Miljonair op bank krijgt ineens krediet

Met een fraaie goal maakte Orlando Engelaar gisteren zijn rentree bij PSV. De fans reageerden opgetogen. „Ik ben vaak uitgefloten, maar werd nu weer toegejuicht.”

Orlando Engelaar stond tot voor kort in Eindhoven symbool voor een voetballer aan wie de fans van PSV een enorme hekel hebben. De 32-jarige middenvelder was aanvoerder en verlengstuk van coach Fred Rutten in het elftal dat vorig seizoen op een teleurstellende derde plaats eindigde. Een ploeg die door de directie van de Eindhovense voetbalclub een gebrek aan „passie en beleving” werd verweten. Toen ook nog eens het jaarsalaris van Engelaar bekend werd – 1,7 miljoen euro – was het beeld van de zakkenvuller compleet. „Nee, het is niet allemaal even jofel geweest”, zegt Engelaar met een cynisch lachje op zijn gezicht. „Maar het voelt daarom extra goed weer terug te zijn.”

Engelaar maakte gisteren na een uur spelen in de thuiswedstrijd tegen SC Heerenveen na een enkelblessure zijn rentree als invaller voor de aan zijn kuit gekwetste Ola Toivonen. De grote en sterke voetballer maakte dit seizoen voor de negende keer zijn opwachting in de competitie en was er het afgelopen jaar bijna aan gewend geraakt dat hij in het Philips Stadion de hoon over zich heen kreeg, wanneer Rutten hem liet warmlopen. „Het was niet altijd fijn om thuis te spelen”, stelt Engelaar na de 5-1 zege. „Dat had met beeldvorming te maken. Ik ben vaak uitgefloten, maar werd nu weer toegejuicht. Alles kan van de ene op de andere dag veranderen. Zo werkt dat in het voetbal.”

Engelaar en de rest van de spelersgroep hadden vorige week vurig gepleit voor het aanblijven van Rutten. Maar de trainerswissel, zo kon gisteren iedereen constateren, heeft voor nieuw elan gezorgd. Engelaar heeft net als de andere PSV’ers het vertrouwen terug, onder de nieuwe hoofdtrainer Phillip Cocu en diens assistenten Ernest Faber en Chris van der Weerden. Engelaar: „Je merkt dat alles opeens anders is. Je gaat van ‘nul krediet’ naar heel veel. Dat voetbalt wel anders. De trainer vroeg in de rust of ik me klaar wilde maken voor een invalbeurt. Ik had er zin in. Want ik wil gewoon met PSV kampioen worden.”

De voetballer bekroonde zijn invalbeurt met een fraai doelpunt. Ruim een kwartier voor tijd zette Kevin Strootman hem met een bekeken passje vrij voor Heerenveen-doelman Brian Vandenbussche. Voor het vak van de fanatieke aanhang van PSV stiftte Engelaar de bal met links in het doel: 3-1. De fans sloten de speler met rugnummer acht weer in de armen. Alle spelers van PSV deelden mee in de blijdschap van ‘de lange’. Engelaar: „Iedereen kwam op me af. Ze schreeuwden van alles naar me en ik kreeg zelfs en paar klappen op mijn hoofd. De reactie van mijn ploeggenoten zegt me het meeste. De band met de spelers is altijd goed geweest en gebleven. Ze waren echt blij voor me.”

De carrière van de geboren Rotterdammer raakte in een kort tijdsbestek volledig in het slop. In de aanloop naar het WK van Zuid-Afrika verloor Engelaar zijn plaats in het Nederlands elftal. Op 26 mei 2010 speelde hij in een oefenduel met Mexico zijn veertiende en tot dusver laatste interland. Bondscoach Bert van Marwijk riep Engelaar na het WK nog wel op voor een vriendschappelijke wedstrijd tegen Oekraïne. Maar hij bedankte voor de eer, tot onvrede van Van Marwijk. „Ik had eigenlijk nooit het gevoel dat ik ergens voor trainde”, zo motiveerde Engelaar zijn besluit.

Datzelfde gevoel bekroop Engelaar dit seizoen bij PSV. De noodlijdende voetbalclub wilde in het kader van een sanering, waarbij de gemeente Eindhoven met een financiële constructie hulp bood, af van de grootverdieners. Volgens algemeen directeur Tiny Sanders wilde de club „alleen voor exceptionele uitzonderingen” nog een jaarsalaris van meer dan een miljoen euro betalen. „Dan gaat het echt om voetballers die het hele elftal naar een hoger niveau tillen”, zo stelde Sanders vorig jaar in deze krant. De algemeen directeur liet fijntjes weten dat Engelaar niet tot die categorie behoorde.

Zo werd Engelaar in Eindhoven van captain tot persona non grata, die zo snel mogelijk moest vertrekken. PSV had inmiddels met Georginio Wijnaldum en Kevin Strootman al nieuwe middenvelders aangetrokken. Engelaar slaagde er echter niet in om, in navolging van de eveneens in onmin geraakte Otman Bakkal, een andere club te vinden. „Toen werd het heel moeilijk voor mij. Mijn plek was vergeven”, legt Engelaar uit. „Ik begrijp dat PSV met andere spelers wilde doorgaan. Maar ik begrijp nog steeds niet waarom die meneer [Tiny Sanders] zonodig mijn salaris bekend moest maken. Dat was niet verstandig. Het werd er daardoor niet gemakkelijker op voor me. Misschien moet ik hem nog eens naar zijn bedoelingen vragen.”

Engelaar kreeg wel de steun van Rutten, met wie hij eerder bij FC Twente en Schalke werkte. Maar de coach die bij PSV voor zijn laatste kans vocht, wist ook dat er voor de middenvelder geen plaats meer in het elftal was.

Engelaar: „Rutten is me blijven steunen. Hij zei altijd dat ik me niet gek moest laten maken. En tot op de laatste dag heeft hij mij als een volwaardig lid van de selectie behandeld. Rutten was niet alleen een goede trainer, maar ook een heel goed mens. Niet voor niks stond vorige week de hele selectie achter hem.”

Engelaar keek machteloos toe hoe Rutten voor zijn positie vocht. Mocht PSV alsnog de titel binnenhalen, zal hij de eerste zijn om de ontslagen coach bij het succes te betrekken.

De kans is uitgesloten dat de selectie van PSV net als in 2003 de hoofdprijs zal opdragen aan de directie.