Ik zou zo weer de barricades opgaan

Hoe staat het met Occupy, een half jaar na de eerste acties? Is het protest mislukt? Nee. De demonstranten zijn misschien verdwenen, maar het gedachtegoed van Occupy floreert. Kijk naar de woorden van Obama en Roemer.

Tijdens de Occupy Wall Street-demonstraties zoals ik die beleefd heb, was het geschreven woord afwezig. In plaats daarvan voelde ik een onbekend lichaam tegen het mijne duwen. Ik hoorde het scanderen van „We are the 99%” en „All Day, All Week, Occupy Wall Street”. Ik gilde mijn stembanden kapot, waardoor ik de dag erna schor op college zat. Bij elke vraag die de docent mij stelde, genoot ik van het piepende geluid dat uit mijn keel kwam – als ware het een oorlogswond.

Het zou poëtisch zijn wanneer ik kon zeggen dat ik in Zuccotti Park de revolutie kon ruiken. Maar niets daarvan. De zwervers, messentrekkers en ongewassen Japanners zonder hotel roken in New York gewoon naar de New Yorkse straten: een stadsparfum samengesteld uit rookfluimen, uitlaatgassen en hotdogs.

Nog dagen na de mars richting Wall Street liep ik rond met een overwinningsgevoel in mijn lijf. ‘We maken geschiedenis mee!’ Dat was wat studenten elkaar vertelden. Overdag studeerden we tussen de glanzende iMac-computerschermen in de bibliotheek aan een universiteit waar Amerikanen dertigduizend dollar per jaar voor neertellen. ’s Avonds gingen we naar een algemene vergadering op het ‘Vrijheidsplein’ in het financiële district – en zaten we op de grond tussen de torens van de duivel.

Nu, sinds ook het laatste overgebleven groepje door kou en politiegeweld is weggejaagd, kampeert er niemand meer op het plein. Maar is de strijd al gestreden en dus mislukt? Het troosteloze beeld van een leeggeveegd Zuccotti Park doet vermoeden van wel. En toch is Occupy nog niet voorbij.

Vraag je wat Occupy is, dan kom je bij mensen die Wall Street bezetten – of het Beursplein. Maar die definitie vindt niemand bevredigend. Zonder af te willen doen aan hun daadkracht: geschiedenis bestaat niet uit het lichaam dat je tegen je aangedrukt voelt; het bestaat niet uit de schor geschreeuwde stem.

Er zijn geen overnachtingen meer toegestaan op het Malieveld en in Zuccotti Park, maar Occupy heeft een stem in het publieke debat gekregen. Die stem scandeert niet luid ‘We are the 99%!’, maar beïnvloedt subtiel hoe we praten over bankiers, bedrijven en ‘wat deugt’.

Occupy wordt met ferme taal in ons geheugen gegrift. Het tijdschrift Time riep ‘The Protestor’ uit tot persoon van het jaar, de jongeren van het Tahrirplein worden aangeduid als revolutionairen.

Begrippen die volkomen loos zijn, ware het niet dat we ze voortdurend gebruiken.

De New York Times publiceert nog steeds over Occupy, Tegenlicht maakt een documentaire. Op PowNews wordt van ‘Foccupy!’, ‘occupy-gekkies’ en ‘occupy loosers/loezers’ (sic) gesproken. Mijn sportclub, waar praten over politiek verboden is, houdt een verkleedfeest met als thema ‘Occupy’. Sommigen komen als zwerver, anderen als bankier met krijtstreep en sigaar. Of we het nu wel of niet eens zijn met deze beeldvorming van ons verleden, het behoort tot ons collectief geheugen.

Haast revolutionair zijn de plannen van Obama om de rijken belasting te laten betalen (‘Millionaires pay less than the poor.’). Emile Roemer stijgt in de peilingen. Rutte is ‘de spreekstalmeester van de Miljonair Fair’.Niet de islam is het kwaad, maar de gierige bovenlaag.

Trompetten schalden, vlaggen zwierden en de zon ging langzaam onder. De mars richting Wall Street was een feestelijke optocht. Wanneer we niet woedend schreeuwden, dansten we. Ik omhelsde een oudere vrouw. Mijn verhitte voorhoofd rustte in haar grijze kroeshaar. ‘We’re making a change,’ fluisterde ze in mijn oor, terwijl het muziek en geschreeuw om ons heen nog luider werd. Ik glimlachte en even dacht ik dat het mogelijk was: making history. Maar de volgende dag sloeg ik de krant open en las ik een ander verhaal dan het mijne. Mijn huisgenoot, die niet naar de mars was geweest, moest lachen, zoveel stelde dat hele Occupy toch niet voor? Tot hij even later op Twitter keek: ‘Wow, wat jij gister hebt meegemaakt is echt groots: het is trending topic!’.

De macht van het woord is beperkend en bevrijdend tegelijk. Occupy floreert als woord – zelfs nu Zuccotti Park er verlaten bij ligt. Daarom zou ik zo weer de barricades opgaan. Niet om er lang te blijven, wel omdat anderen er vervolgens over schrijven. We’re talking of change – en misschien is dat genoeg.