Alleen wie fit blijft kan terugkeren als topzwemmer

Veel oud-zwemkampioenen proberen zich te plaatsen voor de Spelen. De comeback van Ian Thorpe mislukte. „Het is funest als je gedurende langere tijd je fitheid verliest.”

Marleen Veldhuis bij het inzwemmen voor haar race op de 100 meter vrij in Amsterdam. Foto Bas Czerwinski

De zwembond van Australië had geprobeerd er nog wat van te maken op zijn website: ‘Thorpedo succesvol gelanceerd in Adelaide’. Het leek ook zo’n mooi sprookje: Ian Thorpe, vijfvoudig olympisch kampioen, keert na vijf jaar afwezigheid terug op de Olympische Spelen.

Maar het sprookje eindigde afgelopen weekend in Adelaide „in een nachtmerrie”, zoals de oude olympische strijdmakker van Pieter van den Hoogenband (Sydney 2000, Athene 2004) het formuleerde. Tijdens de Australische trials moest Thorpe (29) concluderen dat de zwemwereld niet heeft stilgezeten: twaalfde op de 200 meter vrije slag, 21ste op de 100 vrij.

Bij elke Spelen zijn er wel een paar die het proberen. Zwemicoon Mark Spitz, zevenvoudig kampioen van München (1972), deed twintig jaar na dato als 42-jarige een – vergeefse – poging ‘Barcelona’ (1992) te halen.

Maar dit keer lijkt het wel of een groep olympisch kampioenen een geheime reünie in Londen heeft gepland: de Amerikaanse Janet Evans (40), winnares van viermaal goud in 1988 (Seoul) en 1992, haar tien jaar jongere landgenoten Anthony Ervin, veteraan van 2000, en Brendan Hansen, kampioen in 2004 (Athene) en 2008 (Peking). In Frankrijk meldde de jonge moeder Laure Manaudou (25) zich weer op de training, in Australië kregen Libby Trickett (27), Michael Klim (34) en Leisel Jones (26) last van olympische kriebels.

„Het aantal comebacks is bizar”, zegt Martin Truijens, hoofdcoach van het Nationaal Zweminstituut Amsterdam. „Voor sommigen is de tijd gewoon te kort, zoals bij Thorpe. Aan zijn lijf kon je zien dat er ook wat was gebeurd, in die vijf jaar. Ik zag hem in december zwemmen in Riccione, in Italië. Hij was gewoon niet fit – te veel kilo’s. Hij had minstens een half jaar langer moeten trainen. Misschien was hij een beetje naïef. Je zwemt niet zomaar je oude persoonlijke records, waarvoor je jaren en jaren in het water hebt gelegen.”

Coach Marcel Wouda (40), de enige Nederlandse zwemmer die ooit wereldkampioen werd (1998), heeft veel begrip voor alle ‘comeback-kids’. „Als ik met mijn zwemmers meetrain kan ik ze een stukje bijhouden. Soms versla ik ze zelfs. Je hebt al snel het idee dat je nog heel wat kan. Ik heb ook weleens gedacht: als ik een jaar vooraf begin, heb ik een kans.”

Cruciaal is de levensstijl die een sporter er op nahoudt nadat hij de topsport vaarwel heeft gezegd. „Het lichaam is heel plastisch: als je je spieren niet meer gebruikt gaan ze krimpen”, zegt hoofdcoach Truijens, tevens bewegingswetenschapper. „Als je je hart het bloed niet meer zo vaak laat rondpompen heeft het ook geen zin meer dat hele netwerk aan bloedvaten in stand te houden. Dat brokkelt langzaam af.”

Juist sporters die aan de top hebben gestaan, zoals Thorpe of Spitz, komen relatief snel weer op een aardig niveau, zegt Wouda. Maar de stap naar de wereldtop is enorm. „En het is funest als je gedurende langere tijd je fitheid verliest, zoals Thorpe.”

Bovendien zit de rest van de wereld niet stil. Een wereldsport als zwemmen ontwikkelt snel. Truijens: „Als je in 2004 op de 200 vrij 1.44 minuut zwom, wat alleen Thorpe en Van den Hoogenband konden, was je zeker van goud of zilver. Bij de WK vorig jaar zwommen de eerste vijf 1.44.” Volgens Truijens liggen de prestaties door de verdere professionalisering nu dicht bij elkaar.

Maar als een sporter erin slaagt fit te blijven, hoeft leeftijd geen beletsel te zijn. De Amerikaanse Dara Torres bewijst dat al jaren: 44 jaar oud, moeder, en in de race voor haar zesde Spelen. Als 41-jarige won ze in Peking driemaal zilver. Ze schreef er een bestseller over: Age is just a number.

Torres is een voorbeeld voor Marleen Veldhuis (32), die in 2010 beviel van een dochter en in Londen ‘gewoon’ weer van de partij zal zijn met de andere Golden Girls van de Nederlandse ploeg. Maar Veldhuis onderbrak haar leven als topsporter nauwelijks. Tot twee dagen voor de bevalling zwom ze door. Twee jaar later staat ze weer aan de wereldtop. „Wat er met Marleen gebeurt is heel bijzonder’’, vindt Truijens. „Ik vind haar beter dan ooit. Ze is gefocust.”

Voor Thorpe liep de comeback uit op een deceptie. Doodzonde, vindt Truijens. „Ik had eerst in alle stilte twee jaar getraind. Als je zo’n grote kampioen bent, wil je toch alleen terugkomen om te winnen? Maar de stadions zaten wel weer vol.”

Thorpe zelf leerde een belangrijke levensles. Hoewel hij in Adelaide de grootste nederlaag van zijn loopbaan incasseerde, heeft hij nu meer plezier in zwemmen dan toen hij in 2006 als grootste Australische olympiër aller tijden stopte. „Het is gek”, zei Thorpe in de Sydney Morning Herald. „Je kunt geweldig veel succes hebben, maar er geen plezier aan beleven; terwijl ik hier bitter teleurgesteld ben, maar wel lol beleef aan wat ik doe.”

Thorpedo zal dan ook doorgaan met zwemmen, kondigde hij aan. Met de WK langebaan van 2013 als doel.