder vertonen ze een zotte auditiescène met kandidaten die de rol van Oliver Hardy op zich willen nemen, een lesje toneelspelen in een stomme film, inclusief tekstborden, en ze zingen, met eigen begeleiding op banjo en mondaccordeon, twee hupse liedjes zoals de Dikke en de Dunne dat zelf ooit deden.

Het is, alles bij elkaar, een genoeglijke vertoning met de charmante eenvoud van een nummertje tussen de schuifdeuren. In de heldere regie van Servaes Nelissen brengen Hoogendoorn en Kuijt de situatie mooi en vermakelijk tot leven.

Maar ze houden het luchtig. De tragische kant van zo’n uitgerangeerd duo als Laurel en Hardy op latere leeftijd komt er iets te bekaaid van af. Er was alle aanleiding geweest om deze voorstelling net even navranter te maken.